Waarom zou ik?

Deze blog­post is deel 1 van 14 in de serie De Reünie

Hé, hoe laat ga jij vol­gende week naar het Ein­dex­a­m­en­feest?”
Ik schrik van de stem achter me en laat het fietssleutelt­je op de grond vallen. Het stu­itert een paar keer om uitein­delijk bij de voor­band te bli­jven liggen.

Verder voorover bukkend probeer ik het sleutelt­je op te pakken. De schoud­er­tas voel ik langza­am ver­schuiv­en. Door mijn hoofd spo­ken aller­lei gedacht­en. Mezelf al bij­na volledig over­tu­igd dat ik niet naar het feest zal gaan, wordt er toch weer twi­jfel geza­aid om alles nog eens te herover­we­gen. Wat zal ik gaan antwo­or­den, nu het mij ein­delijk eens per­soon­lijk gevraagd wordt?
Zon­der dat ik pre­cies weet wat ik ga zeggen kom ik omhoog uit m’n gebo­gen houd­ing en draai me om. Benieuwd naar mijn eigen reac­tie.
Er staat nie­mand achter me.

Om me heen kijk­end zie ik een klasgenoot een stuk­je verderop lopen, richt­ing een andere klasgenoot.
De schoud­er­tas gli­jdt nu langs mijn bove­n­arm omlaag en valt op de grond. Er rollen wat spullen uit. Het fietssleutelt­je heb ik nog steeds ste­vig in mijn link­er­hand.
Het duurt even voor­dat ik besloten heb wat eerst te doen. Fiets van het slot halen of tas en spullen oprapen. Die tijd heb ik nodig om mezelf te hervin­den. Te her­stellen van de korte euforie met daar­na de doffe dre­un van de teleurstelling.

Met mijn fiets aan de hand loop ik wat lat­er de fiet­sen­stalling uit. Op het school­plein bli­jf ik staan en kijk om me heen. De meeste leer­lin­gen zijn vertrokken. Her en der staan nog wat kleine groep­jes. Ondo­or­dring­baar ges­loten krin­gen. Soms voel ik me een flip­per­bal wan­neer ik tij­dens de pauze van cirkel naar cirkel beweeg maar ner­gens echt opgenomen wordt.
Van­daag ga ik geen nieuwe poging wagen. Waarom zou ik? Het is nog slechts een kwest­ie van tijd voor­dat ik hier weg ben. Nie­mand zal me mis­sen.

Alleen nog dat ein­dex­a­m­en­feest.
Zou zij komen? Natu­urlijk, zij wel.
Maar wat dan nog? Hoe vaak heb ik niet de kans gehad om haar aan te spreken? Iets te onderne­men? Vaak. En even zo vele keren heb ik de kans voor­bij lat­en gaan. Waarom zou dat nu anders gaan lopen?

Bij de uit­gang van het school­plein zie ik enkele klasgenoten op de fiets vertrekken. Een moment over­weeg ik om snel op de fiets te sprin­gen en me bij hen aan te sluiten. Bij­na gelijk­ti­jdig vraag ik me af waarom dat een goed idee zou zijn. Ik kijk ze na hoe ze de straat uitri­j­den. Nie­mand kijkt om.

Bij het avon­de­ten lat­er die dag vraagt moed­er hoe de schooldag ver­lopen is. Ik haal mijn schoud­ers op. Ze stopt even met het eten geven aan mijn oud­ere broer om me aan te kun­nen kijken. Zwi­j­gend staar ik naar mijn bord.

Nog lat­er die avond, wan­neer ik in bed lig, weet ik het bij­na zek­er. Voor mij geen exa­m­en­feest. Er valt niet veel te vieren, dus waarom zou ik?
Ik kan maar één reden bedenken om toch te gaan.

Nu, licht­jaren lat­er, staar ik naar de enveloppe met daarin de uitn­odig­ing voor een reünie. Op de enveloppe staat het adres van mijn oud­ers. Die hebben ver­vol­gens de uitn­odig­ing doorges­tu­urd naar mij.
Met het ope­nen van de brief, zo’n half uur gele­den alweer, stroomde het verleden de huiskamer bin­nen. Namen, gezicht­en, gebeurtenis­sen die ik dacht ver­geten te zijn, ver­duis­teren als donkere stofdeelt­jes de zon­ver­lichte ruimte. Ik was even daar. Of was het verleden hier?
Veel van wat ik zag maak­te me niet echt gelukkig.

De besliss­ing om naar de reünie te gaan was dan ook al bij­na genomen. Waarom zou ik?
Er was echter één prob­leem.
Eén goede reden om toch te gaan.
De uitn­odig­ing was geschreven door haar.

~ ~ ~

Geschreven voor De Reünie

Voor de volledigheid:
Ik is niet Peter.
Hans is Ik.
Fic­tief is Hans.

~ ~ ~

Series Nav­i­ga­tionRoulette »