Twee over zeven

Hij kijkt op zijn hor­loge. Het is twee over zeven. Er dri­jven flar­den mist over het per­ron.

Wat was er mis­ge­gaan? Hij had alle han­delin­gen tot in den treure thuis doorgenomen. Wist zek­er dat hij niets had overges­la­gen. Of in foutieve vol­go­rde had uit­gevo­erd.

Hij kijkt op zijn hor­loge. Twee over zeven. In de verte hoort hij mensen hun fiets stallen. Auto’s wor­den gepar­keerd of stop­pen kort om een pas­sagi­er uit te lat­en stap­pen. De trein zal bin­nenko­rt het sta­tion bin­nen­ri­j­den. Dat moet dan de trein van zes voor half acht zijn.

Alle werkda­gen staat hij hier stipt om zeven uur te wacht­en op de trein van vier over zeven. Voor een rit­je naar Nijmegen. En dan ’s avonds weer terug. Niets bij­zon­ders. Tot die mooie dins­dag vele maan­den gele­den. Op die dag ver­scheen daar vanu­it het niets een beval­lige ver­schi­jn­ing. Hij was meteen ver­liefd.
Elke dag bleef ze trouw ver­schi­j­nen. Om alti­jd op dezelfde plek op de trein te wacht­en. Slechts enkele meters van hem van­daan. Waar hij als ver­steend voor zich uit bli­jft staren. Te ver­legen om haar aan te kijken.

Hij kijkt op zijn hor­loge. Twee over zeven. Een trein is gestopt. Heeft mensen de kans gegeven om uit en in te stap­pen. Mensen zijn hem voor­bij gelopen zon­der hem een blik waardig te gun­nen. Zon­der hem aan te spreken. Wat dat betre­ft is er niet veel veran­derd.

Zo gin­gen maan­den voor­bij. Tot­dat hij ’s avonds al sur­fend op een onder­w­erp stuitte wat hem niet meer losli­et. Hier­na had hij zich verder verdiept in de vele the­o­rieën die over het onder­w­erp beston­den. En had naar zijn gevoel tij­dens een door­waak­te nacht plot­sel­ing de sleu­tel, de for­mule gevon­den die het mogelijk zou mak­en. Een com­bi­natie van occulte ken­nis en mod­erne weten­schap. De vol­gende dagen had hij vrij genomen en alle tijd gestopt in het bew­erken van zijn hor­loge en het oefe­nen van de juiste artic­u­latie.
Van­daag zou hij het toepassen. Zodat hij haar ein­delijk op zijn gemak volledig kon bewon­deren. Van top tot teen zou kun­nen opne­men. Ongesto­ord. Onbeschaamd.

Hij kijkt op zijn hor­loge het is drie voor zeven. Eerder dan nor­maal staat hij op zijn vaste plek op het per­ron.
Zeven uur. Daar komt ze aan­gelopen.
Eén min­u­ut over zeven. Ze staat een kleine twee meter van hem van­daan.
Twee over zeven. Met de ogen dicht pre­v­elt hij de duiv­else taal. Opent dan zijn ogen, kijkt op zijn hor­loge en drukt tegelijk­er­ti­jd de drie door hem aange­brachte knop­jes in.
Er klinkt een luide klik. Alleen voor hem hoor­baar.
Twee minuten lat­er arriveert de trein stipt op tijd. Iedereen stapt in, maar hij bli­jft staan. Gecon­cen­treerd kijk­end naar zijn hor­loge. Deze scene zal zich die ocht­end nog her­haaldelijk afspe­len.

De zon heeft inmid­dels de mist allang ver­dreven. Het is lekker warm gewor­den op het per­ron. Hij kijkt op zijn hor­loge. Het is twee over zeven.
OK, het was hem gelukt de tijd stil te zetten. Maar hij had het zich toch anders voorgesteld.

~ ~ ~

Tags

(all tags)

Tweets