Op fietse

Nadat hij in de och­tend zijn fiets tot in de punt­jes had gepoetst was hij opge­stapt en ver­trok­ken. Zijn vrouw had hem uit­ge­zwaaid. Haast niet zicht­baar ach­ter de gor­dijn­tjes in de keu­ken. Aar­ze­lend had hij ook zijn hand kort opge­sto­ken bij wij­ze van groet. Daar­na richt­te hij zijn blik op het ein­de van de straat en maak­te nog iet­wat onwen­nig een scher­pe bocht naar rechts. Weg van het hem benau­wen­de woon­erf. Niet veel later beklom hij moei­zaam de oprit naar de dijk.

De fiets­tas­sen waren gevuld met brood­jes kaas en een ther­mos­kan kof­fie. Ook had hij gedacht aan een appel. Het weer was heer­lijk. De voor­uit­zich­ten had­den niet gelo­gen. Wei­nig wind en vol­op zon. Hij zoef­de over de dijk ter­wijl de meeu­wen hem soms een stuk­je ach­ter­volg­den. Al snel was hij alle besef van tijd en afstand ver­lo­ren. Met elke kilo­me­ter liet hij meer bal­last ach­ter zich. Vrij­heid kwam er voor in de plaats. Steeds har­der ging hij fiet­sen. Het was niet dui­de­lijk of hij ergens voor op de vlucht was of niet te laat wil­de arri­ve­ren. Wel voel­de hij hoe zijn hart uit­zin­nig tekeer ging. Hij kon de hele wereld aan. Ver­schil­len­de afsla­gen die hij voor­af op de kaart had aan­ge­merkt als moge­lij­ke toe­ris­ti­sche rou­tes terug naar huis liet hij onbe­nut. Zijn blik bleef stand­vas­tig voor­uit gericht. Onder­wijl maal­den zijn benen in een regel­ma­ti­ge cadans het asfalt onder hem voor­bij. Het begon al te sche­me­ren. Al die tijd had hij nog geen pau­ze geno­men. Brood, kof­fie en appel zat onaan­ge­roerd in zijn tas. Tot­dat een bord op de weg hem bruusk deed rem­men. Tot hier en niet ver­der luid­de de bood­schap.

Ver­schei­de­ne minu­ten had hij nodig om dit tot hem te laten door­drin­gen. Het voel­de als een neder­laag. Hij draai­de zich om en voel­de hoe de ster­ke rug­wind die hem tot hier gedra­gen had hem in het gezicht sloeg. Het zicht was niet ver nu de don­ker­te defi­ni­tief was inge­tre­den. Slechts na een hon­derd­tal meters moest hij een twee­de neder­laag incas­se­ren. Pap in de benen. Totaal uit­ge­put was hij. In de berm van de weg geze­ten at hij van zijn brood­jes en dronk gul­zig de kou­de kof­fie. Toen pak­te hij zijn mobiel­tje en bel­de naar huis. Een smoes waar­om hij veel later pas thuis zou komen had hij al ver­zon­nen. Zich laten opha­len zou te ver­ne­de­rend zijn. Berus­tend wacht­te hij op her­nieuw­de krach­ten voor de terug­reis.

~ ~ ~

4 Replies to “Op fietse”

  1. hon­ger­klap, zelfs bij wind mee

    Beantwoorden

  2. ja zo kan het gaan he?
    Een ont­snap­ping naar een ande­re beklem­ming
    leuk Skik ‘s muziek er ff bij

    Beantwoorden

  3. twitter_anneeke 3 april 2013 at 23:39

    De arme man!

    Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *