Comeback

Het is nog licht wan­neer ik de straat indraai. Er spe­len enke­le kin­de­ren op het  naast­ge­le­gen gras­veld­je. Ze stop­pen en kij­ken nieuws­gie­rig wie daar aan komt rij­den. Een­tje steekt zijn hand op. Zwaait naar mij. Ik aar­zel, maar zwaai dan terug. Een bre­de lach is de belo­ning. Een stuk­je ver­der wil ik par­ke­ren voor haar huis. Er is ech­ter geen plek meer vrij. Lang­zaam rij ik door tot ik wat gevon­den heb. Als ik de motor heb uit­ge­zet blijf ik zit­ten om te zien of er bui­ten de kin­de­ren nog ande­re men­sen op straat zijn. Nie­mand te zien.

Snel stap ik uit en loop met de bloe­men in mijn hand rich­ting haar huis. Inmid­dels gie­ren de zenu­wen door mijn lijf. Niets is er meer over van het geluk­za­li­ge gevoel eer­der deze week. Enkel de gedach­te dat ik van­avond alleen maar kan ver­lie­zen. Doem­den­ken. Net als het weer zo onvoor­spel­baar. Het komt opzet­ten wan­neer ik het het minst kan gebrui­ken. In het klei­ne ruit­je van de voor­deur kijk ik mezelf aan. Zie me staan aan de ande­re kant van de deur. In de hal. Diep haal ik adem. Wil ik dit wel? Onmid­del­lijk een tegen­ge­luid van­uit de hal. Natuur­lijk wil ik dit! Hier heb ik wak­ker van gele­gen. Over gedroomd. Ik bel aan. Zweet loopt in stra­len over mijn rug. Nog één keer kijk ik mezelf aan voor­dat ik mijn ogen sluit.

De deur blijft dicht. Ze heeft zich bedacht. Wil me als­nog niet zien. Logisch. En terecht. In gedach­ten heb ik afge­teld van tien naar nul. Alles is over. Knock-out bij ver­stek in de twee­de ron­de. Ik open mijn ogen om de neder­laag te aan­vaar­den. Pre­cies op tijd om de deur te zien open­gaan.

Hoi!”, zegt ze onwen­nig. “Stond je al lang te wach­ten?” Onver­staan­baar mom­pe­lend over­han­dig ik haar de bloe­men. Schuch­ter. Onhan­dig. Net als die eer­ste keer. We lopen naar de woon­ka­mer en gaan aan de hou­ten tafel zit­ten. Samen gekocht op vakan­tie in Frank­rijk. Niet echt slim want op de heen­weg. Daar­na de hele tijd met dat ding op het dak rond­ge­re­den. Wel veel bekijks gehad. Ik merk dat mijn han­den op zoek gaan naar de onef­fen­he­den in het blad. Ze zoe­ken ver­trouwd ter­rein. Onder­tus­sen praat zij voort­du­rend. Over ons. Wat er alle­maal moet gebeu­ren. Aan­dach­tig luis­ter ik. Lang­zaam komt de rust terug. De twee­de ron­de was toch niet voor­bij. Mijn kan­sen zijn weer geste­gen. Ik leef nog.

Back bro­ke and dan­cing

Cau­se you’re here
Besi­de me
Cau­se you’re here
Cau­se you’re here
Here with me

Back bro­ke and hap­py
Cau­se you’re near
Cau­se you’re near
Nea­rer to me

I came on your com­mand
Don’t give me fal­se hope
I’m back by big demand
Don’t give me fal­se hope

Back bro­ke and smi­ling
Cau­se it’s clear
Cau­se it’s clear
You still want me

I came on your com­mand
Don’t give me fal­se hope
We’re back by big demand
Don’t give us fal­se hope

Back bro­ke and crying
Cau­se it’s near
Cau­se it’s near
Our par­don

~ ~ ~

3 Comments

Comments are closed.