Serieus

Er zijn van die pas­sa­ges in een boek waar je in eer­ste instan­tie ach­te­loos over­heen leest, maar die toch onder de huid krui­pen en daar­na in je onder­be­wust­zijn blij­ven spo­ken. Zo las ik afge­lo­pen zater­dag het vol­gen­de:

I had writ­ten half a dozen jaun­ty pie­ces when some­thing went wrong. Like many wri­ters who come by a litt­le suc­cess, I began to take myself too serious­ly. […] Sud­den­ly I had a the­me, and a mis­si­on to per­su­a­de. I began to indul­ge myself with lengh­ty rewri­tes. Instead of tal­king straight onto the page, I was doing second and then third drafts. […] I got up in the night to dele­te who­le para­g­raphs and draw arrows and bal­loons across the pages. I went for impor­tant walks.
[p.7, Sweeth tooth, Ian McE­wan]

Ik moest lachen bij het ‘I went for impor­tant walks’, en las ver­der. Op zon­dag tij­dens het hard­lo­pen schoot dat zin­ne­tje me ineens weer te bin­nen. Van­uit het niets. Heel vreemd. Omdat ik onder het hard­lo­pen eigen­lijk nooit aan veel denk. Hoog­uit in het begin. Daar­na gaat al snel het fysie­ke aspect over­heer­sen. Ik ga mijn spie­ren voe­len. Mijn gewrich­ten. De trans­pi­ra­tie begint los te komen. Bin­nen de kort­ste keren ben ik me nog maar van één ding bewust: mijn lijf. En de cadans van het lopen. Den­ken is dan één inspan­ning teveel. Past ook niet in de flow waar­in ik pro­beer te gera­ken.

Toch nog net even dat zin­ne­tje mee­ge­pakt. Waar­na het weer ver­dween. Later, thuis, na het dou­chen en zo, pak­te ik het boek om ver­der te lezen. Onbe­wust bla­der­de ik naar het bewus­te zin­ne­tje. Las nu ook de gehe­le pas­sa­ge die er aan voor­af ging. Wat was het waar­om ik hier naar toe getrok­ken werd? Nam ik mezelf ook te seri­eus voor wat het blog­gen betreft? Maar ik stond toch niet mid­den in de nacht op om mijn blog­posts te her­zien? Ik zat toch niet te klooi­en met weet ik hoe­veel ver­sies van mijn schrijf­sels voor­dat ik ze durf­de te pos­ten?

Van­avond denk ik het te weten. Het is een waar­schu­wing. Om mezelf juist niet al te seri­eus te nemen. Niet op zoek te gaan naar een the­ma voor mijn blog. Ver­geet de rode draad. Geen thema’s. Geen hok­jes. Ik wil onde­fi­ni­eer­baar zijn. Kun­nen blog­gen over van alles en nog wat zon­der dat ik me druk moet maken of het wel past bin­nen mijn kaders. Zodat ik lek­ker kan blij­ven ren­nen. In plaats van een gewich­ti­ge wan­de­ling te maken.

~ ~ ~

7 Comments

  1. Ik ben het hele­maal eens met het ‘voor­al mezelf niet al te seri­eus te nemen’ — de rode draad is mis­schien juist dat onde­fi­ni­eer­ba­re?!!

  2. Zucht, ik hou van dit soort tek­sten. De ver­ge­lij­king, de paral­lel­len tus­sen het gees­te­lij­ke en licha­me­lij­ke. Fijn om te lezen.

  3. Mooie blog­post met een knap­pe ver­ge­lij­king!
    En ook mooi com­men­taar op het ren­nen eigen­lijk. Ik las net ‘Waar­over ik praat als ik over hard­lo­pen praat’ van Mura­kami (een soort auto­bi­o­gra­fi­sche essais over hard­lo­pen) en je voelt uit die tek­sten de lief­de voor het lopen naar voor komen! Zo sterk zelfs, dat ik zelf wil gaan lopen (ook al doe ik dat eigen­lijk niet graag..) Ik wil ook zo die cadans voe­len, me focus­sen op mijn licha­me­lijk­heid en enkel dat — de geest vol­le­dig vrij. Blij­ven ren­nen, op straat en op het blog dan maar.

    • Dank voor je uit­ge­brei­de ant­woord. Ik ga er ooit nog een blogje over schrij­ven, maar bij mij gaan m’n gedach­ten tij­dens het ren­nen uit­ein­de­lijk een nog­al ont­luis­te­ren­de kant op.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *