Go for it!

Ik dacht aan vroe­ger. Aan ‘die Rooie’ van op de hoek. Die had over­al lak aan. Sprong zo van de brug in het kanaal. Zon­der voor­af te kij­ken wat er onder hem was. ‘Je leeft maar één keer!’ riep hij dan. Daar­na volg­de een lui­de plons. Ooit had hij het gewaagd om geblind­doekt de pas geo­pen­de snel­weg over te ste­ken. Niet eens voor een wed­den­schap. Zomaar. ‘Voor de leut.’

Je leeft maar één keer.

Zelf ben ik meer het bere­ke­nen­de type. Altijd de voors en tegens tegen elkaar afwe­gend. Niks geen spon­ta­ni­teit. ‘Jon­gen, gij prak­ke­zeert teveul’, zei de Rooie gere­geld tegen mij. Om ver­vol­gens weer aan een of ande­re onbe­zon­nen actie te begin­nen. Ach­ter­af was het ver­ba­zing­wek­kend dat hij nooit noe­mens­waar­dig let­sel had opge­lo­pen. Scha­ter­la­chend kwam hij over­al mee weg. De wereld was een groot pret­park voor hem.

Het was niet altijd gevaar­lijk wat de Rooie uit­haal­de. Wel impul­sief. Hij leef­de in het moment. Kwam er iets in hem op, dan moest het eruit. Uit­ge­voerd wor­den. Hoe gek het ook op het eer­ste gezicht was. Het was nooit te gek voor de Rooie. Alleen voor de ander. Hoofd­schud­dend ston­den we aan de zij­lijn. Waren we jaloers? Wie zal het zeg­gen?

De Rooie. Durf­al. Lak aan alles en ieder­een.

Ja, ik was wel dege­lijk jaloers geweest. Nog steeds.

Ik kneep wat har­der in het stuur. Gaf voor­zich­tig meer gas. Wat als? Ach, wat maak­te het nu alle­maal uit? Vol­uit liet ik nu de motor brul­len. Het over­stem­de al mijn bezwa­ren. Vorm­de een aan­zwel­lend koor vol aan­moe­di­gin­gen. ‘Go for it!’ riep de Rooie van­af de ach­ter­bank.

doen

~ ~ ~

5 Comments

  1. Nou, ik heb anders ook niet veel van ‘die Rooie’ weg — inte­gen­deel. Hoe­wel ik het soms wel eens zou wil­len… zomaar blin­de­lings…
    P.S.: Mijn blog is, wegens tijds­ge­brek, opge­doekt. Lees je nog wel 🙂

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *