Ken je buurman

Op een avond wordt er bij je aan­ge­beld. Ver­stoord kijk je op van de bezig­he­den waar­mee je jezelf onle­dig hield (vul hier je favo­rie­te bezig­heid in, en liefst een­tje waar­bij je niet gestoord wil wor­den, zodat je in de juis­te stem­ming komt). Je besluit de bel de bel te laten en door te gaan met je favo­rie­te bezig­heid (ten­slot­te zat je net lek­ker in een flow). Maar de aan­hou­der blijft bel­len (want uit­ein­de­lijk ga je toch open­doen en heeft hij gewon­nen) zodat je uit­ein­de­lijk toch gaat open­doen (zie je wel!).

Aan de deur staat iemand die je vage­lijk her­kent (maar dat laat je niet mer­ken, want je bent nu van plan om in ieder geval dit opont­houd kort te laten duren). Het blijkt een buurt­be­wo­ner te zijn (Hoe­ra, daar zat je echt op te wach­ten). Hij stelt zich­zelf voor, want jul­lie ken­nen elkaar niet zo goed (moet dat dan?). Kor­ze­lig geef je ant­woord (ter­wijl onder­tus­sen de flow lang­zaam een stro­pe­ri­ge mod­der­stroom is ver­wor­den).

Net op het moment dat je het gesprek (zeg maar mono­loog) wil onder­bre­ken wordt je over­val­len door het vol­gen­de onwe­zen­lij­ke voor­stel: “Mag ik soms een nacht­je blij­ven sla­pen?” En ter­wijl je een stap opzij doet zodat de nu al meer bevrien­de buurt­be­wo­ner bij je naar bin­nen kan lopen hoor je jezelf zeg­gen “Natuur­lijk! Waar­om ben je nooit eer­der met dit ver­zoek geko­men?”

Lees ver­der in: In the neigh­bor­hood. The search for com­mu­ni­ty on an Ame­ri­can street. One sleep­over at a time. Geschre­ven door Peter Loven­heim. Op de ach­ter­grond hoor ik Eric beves­ti­gen dat het echt zo mak­ke­lijk gaat, soms…

~ ~ ~