Vormcrisis

Zo las ik:

Dat is de eni­ge wet die geldt, alles moet onder­ge­schikt zijn aan de vorm: de stijl, de intri­ge, de the­ma­tiek. Is een daar­van ster­ker dan de vorm, krijg je een zwak resul­taat. Daar­om schrij­ven schrij­vers met een ster­ke stijl zo vaak zwak­ke boe­ken. Daar­om ook schrij­ven schrij­vers met een ster­ke the­ma­tiek zo vaak zwak­ke boe­ken. The­ma­tiek en stijl moe­ten wor­den beteu­geld wil er lite­ra­tuur kun­nen ont­staan. En dat beteu­ge­len wordt ‘schrij­ven’ genoemd. Bij schrij­ven gaat het meer om ver­nie­ti­gen dan om schep­pen.
[p.201, Vader — Karl Ove Knaus­gård]

Ik las het ergens begin van de week. Zet­te er men­taal een streep­je bij en las ver­der. Maar door dat men­ta­le streep­je bleef het citaat de vol­gen­de dagen con­ti­nu door mijn hoofd spe­len. Hoe is het met mijn vorm gesteld? Er is zoals altijd vol­doen­de ver­nie­ti­gings­drang, maar ik schep niet veel dezer dagen. Ik ver­keer vol­gens mij in een vorm­cri­sis. De laat­ste tijd ben ik met van alles bezig. Wer­ken, lezen, hard­lo­pen, muziek luis­te­ren, films kij­ken. Alleen niet met blog­gen. Inspi­ra­tie is ruim­schoots aan­we­zig. In mijn hoofd wer­ve­len vol­doen­de scenario’s voor nieu­we blogs door elkaar heen. Maar ze blij­ven voor­als­nog ongrijp­baar. Wan­neer ik ach­ter mijn lap­top ga zit­ten om te schrij­ven begint de wor­ste­ling na de ope­nings­zin­nen. De ver­ta­ling naar een lees­baar ver­haal krijg ik niet voor elkaar. Ik geef mijn gedach­tes te veel de vrije teu­gel. Onstui­mig vlie­gen de zin­nen alle kan­ten uit. Er valt geen touw aan vast te kno­pen. Schrap­pen lost niets op. Wat ik wil zeg­gen zit nog teveel onge­struc­tu­reerd ver­werkt in het geheel. Het moet alle­maal eerst meer bezin­ken voor­dat het blog­baar wordt. Ten­min­ste, zo voelt het. Ik blijf pro­be­ren. Elke dag opnieuw. Tot­dat ik het blog­gen weer onder de knie heb.

~ ~ ~

50books — vraag 15
50books — vraag 16

13 reacties op “Vormcrisis”

  1. Wat her­ken ik dit! Ook bij mij lukt het niet een blog te schrij­ven. Zelfs de #50books hel­pen niet. Zou het te maken heb­ben met het ver­bod over mijn werk te blog­gen? Ter­wijl er juist zoveel gebeurt?

    1. Maar inmid­dels zie ik dat het je toch gelukt is om een nieuw blog te schrij­ven, en nog wel een­tje voor de #50books serie. Dus het kan toch 😉
      Of niet over je werk blog­gen er iets mee te maken heeft, dat weet ik niet. Zelf doe ik dit ook niet (over m’n werk blog­gen) maar ervaar dit niet als belem­me­rend.

  2. Juist dat wat Knaus­gård betoogt maakt hét ver­schil tus­sen blog­gen en ‘echt’ schrij­ven, als in het schrij­ven van een (goed) boek. Al kun je natuur­lijk ook nog gaan dis­cus­si­ë­ren of het wel klopt wat Knaus­gård zegt. Maar dat ga ik hier niet doen.
    Wat ik bedoel is dat je in het blog­gen veel vrij­er bent (of zou kun­nen zijn), en dat eigen­lijk voor­al jij­zelf bepaalt hoe samen­han­gend het zou moe­ten zijn, hoe the­ma­tisch, of er wel of geen spra­ke is van een een­dui­di­ge stijl.
    Kort­om: Jij legt je eigen blog­lat op een bepaal­de hoog­te. Dat doe je waar­schijn­lijk met een reden. Wat je kan doen is jezelf afvra­gen of die reden belang­rijk genoeg is.
    Dat zo zijn­de is het natuur­lijk wel zo dat cre­a­tie­ve denk­pro­ces­sen lek­ker hun gan­ge­tje moe­ten kun­nen gaan. En als er daar­door even­tjes een blogdroog­te ont­staat, so be it!

    1. Ik ben het met je eens dat het citaat meer over het schrijf­pro­ces voor een roman dan voor een blog geldt. Maar het zet­te me aan het den­ken waar­om ik de laat­ste tijd weer zo loop te mie­ren voor­dat ik een blog ‘durf’ te pos­ten. Dat den­ken is alweer vol­doen­de om een blog te pos­ten. Dus is het soms aan de ene kant een duw­tje in de goe­de rich­ting om hier mee bezig te zijn en tege­lij­ker­tijd doe ik er in de mees­te geval­len ook echt iets mee in mijn blogschrijf­pro­ces.
      Wat die lat betreft. Er is eigen­lijk maar een drem­pel die ik niet kan nemen, en dat is ‘zomaar’ een blogje schrij­ven over wat ik bij­voor­beeld van­daag zoal gedaan heb. Zoals je in je dag­boek zou doen. Dat krijg ik niet voor elkaar. Zelfs niet in mijn (niet bestaan­de) dag­boek.

  3. Vol­gens mij ben jij het blog­gen nooit kwijt geraakt. Maar mis­schien doel je op bepaal­de vor­men die jij ‘vroe­ger’ wel eens gebruik­te? Vol­gens mij schaaf­de je dan lan­ger aan een arti­kel? En had je meer een vorm inder­daad.
    Ik her­ken dat, ik ben zelf ook de vorm en ook het the­ma kwijt. Het voelt een beet­je los­ge­sla­gen. Soms komt er dan iets heel moois uit maar vaak is het een beet­je geklets in de ruim­te voor mijn gevoel (bij mij, niet bij jou!).

    1. Ja, het is denk ik voor­al je eer­ste punt. ‘Vroe­ger’ was ik min­der met pos­ten bezig en meer met schrij­ven. Nu voelt het soms anders­om. Als­of ik een soort ver­wach­ting moet inlos­sen. Dat ik om de zoveel tijd iets moet pos­ten. En dan ga ik eer­der op zoek of aan de haal met onder­wer­pen waar­over ik ‘nor­maal’ gespro­ken niet zou heb­ben geblogd. Mis­schien voel ik dan ergens aan dat ik niet hele­maal in of ach­ter het onder­werp sta, en dan alleen nog maar stijl en/of vorm over hou. En dat is te mager.

  4. Pingback: Waarheen, waarvoor, waartoe - Elja Daae

    1. Gevoels­ma­tig zou ik zeg­gen dat het de manier is waar­op ik wat ik te zeg­gen heb, pre­sen­teer. Die pre­sen­ta­tie pro­beer ik zo zorg­vul­dig en eigen­zin­nig te doen. Zodat het her­ken­baar blijft (als het ware voor­zien van een ‘pete­pel keur­merk’). Maar er moet ook nog iets gepre­sen­teerd wor­den. Het mag geen lege ver­pak­king blij­ken. Dat is waar ik soms tegen­aan zit te hik­ken; Wat heb ik eigen­lijk zo mooi te zeg­gen…?

  5. Is je doel ver­an­derd? Ten opzich­ten van toen het nog wel lek­ker ging? Moet het ineens ‘mooi’ gezegd wor­den? Mis­schien moet het gewoon gezegd wor­den. Door jou. Als het je lam legt ligt de lat mis­schien te hoog? Hoe­wel ik daar zelf niet zo in geloof.

    Het advies wat ik je kan geven is ga op onder­zoek uit wat voor type je bent. Stel je koopt een nieuw elek­trisch appa­raat. Wat doe je als eerst?
    1.Lees je de instruc­ties?
    2.Vraag je aan men­sen hoe het werkt?
    3.Druk je op alle knop­jes net zolang tot het ding crasht?

    Ben je type 1 dan ben je gebaat bij lezen hoe ande­re het doen. Lezen over bloggen/schrijven.

    Ben je type 2 dan moet je meer in con­tact met ande­re blog­gers.

    Ben je type 3 dan wis­sel je nog een paar keer van the­me, schrijf je aan ver­schil­len­de onder­wer­pen en kijk je wat het bes­te past.

    3 is wat je nu aan het doen bent, al eni­ge tijd. Mis­schien werkt dat niet zo voor je. Wie inspi­re­ren jou eigen­lijk?

    Ik heb er ook last van, met dat ver­schil dat ik nog wel schrijf. Aan ande­re pro­jec­ten die ik niet publi­ceer. Maar eigen­lijk ben ik niet in de posi­tie om je advies te geven, 🙂 Negeer het dan ook lek­ker.

    1. Dank voor je uit­ge­brei­de reac­tie. De drie type­rin­gen die je geeft vind ik wel een leu­ke insteek. Helaas vol­doe ik voor mijn gevoel aan alle drie. Ik lees de laat­ste tijd veel over blog­gen (1) en ben er vol­op over in ‘gesprek’ met o.a. Elja en JJ Voer­man (2) en onder­tus­sen zit ik con­ti­nu te pie­len aan mijn site en blogs (3). Dat geeft ver­der niet. Onbe­wust ben ik al veel ver­der dan dat ik kan/wil toe­ge­ven.
      Het belang­rijk­ste is dat ik niet ‘zomaar’ een blogje in de trant van een dag­boek­frag­ment wil pos­ten. Mijn inspi­ra­tie komt aan­waai­en en laat zich niet altijd afdwin­gen (dan kost het teveel tijd, die ik niet altijd heb). En wan­neer de inspi­ra­tie er is dan nog kost het me een zeke­re hoe­veel­heid tijd om het op mijn manier op te schrij­ven. Hier moet ik dus gevolg aan geven en accep­te­ren dat het kan voor­ko­men dat er wel eens dagen zijn dat er niets uit mijn vin­gers komt. Dan kan ik beter ande­re din­gen doen dan gefor­ceerd gaan blog­gen.

  6. Hoi Peter, inte­res­san­te vraag. Ik dacht eerst dat het frag­ment van Jan Brok­ken kwam die twee boe­ken over schrij­ven en dus ook vorm schreef. Ik her­ken het gewor­stel na de eer­ste zin­nen. Ik ben lees momen­teel, eigen­lijk altijd, veel en merk dat ik soms gegre­pen wordt door een stijl en dat uit pro­beer. Work in pro­gress als het ware.

    1. Het is ook iets wat ik regel­ma­tig doe. Je merkt dat je iets gele­zen hebt, en dat zich dat aan je blijft ‘opdrin­gen’. Niet het ver­haal, maar hoe het gebracht wordt. Soms neem je daar­van iets mee in je schrijf­stijl. Want ook die blijft inder­daad con­ti­nu in bewe­ging. Althans, als je daar voor open staat.

Reacties zijn gesloten.