Tradities, routines en meditaties

Van­daag is de laat­ste dag van #syn­chroonkijken (het immens pop­u­laire ini­ti­atief van Else Kramer) aange­bro­ken. Het zal even wen­nen zijn om morgenocht­end op te staan zon­der een foto-opdracht in de mail­box. Maar gelukkig heeft Else beloofd om met een nazorgmail te komen. Dat zal nodig zijn wan­neer ik zie hoeveel tijd en ent­hou­si­asme menigeen in deze bij­zon­dere week heeft gestopt. Het was ontzettend gaaf om mee te hebben gedaan, hoewel ik er nu een sok aan heb overge­houden die zichzelf op een voet­stuk heeft geplaatst en alleen nog maar met de nodi­ge égards behan­deld wil wor­den. Een sok met kap­sones, dat is geen sok

De opdracht voor dag 5: Fotografeer jezelf

Van­daag mag je een zelf­portret mak­en.

En als je nu denkt ‘ik wil niet herken­baar met mijn hoofd online’: dat hoeft niet.

Dan fotografeer je gewoon een klein stuk­je van jezelf. Of je doet iets con­ceptueels qua­si onherken­baar.

Alle inzendin­gen wor­den verza­meld op pin­ter­est.

selfie

De zondagocht­end, dat begint steeds meer een dag van tra­di­tie, rou­tine of med­i­tatie te wor­den. Het is maar hoe je er naar kijkt. In ieder geval is het de gewoonte om vroeg op te staan en een goed ont­bi­jt te nut­ti­gen wat de kans kri­jgt om te kun­nen zakken voor­dat ik een rond­je ga ren­nen. Tij­dens het ont­bi­jt scan ik de blogs door die ik probeer te vol­gen. Daar­na wat kran­ten en tijd­schriften tot­dat het tijd is voor de #popmed­i­tatie die stan­daard iedere zondagocht­end om 8 uur door Steven Gort wordt ver­zorgd. Van­daag alweer voor de 80ste keer!

Tij­dens het onder­gaan van de #popmed­i­tatie schri­jf ik aan mijn eigen weke­lijkse zondagocht­end­blog. Om 9 uur wil ik een nieuwe vraag voor het #50books ini­ti­atief klaar hebben staan. Dat lukt steeds beter hoewel het een enkele keer wat lat­er wordt. Maar hoe dan ook, wan­neer het blog gepost is, dan trek ik mijn sportk­leren aan voor een rond­je ren­nen. Inmid­dels heb ik voor de zondag een vast rond­je uit­ge­zocht wat pre­cies 10 kilo­me­ter lang is, exclusief het stuk­je par­cours wat ik gebruik voor warm­ing-up en cool­ing-down. Het is ook pre­cies de afs­tand die ik 31 augus­tus ga ren­nen in het kad­er van Run for Kika.

Wan­neer ik hard­loop denk ik gaan­deweg aan steeds min­der. Ik probeer het lopen te onder­gaan. Mijn hoofd leeg te ren­nen. Daar­bij gebruik ik de laat­ste tijd een num­mer van Neil Young dat 27 minuten en 51 sec­on­den duurt. Op de repeat-stand kan ik het 2x afluis­teren en ben dan klaar met mijn 10 km. Het num­mer is gro­ten­deels instru­men­taal en brengt me in een soort van trance waarin het makke­lijk lopen is. De tekst sluit won­der­wel aan bij de gemoed­stoe­s­tand die ik probeer te bereiken en de sub­tiele over­gang op 1:25 vind ik van een ontroerende schoonheid:

In my med­i­ta­tion
I block out all my thoughts
When they come back I push them out
Like Jesus had a rock

Heel soms lukt het niet om in dat med­i­tatieve loopritme te komen. Ik bli­jf me bewust van mijn fysiek. Dijen die tegen elka­ar schuren. Zweet wat over mijn gezicht stroomt. Het hij­gen, het kre­unen. De andere lop­ers en loop­sters die ik zie. Hun deinende billen, borsten. Hun gehi­jg, gekre­un. En dan kan ik maar aan één ding denken. Sor­ry. Weinig ver­hef­fend eigen­lijk. Of ik denk aan niets. Of ik denk aan seks. De reme­die is om hard­er te gaan ren­nen. Als­maar hard­er. Waar­door ik er bin­nen de korste keren zo doorheen zit dat ik er de eerste uren zelfs niet meer aan wil denken.

~ ~ ~ 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets