Van mij

Roer­loos als een havik loerend naar een prooi hangt de scherpe punt enkele mil­lime­ters boven het huidopper­vlak. Poriën staan nietsver­moe­dend uitn­odi­gend open. Licht­blonde don­shaart­jes rak­en gehyp­no­tiseerd door het sta­tisch veld en strekken zich uit naar boven. Haast teleurgesteld zakken ze weer in, wan­neer alsnog de punt een beet­je naar links beweegt. Een betere posi­tie aan­neemt. Wach­t­end op het juiste moment.

Gecon­cen­treerd zoekt Eric naar de juiste plek om te begin­nen. Hij weet dat het moeil­ijk, zoni­et onmo­gelijk is nog te cor­rigeren wan­neer de eerste aanzet niet goed is. Dan wordt het een smeer­boel.
Plot­sel­ing zelfverzek­erd van zichzelf stoot hij res­olu­ut het koele staal in het wijk­ende vlees. Zoals zo vaak heeft Eric de fysieke gewaar­word­ing dat wan­neer het verzet breekt hij dit kan voe­len in zijn vinger­top­pen. Een lichte elek­trische schok die door zijn lichaam trekt. De over­gave. Het zich eigen mak­en. Toe-eige­nen van ander­mans lichaam.
Een drup­pel bloed welt op. Hij likt zijn lip­pen.
Ver­sto­ord door een gelu­id van buiten kijkt Eric op van zijn werk. Een vracht­wa­gen die met veel kabaal door de straat rijdt. Onder zich voelt hij hoe de vrouw zich uit haar benarde posi­tie probeert te bevri­j­den. Hij zet wat meer druk met bei­de knieën en laat zich wat verder voorover zakken. Een zachte bries door het open raam doet zijn bezwete rug verkillen. Als het weer stil is kijkt Eric naar zijn vorderin­gen. Hij is bij­na klaar.

Schuin achter Moniek staat hij. Zijn han­den heeft hij gebald tot vuis­ten. Het lief­st zou hij ze rond haar hals leggen en die langza­am dichtkni­jpen. Dit als straf voor het waarde­loze voors­tel om een keert­je naar het zwem­bad te gaan. Hoe had hij kun­nen instem­men?
Over haar schoud­er kijkt hij geërg­erd naar de lange rij die schuife­lend in een traag tem­po zich richt­ing de gli­jbaan voort­be­weegt. Vol afschuw overzi­et hij de vele slappe bleke lijven. Zelfs de aller­jong­sten schamen zich niet voor hun vetk­wabben. Zie ze daar staan op die trap, de losers. Opge­won­den joe­lend voor­dat ze in de donkere tun­nel verd­wi­j­nen.
Hij kri­jgt een visioen van de gli­jbaan als een enorme gehak­t­molen waar het min­der­waardi­ge vlees in ver­w­erkt wordt. Om bene­den als gehakt uit­ge­spuwd te wor­den in een poel van donker­rood schuimend bloed. Hoe heer­lijk zou het zijn daar een duik in te kun­nen mak­en. Dri­jvend in een lauwwarme soep van ver­malen vlees en bot­ten. Dikke smur­rie die als nat­te slierten zeewier tussen de vingers gli­jdt. Onbe­wogen kijkt hij toe als som­mi­gen uit de rij proberen te vlucht­en. Glib­berend over de nat­te tegelvlo­er ren­nen ze richt­ing uit­gang maar wor­den genade­loos door de bewak­ers het bad in ges­la­gen. Proes­tend komen ze boven water. Daar­na kokhalzend wan­neer ze besef­fen wat ze hebben bin­nengekre­gen. Gorge­lende gelu­iden wan­neer een haak in hun hals verd­wi­jnt en ze weer op het droge wor­den getrokken. De paniek slaat over op de wach­t­ende menigte. Het gegil is oorver­dovend.
“Hé, loop eens door, eikel!”
Voor­dat Eric zich om kan draaien, ver­vol­gt de stem:
“Als je niet durft, pussy, move dan een fuck­ing eind op. Kun­nen wij verder.”
Ver­baasd kijkt Eric de jonge­man aan die hem nu passeert, en met zijn vriendin aan de hand vóór Moniek in de rij gaat staan.
Eric voelt dat Moniek wat dichter tegen hem aan gaat staan. Hij hoort haar sussende woord­jes uit­spreken. Bang dat ze is, dat hij een scene gaat mak­en. Maar hij is zich niet bewust van de beledigin­gen aan zijn adres. Hij heeft alleen maar oog voor het meis­je aan de hand van de opgeschoten slun­gel. Bei­den zijn rijke­lijk ver­sierd met tatoeages. Echter twee sprin­gen er voor hem uit. Tussen haar schoud­erbladen staat met zwierige let­ters ‘Made in Hol­land’. En boven haar billen in een iets kleinere let­ter ‘Eigen­dom van Wes­ley’. Een erec­tie zwelt op in zijn box­er­short.

Een aan­tal dagen lat­er sluit hij de deur van hun rijt­jeshuis. In het zwem­bad was het niet moeil­ijk geweest om te zien welk kluis­num­mer het sleutelt­je had dat ze aan haar pols droeg. Zon­der moeite had hij lat­er die mid­dag het kluis­je open gekre­gen en het huisadres achter­haald.
Nu wan­delt hij in het donker van de nacht op zijn gemak terug naar waar hij de auto eerder heeft achterge­lat­en. In de tas die hij draagt zit­ten twee bloed­erige lap­pen. Zorgvuldig had hij ze uit­gesne­den. Daar­na had hij er nieuwe stukken vel voor in de plaats genaaid. Zo kon ze weer met een schone lei begin­nen, mocht ze weten te her­stellen. Wes­ley had geen bezwaar gemaakt.

Sinds die tijd was zijn fas­ci­natie alleen maar grot­er gewor­den voor de in zijn ogen meest sim­pele manier om ander­mans lichaam te claimen. Door het er gewoon op te tatoeëren. Waarom had hij hier niet eerder aan gedacht? Meteen had hij de ben­odigde instru­menten aangeschaft. Bij zijn Moniek had hij kun­nen exper­i­menteren. Ruimte genoeg. Voor­lop­ig had hij zich beperkt tot een­voudi­ge voorstellin­gen die hij op inter­net gevon­den had. Hij had het snel in de vingers.
Maar hij brak zijn hoofd over een passende tekst die hij op zijn slachtof­fers kon achter­lat­en. Zijn eigen naam was uit­ges­loten. En een alter vond hij hele­maal niets. Uitein­delijk was ook hier de oploss­ing sub­liem in een­voud: ‘Van mij’.
Een slachtof­fer had hij snel op het oog. Maar toen, mid­den in de voor­berei­din­gen, had de komst van Sofie zijn wereld op de kop gezet en de plan­nen com­pleet doen wijzi­gen.

Het con­tact op afs­tand met Sofie had hem ver­rast. Snel werd duidelijk dat Sofie meer dan alleen een ser­i­al groupie was, ze had ook daad­w­erke­lijk de smaak van het moor­den te pakken. Mee­do­gen­loos had ze zijn opdracht­en uit­gevo­erd. De foto’s die hij kreeg doorges­tu­urd van haar laat­ste proeve van bek­waamheid had­den hem op een idee gebracht.

Van­daag was het zover. ’s Mid­dags had hij zich teruggetrokken op zijn studeerkamer. De ingeli­jste tek­sten die boven zijn bureau hin­gen gaven hem ook nu weer de juiste inspi­ratie. Na een laat­ste rou­tinecheck kon het ben­odigde gereed­schap ingepakt wor­den. Daar­na nam hij een koude douche.
Stipt om zeven uur betrad hij de slaap­kamer. Zon­der haast te mak­en ont­deed hij zich van zijn kled­ing. Pak­te de spullen uit de tas en ging toen schri­jlings over de vrouw zit­ten die op haar buik op bed lag. Nadat hij over­tu­igd was van de juiste plek begon hij met zijn werk.

Een voor­bij dav­erende vracht­wa­gen haalt hem slechts korte tijd uit zijn con­cen­tratie. Hij is bij­na klaar. Met vaste hand dirigeert hij de naald in juiste banen. De let­ters geeft hij zwierige krullen mee. Iets wat hij pas onlangs heeft geleerd. Tevre­den bek­ijkt hij het resul­taat.
Twee woor­den om aan te geven dat dit lichaam van eige­naar ver­wis­seld is.

Hij pakt de cam­era en maakt een foto van de tekst. Daar­na nog een­t­je, maar dan zon­der flits, zodat de tekst beter te lezen is. Een laat­ste foto van iet­wat meer afs­tand, zodat ook het gezicht van de vrouw goed te zien is. Daar­na verzendt hij de foto’s en de nieuwe opdracht naar het adres wat alleen bij Sofie en hem bek­end is.

Uit­geput laat hij zich achterover op bed vallen. Tevre­den met zichzelf kan hij niet nalat­en zacht­jes te grin­niken. Ein­delijk heeft hij een veilige manier gevon­den om zich van die irri­tante zeug te ont­doen. Gek wordt hij de laat­ste tijd van haar. Zie ze daar nu staan draaien voor de spiegel om te kun­nen lezen wat er in haar nek staat. Nee, lenig is ze niet. Dom wel.
Onwe­tend dat hij haar op een pre­sen­teerblaad­je heeft aange­bo­den. Bin­nenko­rt zal haar lot bezegeld wor­den, ter­wi­jl hij zichzelf een ali­bi zal ver­schaf­fen. Geni­aal. Hij moet er nog hard­er om lachen.
Moniek kijkt hem wan­hopig aan. “Wat staat er nu pre­cies, Eric? Ik
kan het niet goed zien. Het lijkt wel of er ‘Voor jou’ staat. Klopt dat?”
“Klopt.”
“Maar hoe­zo? Ik begri­jp het niet.”
“Geeft niets,” zegt Eric ter­wi­jl hij opges­taan is en Moniek terug naar het bed trekt. “Dat komt nog wel.” Ruw werkt hij zich bij haar naar bin­nen. De let­ters begin­nen te dansen voor zijn ogen.

~ ~ ~

Dit is het directe ver­volg op Jolkas The first cut.
Met in de hoof­drol Eric, onze sym­pa­thieke seriemo­or­de­naar die inmid­dels al in vele blogs zijn opwacht­ing heeft gemaakt. Elk deel kan op zichzelf gelezen wor­den.

~ ~ ~