The Namesake — Hfst 1 t/m 3

Van­daag een week gele­den ont­ving ik via de de post het boek ‘The Namesa­ke’, geschre­ven door Jhum­pa Lahi­ri. Het was me toe­ge­stuurd door @JuL1ta in het kader van de boe­ken­ruil die we zomaar spon­taan van­uit het niets gestart waren. Nu, een week later dus, heb ik er nog niet al teveel in kun­nen lezen. Voor de rede­nen hoef je alleen maar alle blogs tus­sen 14 augus­tus en van­daag door te nemen. Any­way, inmid­dels ben ik er toch seri­eus aan begon­nen en heb de eer­ste drie van de in totaal twaalf hoofd­stuk­ken gele­zen (ofte­wel 71 van de 291 pagina’s).

Voor­lo­pi­ge balans: het bevalt me pri­ma en ik ga er van­avond nog in ver­der. De schrijf­stijl is erg ver­zorgd. Pret­tig om te lezen. Veel mooie ele­gan­te zin­nen met ori­gi­ne­le beel­den en meta­fo­ren. Het is ook een roman waar niets beschre­ven wordt zon­der dat het een bepaal­de rol speelt in het ver­de­re ver­loop van het ver­haal. Zon­der dat het tot nu toe gefor­ceerd over­komt.

In de rest van deze blog­post ga ik een kor­te samen­vat­ting (zon­der ‘spoi­lers’) geven van de drie hoofd­stuk­ken, maar aller­eerst nog eens de tekst van de ach­ter­flap:

Gogol is named after his father’s favou­ri­te author. But gro­wing up in an Indi­an fami­ly in sub­ur­ban Ame­ri­ca, the boy starts to hate the awk­ward name and itches to cast it off, along with the inheri­ted valu­es it repre­sents. Deter­mi­ned to live a life far remo­ved from that of his parents, Gogol sets off on his own path only to dis­co­ver that the search for iden­ti­ty depends on much more than a name.

Hoofdstuk 1 — blz 1 t/m blz 21:

1968 — Het ver­haal begint in de VS, waar de ouders van Gogol (die dan nog niet gebo­ren is) zijn gaan wonen nadat Asho­ke (de vader) een baan op een uni­ver­si­teit heeft weten te bemach­ti­gen. Ashi­ma (de moe­der) is zwan­ger van Gogol en wordt opge­no­men in het zie­ken­huis voor de beval­ling. Asho­ke is gedwon­gen te wach­ten en via flash­backs gaat het ver­haal terug in tijd en komen we te weten hoe Ashi­ma en Asho­ke elkaar heb­ben leren ken­nen en waar­om de Rus­si­sche schrij­ver Niko­laj Gogol zo’n voor­na­me rol speelt in het leven van Asho­ke.

Hoofdstuk 2 — blz 22 t/m blz 47:

De geboor­te van hun zoon is een feit en wordt door Asho­ke beschouwd als het twee­de won­der in zijn leven. Wat het eer­ste won­der was ga ik hier niet ver­klap­pen. Omdat de Ganguli’s nog niet veel men­sen heb­ben leren ken­nen in de VS, en er geen fami­lie over kan komen uit India, komen er maar wei­nig men­sen op kraam­vi­si­te. Toch ziet Asho­ke dit bezoek en de cadeau’s als com­pleet anders (posi­tief) dan ver­ge­le­ken met zijn eigen jeugd in India. Ashi­ma daar­en­te­gen ziet het eer­der als nega­tief. Ze maakt een ver­ge­lij­king met het leven in de VS in zijn alge­meen­heid:

Wit­hout a sin­gle grand­pa­rent or parent or uncle or aunt at her side, the baby’s birth, like most eve­ry­thing else in Ame­ri­ca, feels somehow hap­ha­zard, only half true. [p.24–25]

In het ver­de­re ver­loop wordt uit de doe­ken gedaan hoe Gogol aan zijn naam komt, en wat het ver­schil in India is tus­sen ‘pet names’ en ‘good names’. Voor ons wes­ter­lin­gen lijkt dit een sub­tiel ver­schil, maar voor de ouders van Gogol is het van wezen­lijk belang, en het feit dat door aller­lei omstan­dig­he­den van­af het aller­eer­ste begin de naam­ge­ving niet cor­rect ver­loopt bij de geboor­te van Gogol, zet de toon voor de rest van het boek.

Hoofdstuk 3 — blz 48 t/m blz 71:

1971 — Het gezin Gan­gu­li is ver­huisd naar een klei­ne­re stad van­we­ge een nieu­we baan voor Asho­ke. Hier heb­ben ze de beschik­king over een com­pleet eigen woning in plaats van het gedeel­de appar­te­ment waar ze al die tijd heb­ben gewoond. Opnieuw is het Asho­ke die over­loopt van enthou­si­as­me. Voor Ashi­ma valt de over­gang van de gro­te stad (Bos­ton) naar deze stil­le ‘sub­urb’ erg tegen. Nog meer wordt ze zich bewust van het vreem­de­ling zijn. Iets wat ze ver­ge­lijkt met een levens­lan­ge zwan­ger­schap:

For being a foreig­ner, Ashi­ma is begin­ning to rea­li­ze, is a sort of life­long preg­nan­cy — a per­pe­tu­al wait, a con­stant bur­den, a con­ti­nuous fee­ling out of sorts. It is an ongo­ing res­pon­si­bi­li­ty, a paren­the­sis in what had once been ordi­na­ry life, only to dis­co­ver that that pre­vious life has vanis­hed, repla­ced by some­thing more com­pli­ca­ted and deman­ding. Like preg­nan­cy, being a foreig­ner, Ashi­ma belie­ves, is some­thing that eli­cits the same curi­o­si­ty from stran­gers, the same com­bi­na­ti­on of pity and res­pect. [p.49–50]

Gelei­de­lijk aan zien we hoe de focus van het ver­haal rich­ting Gogol ver­schuift. Naar­ma­te hij opgroeit krijgt hij lang­zaam­aan een stem en ver­schui­ven zijn ouders naar de ach­ter­grond. Dat heeft met­een ver­strek­ken­de gevol­gen wan­neer hij voor de eer­ste keer naar school gaat en daar alleen rea­geert op de naam Gogol (eigen­lijk zijn ‘pet name’), en niet op de naam Nik­hil (wat zijn ‘good name’ is). Ver­der krijgt Gogol er een zus­je bij (Sona­li) en lijkt het gezin zeker voor de bui­ten­we­reld zich steeds meer aan te pas­sen aan ‘the Ame­ri­can way of life’. Het hoofd­stuk sluit af met een school­trip­je waar Gogol voor het eerst echt bewust raakt van de eigen­aar­dig­heid en uni­ci­teit van zijn naam.

Weten hoe het ver­der gaat? Lees hier deel 2 en hier deel 3 van mijn bespre­king.

~ ~ ~

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *