Poets

We bespra­ken het sche­ma voor de dag die komen ging. Niet het olym­pi­sche pro­gram­ma maar de klus­ver­de­ling nu we ein­de­lijk alle­bei vakan­tie had­den. Het lijst­je bevat­te geen ver­ras­sin­gen. Ten­slot­te waren we er eer­der deze week al mee begon­nen. Voor mij stond van­daag de grond­verf weer te wach­ten, en mocht ik vol­doen­de opschie­ten dan kon ik mis­schien zelfs al begin­nen met wat schuur­werk aan de bui­ten­kant. Of een begin maken met de schut­ting. Ik hoef­de dus niet bang te zijn dat ik me zou ver­ve­len.

Maar eerst moest er bin­nens­huis wat werk ver­richt wor­den. Onze poets­vrouw Toos was helaas twee weken op vakan­tie. Dus de dag zou voor mij begin­nen met de keu­ken oprui­men en stof­zui­gen. Heel even­tjes gin­gen mijn gedach­ten naar kan­toor. Zou ik nu wil­len rui­len? Ik schonk mezelf nog wat kof­fie in en staar­de door het raam naar bui­ten. De zon scheen. Er was geen wolk­je aan de lucht te beken­nen. Ergens in huis ging een tele­foon. Op het klok­je van de hete­lucht oven zag ik dat het 07.45 uur was.

Wie kon dat zijn op dit tijd­stip? Voor­al het feit dat niet naar één van onze mobiel­tjes gebeld werd, maar naar de huis­te­le­foon was bij­zon­der. Nadat de ring­toon voor de vier­de keer was over­ge­gaan had ik het toe­stel gevon­den. Het num­mer dat ik op de dis­play zag maak­te me niets wij­zer. Het her­in­ner­de me wel aan een ander to-do lijst­je waar al sinds lan­ge tijd boven­aan stond dat ik nog steeds tele­foon­num­mers moest over­zet­ten naar deze nieu­we (nu alweer enke­le jaren oude) tele­foon. Zodat num­mer­her­ken­ning z’n nut kon bewij­zen.

Goei­e­m­or­gen. Met Peter.”
“Oh, euh, dag. Met Toos hier.”
“Oh, hal­lo? Hoi, Toos. Is …”
“De poort is op slot.”
“Aha …”
“…”
“De poort is op slot. Dus.”
“Ja, ik kan er niet in.”
“Euh ja, dat begrijp ik. Waar ben je?”
“Bij de poort. Ik kan er niet in.”
“Je bedoelt dat je bij ons voor de poort staat?”
“Ja.”
“Maar­reh, je had toch vakan­tie?”
“Wie zegt dat?”
“Maar­reh, je hebt dus geen vakan­tie?”
“Vol­gen­de week heb ik vakan­tie.”
“Oh, oké. Ik kom met­een de poort open­ma­ken!”
“Ik wil ook wel weer naar huis gaan wan­neer het niet goed uit­komt.”
“Nee hoor, niet weg­gaan! Ik kom er nu aan!”

~ ~ ~

Mijn bij­dra­ge voor #wot dd 9/8/2012
Wat is wot? => Wri­te on Thurs­day, een blo­gi­ni­ti­a­tief van Karin Rama­ker

Deze week is het woord ONVERWACHT:
zonder dat je het van tevo­ren weet ~ onver­hoopt, onver­moed, onvoor­zien, plomp­ver­lo­ren, abrupt, onno­zel, onver­hoeds, onver­wachts, plots, plot­se­ling, schie­lijk, ver­ras­send

~ ~ ~ 

16 Replies to “Poets”

  1. Onver­wacht maar héél wel­kom 🙂

    Beantwoorden

    1. Wat je zegt! Heel erg wel­kom.

      Beantwoorden

  2. Hehe, grap­pig. Stond bij mij ook maar af en toe een poets voor de deur…

    Beantwoorden

    1. Kun je rege­len. Ook die van ons komt niet voor niets 😉

      Beantwoorden

  3. Haha, gewel­dig onver­wacht ein­de, ik ver­wacht­te al aller­lei dra­ma­ti­sche tele­foon­tjes, maar hap­py end.

    Beantwoorden

    1. Ook ik bezon­dig me soms aan een hap­py end 😉

      Beantwoorden

    1. Vind ik ook, hoe­wel Toos het geen com­pli­ment zal vin­den…

      Beantwoorden

  4. Welk een fraai pro­za! Bij­na Poë­zie met een hoofd­let­ter Peter!

    Beantwoorden

    1. Dank je. Nu ik een­maal geac­cep­teerd heb ik dat ik een schrij­ver ben, gaat het eigen­lijk van­zelf…

      Beantwoorden

  5. .. kon ze met­een aan de sher­ry; jij had het schoon­maak­werk al gedaan.

    Beantwoorden

    1. Nee hoor, ze moest met­een aan de (was)bak. Ik was nog niet begon­nen.
      Maar op mijn lau­we­ren rus­ten was er voor mij ook niet bij. Ik kon met­een aan de grond­verf…

      Beantwoorden

  6. leuk, Peter. En nu ver­der ver­ven!

    Beantwoorden

    1. Heb ik ook gedaan, Carel.
      En van­daag weer schu­ren.
      En mor­gen weer…
      En dan…
      Kort­om, het is weer echt vakan­tie hier.

      Beantwoorden

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *