200%

Net wan­neer ik tij­dens een afdel­ing­suit­je aan mijn vers gewok­te bor­d­je gar­nalen wil begin­nen kri­jg ik een sms bin­nen. Afzen­der: mijn broer. Ik weet dat hij deze avond op zieken­be­zoek is geweest bij mijn vad­er. Dus de sms is een update hoe het nu met hem gaat. Tot nu toe ging het na de oper­atie op dins­dagocht­end bij elk bezoek een stuk beter. Toch hebben de zenuwen zich al opge­hoopt in mijn maag voor­dat ik de sms geopend heb. Als op com­man­do komen aller­lei gedacht­es die uit­gaan van het aller­slecht­ste nieuws, tevoorschi­jn gespron­gen als uit een hin­der­laag. Waarom ver­drin­gen zij zo makke­lijk de hoop op posi­tieve bericht­en?

Is het een vorm van schuldgevoel dat we niet dur­ven uit te gaan van het goede? Dat we anders het lot tarten? Maar waarom is het verwacht­en van iets slechts dan zoveel beter? Zorgt de beves­tig­ing daar­van dan voor zoveel gemoed­srust daar­na?

Ik bli­jf het vreemd vin­den, maar kan het eerste gevoel niet onder­drukken. Het sms-je bevat slecht nieuws.

Peer, we komen net terug van de grote Boom. Alles was goed! Weer 200% beter dan gis­teren. Hij loopt zelfs al mee naar de lift. Alle toeters en bellen zijn ver­wi­jderd. Hij weet alleen nog niet wan­neer hij naar Hel­mond mag.

Toch niet. Ook deze keer weer een meer dan gerust­stel­lende update. De onrust in mijn lijf maakt plaats voor opge­to­gen­heid. Met veel smaak begin ik aan mijn afgekoelde bor­d­je gar­nalen en hef een glas op zijn gezond­heid.

~ ~ ~

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets