Making the Difference — 4

Deze blog­post is deel 4 van 17 in de serie Making the Dif­fe­ren­ce

De belang­rijk­ste aan­be­ve­lin­gen m.b.t. prin­ci­pe 10 — I re-ener­gi­ze wee­kly (zie onder­aan het blog voor alle 10 prin­ci­pes) zijn om te star­ten met een dage­lijk­se wor­kout van maxi­maal 5 minu­ten en 3x per week 20 minu­ten te beste­den aan een sport naar keu­ze. Bij elkaar heb­ben we het hier dus over 95 minu­ten per week om wat aan lichaam en con­di­tie te doen. Natuur­lijk wer­den er veel meer aan­be­ve­lin­gen gedaan, maar voor mijn 100 dagen actie­plan heb ik deze twee opge­no­men om aan te wer­ken. Samen met het fre­quen­ter water drin­ken en meer aan­dacht voor mijn voe­dings­pa­troon wel­ke onder het­zelf­de prin­ci­pe val­len. Daar­over een ande­re keer meer, van­daag wil ik het heb­ben over mijn vor­de­rin­gen op ‘sport­ge­bied’.

Viel ik ‘vroe­ger’ nog in de cate­go­rie van rede­lijk enthou­si­as­te spor­tie­ve­ling, zo na m’n drie­ën­der­tig­ste werd dat gaan­de­weg min­der. Het leven bood op een of ande­re manier geen ruim­te meer voor sport, in wel­ke vorm dan ook. Hoog­uit werd een enke­le keer per jaar de fiets uit de schuur gehaald of de sport­schoe­nen onder gedaan om eens ouder­wets het lichaam af te beu­len. Het luie zweet er uit wer­ken. Bij zo’n inci­den­te­le poging (vaak veel te fana­tiek inge­zet en daar­door gevolgd door hef­ti­ge kramp en lang­du­ri­ge spier­pijn) bleef het dan, tot­dat het een jaar later weer begon te krie­be­len.
Al die jaren dacht ik dat de basis­con­di­tie, opge­bouwd tij­dens die pre-33er jaren ruim vol­doen­de en nog steeds aan­we­zig was om mij gezond en wel tot mijn pen­si­oen ver­der te lood­sen. De schrik was dan ook groot toen een vrij­wil­li­ge gezond­heids­test het tegen­deel aan­toon­de. Alles was OK, behal­ve de con­di­tie. Ik moest aan de bak.

Toch liet dat nog een jaar op zich wach­ten. Zoals zo vaak bij mij drong de urgen­tie niet met­een tot me door. Even­tjes was er de schok dat het er net iets anders voor stond dan ik zelf dacht, om daar­na weg te ebben en over te gaan tot de orde van de dag. Aller­lei excu­ses wer­den er gevon­den om maar niet de waar­heid onder ogen te zien en een begin te maken om ver­de­re teloor­gang tegen te gaan. Wat de aan­lei­ding een jaar later was om me als­nog in te schrij­ven bij een sport­school weet ik niet meer, maar het was een ver­stan­di­ge beslis­sing.
Ik had het er met­een naar mijn zin, kreeg goe­de bege­lei­ding zodat ik niet in de valkuil van een te fana­tiek begin zou stap­pen, en maak­te daar­door lang­za­me maar lang­du­ri­ge stap­pen naar een bete­re con­di­tie. Tot­dat er eind 2010 opnieuw de klad in kwam. Toe­ge­no­men werk­druk, wat zaken­reis­jes tus­sen­door naar het bui­ten­land en bin­nen de kort­ste keren was het rit­me ver­stoord en het abon­ne­ment niet meer ver­lengd.

Het lag dus voor de hand om in het kader van mijn 100 dagen actie­plan te kie­zen voor dage­lijk­se wor­kouts en drie­maal per week aan een sport naar keu­ze te gaan doen. In de eer­ste dagen deed ik wat half­har­ti­ge pogin­gen om iets wat leek op een wor­kout uit te voe­ren. Als ik een­maal weer naar de sport­school ging, dan kwam dat van­zelf, zo dacht ik laf­jes. En die aan­mel­ding bij de sport­school liet natuur­lijk weer even­tjes op zich wach­ten van­we­ge ande­re pri­o­ri­tei­ten. Kort­om, de urgen­tie was er (alweer) niet, ondanks het enthou­si­as­te gevoel na de work­shop. Het leek als­of alles zich vol­gens ver­trouw­de patro­nen zou vol­trek­ken.

Toen viel ik van de trap.
Toen deed ik een hele week wei­nig tot hele­maal niets aan de wor­kouts en aan­mel­ding voor sport­school. En voel­de me er niet lan­ger schul­dig bij, want ik had een gel­dig excuus en nog meer spier­pijn en blau­we plek­ken.
Toen sloeg de pijn in mijn rech­ter­arm een week later mid­den in de nacht van zater­dag op zon­dag gena­de­loos toe om niet meer te ver­dwij­nen.
Toen ging ik naar de huis­arts, die me toen door­ver­wees naar de fysio, die me een week later kon ont­van­gen.

En al die tijd deed ik nog steeds niets aan wor­kouts, laat staan sport. Maar onder­tus­sen had ik er wel een heel slecht gevoel bij gekre­gen. Een kna­gend besef dat de trap­tui­me­ling mis­schien dan wel de hui­di­ge klacht ver­oor­zaakt had, maar dat er van te voren al ruim vol­doen­de aan­wij­zin­gen waren dat mijn licha­me­lij­ke gesteld­heid niet echt meer ‘je van het’ was. Toch te lang gewacht met actie onder­ne­men?

Inmid­dels zijn de eer­ste twee bezoek­jes aan de fysio ach­ter de rug.
Dia­gno­se: door de val, die ik heb opge­van­gen met mijn rech­ter­arm, zijn de wer­vels in mijn nek iets­jes in elkaar gescho­ven. Daar­door klem­men ze zenu­wen van mijn rech­ter­arm af. Wat het tin­te­len­de gevoel en de pijn­scheu­ten ver­klaard.
Reme­die: dage­lijk­se oefe­nin­gen om de nek­wer­vels lang­zaam­aan los­ser te krij­gen. En wan­neer dat het gewens­te effect heeft ver­der wer­ken aan mijn hou­ding om te voor­ko­men dat de klach­ten terug­ko­men. Want er is (terecht) gecon­sta­teerd dat ik een te bol­le boven­rug heb (stam­mend uit mijn jeugd, zie ziek­te van Scheu­er­mann), waar­door mijn nek­wer­vels altijd een risi­co­ge­bied zul­len blij­ven. Daar­voor dient mijn onder­rug wat ster­ker te wor­den omdat ik anders te snel ver­moeid zal raken en daar­door weer te snel zal ‘inzak­ken’ en de juis­te hou­ding ver­lies. Dus bin­nen­kort zal ik me als­nog bij de sport­school die­nen te ver­voe­gen.

Con­clu­sie, het gaat voor­spoe­dig met het uit­voe­ren van mijn actie­plan­nen rond­om dage­lijk­se wor­kouts en drie­maal per week een sport naar keu­ze. Elk onge­luk heeft z’n geluk, zul­len we maar zeg­gen.

~ ~ ~

Naar aan­lei­ding van de twee­daag­se work­shop ‘Making the Dif­fe­ren­ce’, waar­bij we afslo­ten met een 100 dagen actie­plan om te zien in hoe­ver­re we in staat zijn ver­an­de­rin­gen door te voe­ren, geef ik hier weke­lijks reken­schap af van mijn vor­de­rin­gen.  

Hier nog eens de 10 prin­ci­pes die ik eer­der heb toe­ge­licht. Het is een set van ver­schil­len­de lei­dra­den die los van elkaar, maar zeker in samen­hang met elkaar een krach­tig mid­del kun­nen zijn om rich­ting te geven aan je leven:

  1. I am res­pon­si­ble / I choo­se
  2. I cla­ri­fy my valu­es / My foun­da­ti­on
  3. I have a visi­on / The prin­ci­ple of lea­der­ship
  4. I live my mis­si­on / The prin­ci­ple of exe­cu­ti­on
  5. I stri­ve for life balan­ce / Put­ting more living in our life
  6. I give and take / The fair­ness-prin­ci­ple in nego­ti­a­ti­on, sel­ling and in life
  7. I focus on empa­thy / Under­stan­ding is the key
  8. I belie­ve in invol­ve­ment and diver­si­ty / A small com­mit­ted group of peo­p­le can chan­ge the world
  9. I make rela­ti­ons­hip depo­sits / It’s the small things
  10. I re-ener­gi­ze wee­kly / You can’t mana­ge time, but you can mana­ge your ener­gy
    [copy­right: Mark McG­re­gor — Being on a mis­si­on]

~ ~ ~

Weer­zien — 1
The Fat Years — Chan Koon­ch­ung

4 reacties op “Making the Difference — 4”

  1. Wow, je maakt er wel werk van. In ieder geval met de uit­wer­king ervan in je blog 😉 (tja, ik ben iemand die gauw is gein­ti­mi­deerd door schema’s en wis­kun­dig en/of ana­to­misch ogen­de afbeel­din­gen) SUCCES!!

    1. Ik wel. Ben niet zo van het kla­gen, zeu­ren of lang­du­rig kwaad om iets zijn. Het helpt nie­mand en ik heb ook niet de erva­ring dat het oplucht of bij­draagt tot iets con­struc­tiefs.

Reacties zijn gesloten.