reactie 0

Scherven

Wan­neer hij weer eens in scher­ven uit­een geval­len was, nam hij altijd een rust­pau­ze. Een tijd­lang trok hij zich terug. Bang om de men­sen onder ogen te komen. Als eer­ste begon hij met nauw­ge­zet alle brok­stuk­ken te ver­za­me­len. Een tijd­ro­ven­de klus. Daar­na kwam het moei­lijk­ste gedeel­te. Hij was daar in de loop van de jaren vreemd genoeg niet bedre­ve­ner in gewor­den. Het alles weer aan elkaar lij­men. Dat viel elke keer weer tegen. En het deed pijn. Pijn om de brok­stuk­ken van vori­ge brok­stuk­ken te zien. Net als­of iede­re keer weer er een beet­je meer gebro­ken was. Maar ook pijn om ze pas­send te maken. De scher­pe rand­jes zorg­den voor onver­wacht die­pe won­den tij­dens zijn ver­woe­de lijm­po­gin­gen.

Wan­neer hij ein­de­lijk klaar was met zijn werk durf­de hij pas weer naar bui­ten. Zich aan de bui­ten­we­reld te ver­to­nen. Nog wat onwen­nig in zijn nieu­we opge­lap­te lijf liep hij stram rond. Bekeek zich in de spie­ge­ling van de eta­la­ges en zag dat het goed was. Het was hem ook deze keer weer gelukt zich­zelf te repa­re­ren. Tegen alle ver­wach­ting in. Lachen viel hem nog zwaar maar ook deze keer had het leven hem niet klein weten te krij­gen.

Geluk­kig zag hij niet wat de men­sen wel zagen. Want dan zou hij nooit meer terug­ge­ko­men zijn.

~ ~ ~

Schrijf een reactie