20191021 — maandag

Man in rouw

Het is bij­na inti­mi­de­rend hoe dwin­gend Cave met­een de aan­dacht opeist, en het onmo­ge­lijk maakt tij­dens het luis­te­ren met ook maar iets anders bezig te zijn dan dat.
[Leon Ver­don­schot in De Groe­ne]

Ik luis­ter naar Gho­steen, het nieu­we album van Nick Cave. En het klopt wat Leon Ver­don­schot schrijft in zijn recen­sie Man in rouw. Cave eist alle aan­dacht op. Ruim een uur onder­ga ik de bezwe­ren­de muziek die me haast lijkt te hyp­no­ti­se­ren ter­wijl ik alles om me heen ver­geet. Zelfs als je, zoals in mijn geval, wei­nig tot niets weet van het dra­ma dat (vol­gens de ken­ners) ten grond­slag ligt aan dit album is het een over­don­de­ren­de erva­ring wan­neer je het voor de eer­ste keer hoort. Ik heb maar half mee­ge­kre­gen waar de tek­sten over gin­gen, en meest­al doe ik daar in het begin ook geen moei­te voor. Het waren voor­al de vreem­de melo­die­ën die me in de greep hiel­den om te blij­ven luis­te­ren waar­bij de stem van Nick Cave (in veel geval­len was het meer ver­tel­len dan zin­gen) een extra instru­ment vorm­de. Voor­lo­pig blijft dit album in de repeat-stand, mits ik niets anders te doen heb.

~ ~ ~

Tuinieren

Na de lunch werd het tijd om wal­no­ten te gaan rapen. De boom is niet geheel ver­lost van al haar vruch­ten dus moe­ten we regel­ma­tig met een emmer een rond­je door de tuin maken om de wal­no­ten te ver­za­me­len (en uit hun schil te halen) omdat ze anders maar lig­gen te rot­ten. Het zijn er name­lijk veel te veel voor de ver­schil­len­de vogels (en rat­ten!) die er ook ver­zot op zijn. Toen ik hier­mee bezig was besef­te ik tevens dat het hoog­no­dig was om met de gras­hark de enor­me hoe­veel­heid neer­ge­val­len bla­de­ren bij elkaar te har­ken. Hoe­wel de bomen nog steeds met een prach­tig gekleurd herfst­bla­der­dek zijn getooid ligt er toch al een flin­ke laag op het gras. In de tuin kan dat niet zoveel kwaad, op het gras moet het ech­ter ver­wij­derd wor­den.

Twee uur­tjes ver­der was ik klaar met het oprui­men van de erg­ste bla­der­zooi. Voor­dat ik aan een vol­gen­de taak op mijn to-do lijst­je zou gaan begin­nen besloot ik eerst wat foto’s te maken van de diver­se pad­de­stoe­len die ik al doen­de gezien had. Hier komen ze. Op de eer­ste foto zie je een bos­je pad­de­stoe­len op een oude boom­stronk, de ande­re twee foto’s laten de door­snee huis‑, tuin- en keu­ken­pad­de­stoe­len zien.

~ ~ ~

20191020 — zondag

Mijlpaal

Na ruim twee maan­den voor­zich­ti­ge toe­na­de­ring is het gis­ter voor het eerst gelukt Oskar de zwerf­kat te aai­en. Nou ja, aai­en is mis­schien nog een te groot woord. Laten we zeg­gen dat hij aan­ge­raakt kan wor­den ter­wijl we zijn bak­je eten klaar zet­ten. Hij is daar inmid­dels zo ver­trouwd mee geraakt dat hij niet meer schrikt van een onver­wach­te bewe­ging. Zo lang we maar tegen hem blij­ven pra­ten lijkt hij alles goed te vin­den. En zo luk­te het dus deze och­tend om het bak­je vast te blij­ven hou­den ter­wijl hij er al uit begon te eten zodat ik met mijn duim con­tact kon maken zon­der dat hij daar pro­ble­men mee had.

Hier heb ik het bij gela­ten. De komen­de maan­den gaan we het fysie­ke con­tact ver­der uit­brei­den. Alles natuur­lijk met weder­zijd­se toe­stem­ming en op z’n tijd.

Weak-kneed

But I’m not very good at giving peo­p­le order­ly expla­na­ti­ons of things. [p.121]

Ik lees The Wind-up Bird Chro­ni­cle van Haruki Mura­kami. De dag voor­dat ik naar Cluj zou ver­trek­ken besloot ik op het laat­ste moment niet Gödel, Escher, Bach mee te nemen maar een iets vlot­ter lezen­de roman. Dat bleek geen slecht idee. Veel tijd om te lezen had ik niet en de spaar­za­me momen­ten die ik wel had kon ik met het boek van Mura­kami ont­span­nen­der door­bren­gen dan ik waar­schijn­lijk had kun­nen doen met het com­plexe werk van Hof­stad­ter. Alleen na terug­komst is het moei­lijk scha­ke­len. Lie­ver lees ik nog een tijd­je ver­der in ‘the wind-up bird’, want Mura­kami heeft me weer eens ouder­wets te pak­ken. Waren tot nu toe Nor­we­gi­an Wood en 1q84 mijn favo­rie­te titels, nu al kan ik daar The Wind-up Bird Chro­ni­cle zon­der het hele­maal uit­ge­le­zen te heb­ben aan toe­voe­gen.

De oor­spron­ke­lij­ke ver­sie in het Japans is gepu­bli­ceerd als drie los­se delen in de peri­o­de ’94-’95 en veel thema’s zijn her­ken­baar van eer­de­re (en late­re) romans zon­der dat dit gaat ver­ve­len of over­komt als een her­ha­ling van zet­ten: coming of age, zelf­moord, vriend­schap, jeug­di­ge onze­ker­heid, ver­krach­ting, een onbe­sten­dig altijd aan­we­zi­ging drei­ging van gevaar zon­der dat dui­de­lijk is waar het van­daan komt, en dat alles in een gebied waar­van nooit echt dui­de­lijk wordt waar de scheids­lijn is tus­sen rea­li­teit en droom (of fantasie/mystiek). Het zijn gro­te uni­ver­se­le thema’s die het ver­die­nen om keer op keer verder/anders uit­ge­diept te wor­den.

En op iede­re blad­zij­de staat wel een zin die me treft als een aha-moment en/of die eruit springt door de pure schoon­heid van de taal of ach­ter­lig­gen­de gedach­te. De ach­ter­flap laat een aan­be­ve­ling zien die komt uit The Inde­pen­dent on Sun­day waar ik het roe­rend mee eens ben: ‘How does Mura­kami mana­ge to make poe­try whi­le wri­ting of con­tem­po­ra­ry life and emo­ti­ons? I am weak-kneed with admi­ra­ti­on.’

~ ~ ~

20191010 — donderdag

Kamernummer

Van­och­tend na het ont­bijt moest ik opnieuw zoe­ken naar mijn hotel­ka­mer. Ik wist dat het op de eer­ste eta­ge was en ook aan de lin­ker­kant, maar ook nu liep ik er in eer­ste instan­tie aan voor­bij net zoals gis­ter­avond. Gewend als ik ben om naar een bord­je met het kamer­num­mer te zoe­ken (in dit geval 105) zie ik die nieu­wer­wet­se lamp­ka­mer­num­mers over het hoofd, hoe groot ze dan ook mogen zijn.

Room with a view — herkansing

Gis­ter­avond luk­te het niet echt, daar­om nu een nieu­we poging mijn gewel­di­ge uit­zicht vast te leg­gen. Inmid­dels heb ik gehoord van mijn col­le­ga dat hij op de vier­de ver­die­ping een adem­be­ne­mend uit­zicht heeft over het park, de rivier en de heu­vels aan de over­kant. Dus mis­schien is het beter dat ik een dezer dagen een kijkje/kiekje bij hem ga nemen. Voor­lo­pig zul je het met mijn uit­zicht moe­ten doen.

~ ~ ~

20191009 — woensdag

Room with a view

Voor­dat ik ging sla­pen bedacht ik me dat het mis­schien wel leuk zou zijn om nog snel even een foto te maken van het uit­zicht van­uit mijn hotel­ka­mer. Dat viel zoals gewoon­lijk weer eens goed tegen. Niet alleen was er niet zo heel veel te zien, ook het raam kon alleen maar op een kier­tje in de kan­tel­stand open dus een fat­soen­lij­ke foto maken luk­te me niet. Mis­schien was ik ook wel te moe na een lan­ge dag. Hoe dan ook, hier is wat ik zag. Mor­gen pro­beer ik een bete­re foto te maken die meer recht doet aan het niet al te spec­ta­cu­lai­re uit­zicht.

~ ~ ~

20191008 — dinsdag

Rondje

Mor­gen­och­tend ver­trek ik voor een week­je naar Cluj. Van­daag heb ik een dag­je vrij. M’n kof­fer is al zo goed als gepakt dus tijd genoeg om een rond­je te gaan ren­nen want afge­lo­pen zon­dag is het er niet van geko­men. Het weer is voor mij per­fect. Geen zon, niet te warm en wei­nig wind. Ook deze keer kies ik er weer voor om in plaats van vijf kilo­me­ter in één ruk te lopen een soort van inter­val­trai­ning te doen. Op dit moment, met mijn hui­di­ge con­di­tie voelt dat fij­ner aan. Ik kan er voor kie­zen om een bepaal­de afstand (bv 1 of 1,5 kilo­me­ter) snel te lopen en dan even tot rust te komen voor­dat ik opnieuw wat snel­ler ga.

Vol­gen­de week woens­dag vlieg ik weer terug en dan op zon­dag staat er een trail­run van 16 km gepland. Ik denk niet dat ik er aan toe ben, zelfs als ik komend week­end in Cluj er aan toe kom een rond­je te gaan trai­nen. Laat ik mezelf niet voor de gek hou­den en voor­als­nog rus­tig aan doen en mijn con­di­tie gaan­de­weg weer opbou­wen zon­der de boel te for­ce­ren.

~ ~ ~