Klucht

dante1

In al mijn jeugdi­ge onschuld heb ik echt een tijd­lang gedacht dat het een heuse kome­die was. Dat leek me wel wat. Nadat ik het boek voor de eerste keer in de plaat­selijke bib­lio­theek gevon­den had, wist ik wel beter. Het was oud. Heel oud! En ook nog eens geschreven in versvorm! Ik hoefde er niet lang over na te denken. Het boek ging lin­ea rec­ta terug zijn stand­plaats in en uit mijn gedacht­en.

Pas jaren lat­er, als eerste­jaars stu­dent Geschiede­nis, stuitte ik opnieuw op de Div­ina Com­me­dia, oftewel de God­delijke Kome­die. Dit­maal werd ik ver­leid door een gast­sprek­er wiens naam ik inmid­dels ver­geten ben, tij­dens een van de vele lezin­gen die ik bezocht wan­neer ik voor een van de reg­uliere hoor­col­leges toch naar Utrecht moest. Opnieuw moest ik con­stateren dat ik redelijk op het ver­keerde been was gezet. Niet dat ik er nu pas achter kwam dat het een oud boek was (wat is oud?), maar dat het in versvorm was geschreven had ik weer niet zien aankomen. Lat­en we het naïef noe­men. Omdat de herin­ner­ing aan die lez­ing nog zo lev­endig was heb ik in de uni­ver­siteits­bib­lio­theek een half­s­lachtige poging onder­nomen enkele pagina’s te lezen. Maar het klik­te niet tussen mij en het boek.

Twee jaar van noeste studie verder had ik voor mijn gevoel een zekere mate van uni­ver­si­taire vol­wassen­heid bereikt dat ik dacht een hernieuwde con­frontatie met Dante aan te kun­nen. Al ver­schei­dene keren was het boek ter sprake gekomen en veel van mijn mede-stu­den­ten had­den het inmid­dels gelezen of waren er volop in bezig. Alsof het zo moest zijn (hoewel je daar niet al teveel achter moet zoeken in een uni­ver­siteitsstad) liep ik zowat in dezelfde peri­ode tegen een afgepri­jsd exem­plaar aan bij een van de vele boek­winkels waar ik vaak de tijd tussen de college’s door­bracht.

Een boek als een blok. In totaal 600 pagina’s. Aangeschaft in maart 1992 (heb ik er zelf in geschreven).

Divina Commedia

Sinds­di­en ben ik er vele keren in begonnen. Echter nooit ben ik de hel uit­gekomen. Te bedenken dat je daar­na ook nog het vage­vu­ur moest trot­seren voor­dat op pag­i­na 407 ein­delijk het paradi­js bereikt zou wor­den, is miss­chien wel al die tijd teveel van het goede geweest. Niet dat het te gruwelijk is. Daar heb ik mij door de jaren heen redelijk in gehard mid­dels het lezen van fel-real­is­tis­che ver­sla­gen over bijvoor­beeld de Holo­caust of ander­szins vergelijke­lijke geno­cides in de menselijke geschiede­nis. Nee, het is de over­daad aan infor­matie die in deze kleine 600 pagina’s zijn gepropt. Het boek barst uit zijn voe­gen. De zin­nen (en zek­er met het note­nap­pa­raat onder aan elke bladz­i­jde in het exem­plaar wat ik bez­it) waaieren alle kan­ten uit. Iedere genoemde naam of ver­melde han­del­ing heeft een mythol­o­gisch, religieus of his­torisch aspect. Niets staat er zomaar. Alles heeft meer dan één beteke­nis.

Wan­neer ik begin te lezen zit ik bin­nen de korste keren in zoveel ver­schil­lende andere ver­halen dat het me begint te duize­len. De draad ben ik dan allang kwi­jt. Mijn nieuws­gierigheid doet me de das om. Alles wil ik weten. Alle ver­wi­jzin­gen. Alle ver­halen. Alle namen. En daarom loop ik gegaran­deerd vast. Doorzettingsver­mo­gen is niet genoeg. Ik moet wak­en mezelf niet te ver­liezen in deze draaikolk van ken­nis. Oppassen niet door te draaien. Er bli­jft me uitein­delijk niets anders over dan voor­ti­jdig het boek weer dicht te slaan en een tijd weg te leggen. Alles te lat­en bezinken. Om wan­neer de rust is ingedaald langza­am weer verder te lezen. Soms een stuk terug omdat ik niets meer van het voor­gaande kan herin­neren.

Maar ooit zal ik het paradi­js bereiken.

Vaak zag ik ruiters ’t leg­erkamp opbreken,
ten aan­val ren­nen, wapen­schouwing houden,
maar soms tot lijfs­be­houd ook de aftocht blazen
[p.129, De God­delijke Kome­die — Dante Alighieri]

dante2

~ ~ ~

Mijn bij­drage voor 50books — vraag 2:
Welk boek kri­jg je maar niet uit­gelezen, hoe vaak je er ook aan begint?

Illus­traties: 
Infer­no — Plate 22, door Gus­tave Doré
Dante no Exílio, door Domeni­co Peter­li­ni (1822–1891)

~ ~ ~

  • Ik wil dit boek ook al jaren hele­maal uitlezen en bli­jf ook steken in de Hel. Nu heb ik het heilig voorne­men om het boek te lezen en er mijn per­soon­lijke ideeën in dichtvorm bij te schri­jven. Ik ga dit via mijn blog doen, maar ik durf de con­frontatie niet aan. Miss­chien moeten we dit met een groep doen. Mijn plan is om van elke Can­to een samen­vat­ting te mak­en. Er staat er al een­t­je klaar voor pub­li­catie op mijn blog. Daar­naast werk ik heel hard aan Can­ti waarin ik het werk naar onze tijd schri­jf. Onmo­gelijk natu­urlijk, maar het proberen waard. Er is ergens nog de angst hier aan te begin­nen. Omdat ik bang ben dat ik het project niet voltooid kri­jg.

    • Een hels kar­wei gaat dit zijn. Het idee om het in een groep te doen zou het kun­nen ver­licht­en of in ieder geval extra moti­vatie (groeps­d­wang ;-)) om door te zetten. Om de beurt een Can­to doen vol­gens een vaste verdel­ing. Dan kun je een beet­je vooruitwerken wan­neer de ander aan de beurt is. Ik ga het zeer zek­er proberen te vol­gen. Daar­voor is het een te fascinerend boek. En miss­chien gaat het zo helpen om in het paradi­js te komen.

  • Ik kan het goed geloven dat je deze kan­jer niet uit­gelezen kri­jgt! Ergens zou ik hem ook wel lezen, gewoon, om te kun­nen zeggen: “Ik heb la Div­ina Com­me­dia gelezen.”
    Maar eigen­lijk spreekt het boek me niet zo aan en ik ben al lang blij als ik er iets over kan zeggen, dat is voor mij genoeg 😉

    • Soms lijkt het bij dit (maar ook andere gigan­ten uit de wereldlit­er­atu­ur) boek alleen maar dat het om de verzucht­ing gaat dat je het gelezen hebt. Op zulke momenten leg ik een boek aan de kant, want dan lees ik vanu­it de ver­keerde instelling. Dan maar even aflei­d­ing via een ander boek, en dan lat­er weer verder 🙂
      Dit boek spreekt me steeds meer aan omdat er zoveel in zit. Het groeit tij­dens het lezen. Maar ik kan het alleen via kleine por­ties tot me nemen.

      • Je hebt er niets aan om het te lezen om het gelezen te hebben. Het gaat om de weg, niet om het doel. De weg kan je ver­rijken. Of niet.

        p.s. leuk he, wis­se­len van theme’s en het zoeken naar wat er bij je past?

        • Klopt. Ik wil geni­eten van het lezen. Lukt dat niet dan leg ik het boek (tijdelijk) weg.
          En ja, dat geëx­per­i­menteer met die thema’s is heer­lijk ontspan­nend om te doen. Nog steeds de ware niet gevon­den…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets