The Namesake — Hfst 4 t/m 9

Vol­gen­de week meer… schreef ik acht weken gele­den. Hoog­ste tijd dus om die belof­te in te los­sen. Waar was ik ook alweer geble­ven? Oh ja, bij

HOOFDSTUK 4 — BLZ 72 T/M BLZ 96:

Gogol viert zijn veer­tien­de ver­jaar­dag. Van zijn vader krijgt hij een boek met ver­ha­len van de Rus­si­sche schrij­ver Gogol. Asho­ke is bij­na zover dat hij Gogol ein­de­lijk kan ver­tel­len waar­om deze schrij­ver zo belang­rijk voor hem is.

I feel a spe­ci­al kins­hip with Gogol,” Asho­ke says, “more than with any other wri­ter. Do you know why?”
“You like his sto­ries.”
“Apart from that. He spent most of his adult life out­si­de his hom­e­land. Like me.”
Gogol nods. “Right.”
“And the­re is ano­ther rea­son.”
The music ends and the­re is silen­ce. But then Gogol flips the record, turning the volu­me up on ‘Revo­lu­ti­on 1’. [p.77]

Het moment is voor­bij. En de vraag is of Gogol de reden voor zijn naam­ge­ving wel zou heb­ben gewaar­deerd. Hij gaat zich name­lijk steeds meer erge­ren aan zijn ‘pet name’. Nadat ze voor een peri­o­de van acht maan­den in India zijn geweest omdat zijn vader een sab­ba­ti­cal heeft weten te rege­len, gaat Gogol bij terug­komst in de VS steeds vaker de naam Nik­hil (zijn ‘good name’) gebrui­ken.

HOOFDSTUK 5 — BLZ 97 T/M BLZ 124:

Wan­neer hij aan­ge­no­men wordt op een uni­ver­si­teit in een ande­re staat, trekt Gogol de stou­te schoe­nen aan en laat bij de recht­bank zijn offi­ci­ë­le naam ver­an­de­ren in Nik­hil. Hij ziet dit als een nieu­we start. Thuis blij­ven ze hem natuur­lijk aan­spre­ken met Gogol, maar hier op de uni­ver­si­teit, tus­sen zijn nieu­we vrien­den is hij Nik­hil. Maar gaan­de­weg beseft Gogol dat hij zich­zelf nog steeds als Gogol voelt. Er is voor hem niets ver­an­derd. Zijn nieu­we vrien­den weten alleen wie hij nu is, zij ken­nen niet zijn ver­le­den.

In deze tijd wordt hij ook voor de eer­ste keer ver­liefd, en wel op Ruth. Een jaar gaat voor­bij waar­in ze elkaar vaak zien en hun band inni­ger wordt. Maar Gogol’s ouders wil­len er niets van weten. Dit pro­bleem lost zich van­zelf op wan­neer Ruth en Gogol uit elkaar gaan niet lang nadat Ruth terug­ge­keerd is van een vakan­tie in Enge­land.

Aan het eind van dit hoofd­stuk krijgt Gogol als­nog te horen van zijn vader waar­om de schrij­ver Gogol zo belang­rijk voor hem is. Asho­ke ver­telt het ver­haal ter­wijl ze samen in de auto zit­ten.

Gogol lis­tens, stun­ned, his eyes fixed on his father’s pro­fi­le. Though the­re are only inches bet­ween them, for an instant his father is a stran­ger, a man who has kept a secret, has sur­vi­ved a tra­ge­dy, a man who­se past he does not ful­ly know.
[…]
“Why don’t I know this about you?” Gogol says. His voi­ce sounds harsh, accu­sing, but his eyes well with tears. “Why haven’t you told me this until now?”
“It never felt like the right time,” his father says. [p.123]

Wan­neer zijn vader hem later met Gogol aan­spreekt, heeft dit een com­pleet ande­re bete­ke­nis gekre­gen.

HOOFDSTUK 6 — BLZ 125 T/M BLZ 158:

Het is 1994 en Gogol woont inmid­dels in New York en werkt voor een archi­tek­ten­bu­reau. Hij leert Maxi­ne ken­nen en trekt na een poos in bij haar en haar ouders, want ze woont nog thuis. De ouders van Maxi­ne beho­ren tot de ‘upper-class’ en hou­den er een luxu­eu­ze levens­stijl op na. Het kost Gogol wei­nig moei­te om zich aan hun manier van leven aan te pas­sen. Hij bezoekt zijn ouders nog maar onre­gel­ma­tig. De eerst­vol­gen­de zomer­va­kan­tie nadat hij bij Maxi­ne is inge­trok­ken brengt hij door in New Hamp­shi­re, ook weer opnieuw samen met de ouders en groot­ou­ders van Maxi­ne die daar een vakan­tie­huis aan een groot meer heb­ben. Onder­weg naar dit vakan­tie­adres stopt hij met Maxi­ne bij zijn ouders voor een kort bezoek­je.

Gelei­de­lijk aan zien we in het ver­haal opnieuw een ver­schui­ving in ver­haal­per­spec­tief. Het is Ashi­ma die we nu vol­gen tij­dens de voor­be­rei­din­gen rond­om Kerst­mis. Zij is alleen thuis omdat haar man een aan­stel­ling aan een ande­re uni­ver­si­teit heeft aan­vaard en daar­om stee­vast enke­le weken uit­hui­zig is. Op een zon­dag belt haar man om te zeg­gen dat hij zich niet goed voelt en naar het zie­ken­huis gaat. Later die avond krijgt ze bericht dat hij is over­le­den.

HOOFDSTUK 7 — BLZ 159 T/M BLZ 187:

Gogol vliegt alleen van­uit New York naar Ohio om het lichaam van zijn vader te iden­ti­fi­ce­ren en zijn appar­te­ment op te rui­men en op te zeg­gen. Zijn zus blijft bij hun moe­der. Wan­neer Maxi­ne hem belt aan het eind van de avond hoe alles is gegaan, zegt ze hem in een hotel te gaan sla­pen. Maar Gogol kan niet weg uit het appar­te­ment van zijn vader. Hij blijft sla­pen op de bank en heeft een gro­ten­deels door­waak­te nacht waar­in hij veel her­in­ne­rin­gen aan zijn ouders voor­bij ziet trek­ken.

De dagen erna blijft Gogol bij zijn moe­der en zus. Tegen de tijd dat Kerst­mis aan­breekt besluit Gogol dat hij niet met Maxi­ne mee­gaat naar New Hamp­shi­re om daar de kerst­va­kan­tie door te bren­gen.

HOOFDSTUK 8 — BLZ 188 T/M BLZ 218:

Bin­nen enke­le maan­den na het over­lij­den van Asho­ke, gaan Gogol en Maxi­ne uit elkaar. Gogol gaat weer wonen in zijn eigen klei­ne appar­te­ment wel­ke hij nooit had opge­zegd. Hij werkt nog steeds bij het archi­tek­ten­bu­reau. Op een dag spreekt hij af met Mous­hu­mi, de doch­ter van vrien­den van zijn ouders. Hij kan haar zich nog vaag her­in­ne­ren van vroe­ger. De afspraak is niet spon­taan, maar op voor­spraak van zijn moe­der.

HOOFDSTUK 9 — BLZ 219 T/M BLZ 245:

De ken­nis­ma­king valt goed. Bin­nen een jaar zijn getrouwd en gaan wonen in een nieuw appar­te­ment. Af en toe over­valt Gogol een vorm van jaloe­zie wan­neer hij er via geza­men­lij­ke vrien­den aan her­in­nerd wordt dat Mous­hu­mi voor­heen en harts­toch­te­lij­ke rela­tie had met een zeke­re Gra­ham. Hij vraagt zich dan af of hij niet slechts een ver­van­ger is. Wan­neer ze in ver­band met een opdracht voor Mous­hu­mi naar Parijs gaan, loopt Gogol ver­la­ten door de stra­ten van Parijs, ter­wijl Mous­hu­mi in hun hotel­ka­mer ach­ter­blijft om haar lezing voor te berei­den.

Terug in New York bezoe­ken ze een feest­je waar later op de avond een dis­cus­sie los­barst over namen naar aan­lei­ding van de aan­staan­de geboor­te van een baby bij een van de aan­we­zi­gen. Plot­se­ling ver­telt Mous­hu­mi dat Nik­hil niet de ech­te naam van Gogol is. Gogol is ver­bijs­terd. Hij had dit in ver­trou­wen aan haar ver­teld en nooit ver­wacht dat zij dit zomaar open­baar zou maken. Wan­neer de hila­ri­teit gezakt is vraagt iemand naar het waar­om. Gogol zegt slechts dat zijn vader een fan was. Waar­na het gesprek ver­der gaat over de per­fec­te naam voor de baby:

Relax,” Edith says. “The per­fect name will come to you in time.”
Which is when Gogol announ­ces, “There’s no such thing.”
“No such thing as what?” Astrid says.
“There’s no such thing as a per­fect name. I think that human beings should be allo­wed to name them­sel­ves when they turn eight­teen,” he adds. “Until then, pro­nouns.” [p. 244–245]

Het boek is nog niet uit. Er vol­gen nog drie hoofd­stuk­ken. Die ik ook al heb uit­ge­le­zen. Maar daar­over een vol­gen­de keer meer, en geloof me dat zal niet weer over acht weken zijn. Niet alleen zal ik dan het slot­stuk van dit ver­haal weer­ge­ven, maar ook uit­ge­breid stil­staan bij mijn eigen lees­er­va­ring van het boek.

Dit alle­maal in het kader van de boe­ken­ruil die @JuL1ta en ik zo spon­taan zijn begon­nen. Tip­je van de slui­er: die knuf­fel­ver­zot­te @JuL1ta heeft men­sen­ken­nis om mij al met­een zo’n boek te doen toe­stu­ren ter­wijl ze me op dat moment nau­we­lijks ken­de.

~ ~ ~

Onver­mo­gen
50books — Vraag 41