Weerzien — 1

Sta je al lang te wacht­en?’
Het is de stem van Arjan. Zijn zachte stem die haar alti­jd zo tot rust bracht.
‘Ik was heel even nog wat lekkers gaan halen voor bij de koffie.’
Jes­si­ca voelt hoe de woor­den haar omhelzen. Een niet te stelpen vloed die ons­tu­it­baar door haar poriën naar bin­nen­trekt en haar verkleumde ziel op slag ver­warmt. Wat heeft ze dit gemist. Hem gemist. Het lief­st zou ze zo bli­jven staan. Maar ze draait zich om en kijkt hem een tijd­lang aan voor­dat ze begint te prat­en. ‘Ik heb…’.

Op dat moment trekt een auto bru­usk op en rijdt met hoge snel­heid de straat uit.
Arjan kijkt Jes­si­ca aan. ‘Wat is dat voor een gek om met zo’n vaart door deze buurt te scheuren?’
‘Geen idee’, zegt Jes­si­ca bedu­usd. ‘Ik heb het idee dat deze auto me onder­weg passeerde toen ik in de bus zat op weg naar jou.’
Deze keer kijkt Arjan wat langer naar Jes­si­ca. Dan pakt hij z’n sleu­tels en opent de voordeur. Hij nodigt haar uit om naar bin­nen te gaan. Een­maal bin­nen draait hij de voordeur op het nacht­slot.

Jes­si­ca is bli­jven staan in de kleine hal. Ze snuift de geuren van het huis op. Een kort moment waant ze zich terug in de tijd. Alles voelt meteen weer net zo vertrouwd als ooit.
Als Arjan haar jas aan­pakt draait ze zich om en kust hem zacht op z’n wang. ‘Bedankt’, fluis­tert ze in zijn oor. En loopt dan naar de woonkamer.

Arjan bli­jft met de jas in z’n han­den staan. In ver­war­ring gebracht door de laat­ste vijf minuten.
Op de terug­weg van de bakker had hij Jes­si­ca in eerste instantie niet herk­end zoals ze daar stond te wacht­en voor de deur van zijn huis. De laat­ste keer dat hij haar gezien had was bij de begrafe­nis van haar moed­er, zo’n twee jaar gele­den. Dodelijk ver­moeid door alle romp­slomp ron­dom de uit­vaart en de zor­gen van haar moed­ers’ ziekbed, zag ze er uit­geput en bleek­jes uit. Regel­matig had hij haar moeten onder­s­te­unen tij­dens de dienst.
En nu stond daar plots een hoogst ele­gante, sti­jlvol gek­lede vrouw bij hem op de stoep. In niets te herken­nen als de Jes­si­ca die hij in z’n herin­ner­ing bewaarde.
Aarze­lend was ze hem voorge­gaan toen hij de deur voor haar open­hield. Een zweem van een ongetwi­jfeld duur par­fum vol­gde haar.
Een vol­gende ver­rass­ing viel hem ten deel toen ze zich omdraaide ter­wi­jl hij haar jas vasthield. Niet de tedere kus, maar haar licht open­val­lende blouse deed hem even de adem ben­e­men. Was dit de schuchtere Jes­si­ca, waar hij zo ver­liefd op was geweest?

Hij hing de jas op en streek gedachteloos langs de mouwen. Tot hij iets hards in één van de jasza­kken voelde. Nieuws­gierig stak hij zijn hand naar bin­nen en stuitte op een koud voor­w­erp.

Zal ik vast koffie zetten?’ klonk plot­sel­ing achter hem.
Jes­si­ca was de hal weer bin­nen­gelopen, en stond naar hem te kijken. Vlug haalde Arjan z’n hand weer uit de zak en streek de jas nog­maals glad. ‘Nee hoor, val jij maar ergens lekker neer in een luie stoel, dan maak ik wel koffie. Ik stond alleen even wat te treuze­len. Je komst over­valt me een beet­je, en je hier weer te zien brengt een hoop beelden terug’.
‘Och schat­je toch. Wat ben je toch een lieverd’.

Weer liep Jes­si­ca op Arjan toe, maar dit­maal kuste ze hem niet op de wang, maar op de mond. Haar onder­lichaam druk­te ze tegen het zijne, en Arjan liet zich tegen de kap­stok leunen. Over­don­derd had hij niet in de gat­en, dat Jes­si­ca onder­tussen haar hand in de jaszak van haar jas liet gli­j­den.

~~~

Teruggevon­den frag­ment voor ver­vol­gver­haal waar ver­vol­gens niet veel mee is gedaan. Een beet­je her­schreven en nu hier gepost met de vol­gende oproep:

Schri­jf een ver­volg van tussen de 250 en 750 woor­den, plaats het op je weblog met een link naar het vorige blog en laat het mij (Peter Pel­lenaars) weten (via een com­ment onder Weerzien 1 of via een mail aan peterpellenaars@me.com) zodat ik vanu­it hier naar je blog kan linken.
Plaats zelf ook de oproep tot ver­volg onder je blog en hopelijk wordt dit ver­haal dan de start van een ver­vol­gserie die zal uit­waaieren over het inter­net.
 

Voor­waarde: je mag maar één keer een bij­drage per ver­haal­li­jn schri­jven, maar het ver­haal mag zich wel ver­takken. Dus je mag best op boven­staand ver­haal een ver­volg schri­jven wan­neer iemand anders dat ook al heeft gedaan. Het betekent gewoon dat het ver­haal zich in meerdere richtin­gen kan opsplit­sen. Zo ontstaan hopelijk meerdere par­al­lelle ver­halen die ver­schil­lend van genre kun­nen zijn. Dit geldt ook voor elk ver­volg dat ver­schi­jnt. Je kunt dus een bij­drage in elk van die opsplit­sende ver­halen lev­eren.
Heb je geen eigen weblog, dan kun je je ver­volg natu­urlijk ook alti­jd naar mij sturen (peterpellenaars@me.com) en dan plaats ik het hier. 

Meer info en een overzicht van alle ver­haal­li­j­nen is terug te vinden onder het menu Weerzien.

Ik ben benieuwd…

~~~

En op 5 decem­ber is het eerste ver­volg een feit:
Weerzien 2 door Carel de Mari

En op 14 decem­ber zien we een nieuw ver­volg. Niet als ver­volg op het blog van Carel, maar als een nieuwe ver­haal­li­jn, want dat mag ook:
Weerzien 2 door Robert Keiz­er

En ook op 15 decem­ber weer een nieuwe bij­drage. Ook nu weer geen ver­volg op de eerder geplaat­ste blogs, maar opnieuw een ver­haal­li­jn. De derde:
Weerzien II door Jol­ka

Na enkele ver­vol­gde­len op de drie ver­haal­li­j­nen tot nu, ver­schi­jnt er op 29 decem­ber weer een vierde ver­haal­li­jn:
Weerzien­wekkend door Monique

Meer info en een overzicht van alle ver­haal­li­j­nen is terug te vinden onder het menu Weerzien.

~~~

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets