De stalkster

Ze bekeek haar naak­te lichaam in de spie­gel. Niet slecht. Zeker wan­neer je in ogen­schouw nam waar ze van­daan kwam. Er lag haar nog veel werk te wach­ten, maar het zwaar­ste was ach­ter de rug. Op haar bed lag het set­je wat ze van­avond zou aan­trek­ken. Nieuw gekocht voor deze gele­gen­heid. Jam­mer genoeg niet uit­bun­dig van kleur. Ze mocht geen aan­dacht trek­ken. Althans niet door haar kle­dij. Haar daden zou­den tel­len van­avond. Een warm gevoel steeg van­uit haar onder­buik omhoog alleen al bij de gedach­te hoe ze hem te gra­zen ging nemen. Het zou niet van­zelf gaan, dat wist ze. Maar ze had zich goed voor­be­reid.

Gis­ter had deze gede­gen voor­be­rei­ding opnieuw z’n vruch­ten afge­wor­pen. Tij­dens haar zoveel­ste bezoek­je aan IT kreeg ze mee hoe hij ver­tel­de aan een van zijn collega’s dat hij van­daag niet de auto zou nemen maar de trein. Ze kon wel bij­na jan­ken van geluk toen ze dat hoor­de. Nu zou het een stuk mak­ke­lij­ker wor­den om hem al eer­der van een afstand te vol­gen. Het eni­ge wat ze hoef­de te doen was ruim­schoots op tijd bij het sta­ti­on te zijn zodat ze dezelf­de trein kon nemen. Ter­wijl de jon­gen van de IT help­desk haar omstan­dig uit­leg deed over een zojuist geïn­stal­leerd pro­gram­ma bleef ze nog even­tjes van een afstand luis­te­ren of hij nog meer nut­ti­ge info zou prijs­ge­ven. Al gauw begon hij ech­ter over een zoveel­ste jong griet­je waar­mee hij bevriend was geraakt. Abrupt pak­te ze haar lap­top en been­de weg rich­ting haar eigen afde­ling. Ze hoef­de niet te horen hoe bij­zon­der deze nieu­we part­ner van hem was en tot wel­ke gewel­di­ge pres­ta­ties ze in staat was. En hoe hem dat moti­veer­de en prik­kel­de om zijn eigen gren­zen nog ver­der te ver­leg­gen. De voor­spel­baar­heid was om van te kot­sen.

Op de klok zag ze dat het bij­na half zeven was. Tijd om zich aan te kle­den en te gaan. Met aan­dacht werk­te ze zich­zelf in de soe­pe­le dun­ne stof. Het sloot per­fect om haar lichaam. Nog­maals bekeek ze haar spie­gel­beeld. Door de strak­ke kle­dij leek ze zelfs slan­ker dan nor­maal. Jam­mer dat ze er voor­lo­pig een vor­me­lo­ze jack en broek over­heen zou moe­ten doen. Ze pro­beer­de zich voor te stel­len hoe hij haar straks zou zien. Zou hij haar her­ken­nen in haar nauw­slui­ten­de pak­je wat niets ver­hul­de van haar weel­de­ri­ge cur­ves? Het zou hoe dan ook te laat zijn voor hem. Hij had z’n kans gehad maar die ach­te­loos aan zich voor­bij laten gaan. De suk­kel.

Van­uit haar auto zag ze hem lopen. Van­zelf­spre­kend met een jong ding aan zijn zij­de. Wat was het toch dat hem zo aan­trek­ke­lijk maak­te? Natuur­lijk, zij had zich ook aan­ge­trok­ken gevoeld tot hem. Maar dat was anders. Zij was van zijn leef­tijd. Ze waren collega’s. Had­den veel gemeen­schap­pe­lijk. Ter­wijl die mei­den… Ach, laat ook maar. Het was voor­bij. Alles wat ze ooit voor hem gevoeld had was ver­dwe­nen. Door zijn bot­te huf­te­rig­heid. Slechts één gevoel was er voor in de plaats geko­men. Een alles ver­zen­gen­de wraak. Nooit zou ze rus­ten voor­dat ze hem de ultie­me ver­ne­de­ring had toe­ge­bracht. Hij moest boe­ten. Publie­ke­lijk. Maan­den was ze ermee bezig geweest. Nauw­keu­rig zijn doen en laten in kaart gebracht. Zodat ze pre­cies wist waar zijn zwak­ke plek zat. Omdat ze wist dat ze maar één kans had om tref­ze­ker toe te slaan. En van­avond was het zover.

In de trein neemt ze plaats in dezelf­de cou­pé. Ze heeft een capu­chon over haar hoofd getrok­ken. Het is druk en daar­om kan ze niet goed horen waar hij het met haar over heeft. Schijn­baar ken­nen ze elkaar goed want ze gaan erg fami­liar met elkaar om. Geër­gerd wendt ze haar blik af en kijkt naar bui­ten. Maar door de inval­len­de duis­ter­nis spie­gelt het glas en ziet ze hen nog steeds zit­ten. Dan maar de ogen slui­ten om nog eens het plan voor van­avond door te nemen. Er kan natuur­lijk van alles fout gaan ondanks dat ze aan zoveel moge­lijk gedacht heeft. Het lukt haar ech­ter niet zich te con­cen­tre­ren. Zijn inge­no­men lach­je dat af en toe opklinkt leidt teveel af. In plaats van naar het plan gaan haar gedach­ten terug naar de tijd dat ze samen nog wat had­den. Dat zij het was die vaak een en soms twee keer per week met hem mee­ging. Tot­dat hij plots, zomaar van­uit het niets, ver­tel­de dat hij met een ander ging. Kapot was er van. Ze had hem een keer gevolgd en natuur­lijk was zijn nieu­we part­ner jon­ger en ener­gie­ker. Ze wist het en toch kwam de klap nog har­der aan. Des­on­danks was ze hen daar­na juist nog vaker gaan vol­gen. Altijd van een vei­li­ge afstand. Bij haar weten had­den ze haar nooit opge­merkt. Ze had er veel van geleerd.

Het is ont­zet­tend druk in de stad. Al haar con­cen­tra­tie heeft ze nodig om hem niet uit het oog te ver­lie­zen maar tevens er voor te zor­gen dat ze zelf niet gezien wordt. Geluk­kig heeft hij zo’n modi­eus fel­ge­kleurd jack­je aan. Iets waar­van hij denkt dat het hem wel staat. Smaak voor kle­ding heeft hij nooit gehad, dat zag ze op kan­toor wel waar hij soms ook kon ver­schij­nen in een blou­se die pas op z’n vroegst over een aan­tal jaren weer in de mode zou raken van­we­ge het ver­meen­de retro­ka­rak­ter. Zelf heeft ze haar nu over­bo­dig gewor­den over­kle­ding in een kluis­je ach­ter­ge­la­ten bij het ver­la­ten van het sta­ti­on. Oplet­ten nu. Ze mag hem niet uit het oog ver­lie­zen. Zou ze het aan­dur­ven om hem wat dich­ter te nade­ren? In het gedrang moet dat kun­nen. Hij heeft trou­wens ook geen oog voor alles om hem heen. Alleen maar voor de jon­ge vrouw die bij hem is. Dan geeft hij haar toch nog onver­wachts een omhel­zing en een kus om daar­na van haar weg te lopen. Ze neemt de gok door zelf ook de jon­ge vrouw te pas­se­ren.

Na een tijd­je wordt het min­der druk op straat. Ze moet weer beter oppas­sen dat hij haar niet ziet en laat de afstand tus­sen hen wat gro­ter wor­den. Zijn haast licht­ge­ven­de jas is goed te zien. Vormt een baken in de don­ke­re avond. Zo lopen ze los van elkaar maar tege­lijk als door een ont­zicht­baar koord ver­bon­den ver­der. De man voor­op. Zich niet bewust van de vrouw die hem als een schim volgt door de spaar­zaam ver­lich­te stra­ten. Zij loopt haast als in tran­ce. Eigent zich onbe­wust dezelf­de tred toe als de man die voor haar een obses­sie is gewor­den. Gaat hij lang­za­mer, gaat zij lang­za­mer. Ver­snelt hij, ver­snelt zij. Hoe lang zal dit duren voor­dat het tot een ont­kno­ping komt? Ze kijkt op haar hor­lo­ge. Het is tijd voor actie.

Gelei­de­lijk aan ver­hoogt ze haar tem­po. Nog steeds zorgt ze ervoor dat de man voor haar niets in de gaten heeft. Wan­neer ze tot op een meter ach­ter hem is gena­derd zorgt ze weer dat ze gelij­ke pas met hem loopt. Van zo nabij kan ze zijn adem­ha­ling horen. Hij stoot dam­pen­de wolk­jes uit die in de kou­de lucht goed zicht­baar zijn. Twij­fel bekruipt haar plot­se­ling. Doet ze hier wel ver­stan­dig aan? Is het dit alle­maal wel waard? Net zo snel als het kwam is het ech­ter weer ver­dwe­nen. Er is geen reden voor twij­fel. Er is geen goed of fout. Het is iets wat ze gewoon moet doen. Voor haar­zelf. En voor hem. Om dui­de­lijk te maken dat hij haar nooit had moe­ten laten gaan. Dat zij goed genoeg was. Wat!? Beter! Zij is beter. Beter dan ze was. En beter dan hem.

Met die gedach­te ver­snelt ze in de laat­ste meters van de wed­strijd en weet hem juist voor de finish in te halen. Zijn achil­les­hiel. Die laat­ste meters. Dat had ze tot het cru­ci­a­le ele­ment in haar plan gemaakt en het was haar gelukt! Ze weet waar de camera’s han­gen die van iede­re deel­ne­mer een foto maken. Het zal voor ieder­een goed te zien zijn dat zij hem heeft weten te ver­slaan op de 10 km wel­ke hij tot zijn favo­rie­te afstand rekent en waar hij op kan­toor altijd loopt over op te schep­pen na het ver­bre­ken van weer een PR. Maan­dag­och­tend zal zij als web­re­dac­teur van het per­so­neels­blad er voor zor­gen dat de foto pro­mi­nent op de voor­pa­gi­na ver­schijnt om hem bij het hele bedrijf voor schut te zet­ten. Voor­als­nog heeft zij dit week­end haar eigen voor­pret en weet hij niet wat hem boven het hoofd hangt. Menig­een zal zijn bral­le­ri­ge blog­post over het alweer ver­be­te­ren van een PR met ande­re ogen terug­le­zen nu dui­de­lijk wordt dat hij niet de gehe­le waar­heid heeft beschre­ven. Had hij haar maar niet moe­ten ver­rui­len als trai­nings­maatje voor een snel­ler exem­plaar. Dat zal hem leren.

stalking1

~ ~ ~

Deze blog­post is geschre­ven in het kader van Schrij­ven, Dur­ven en Pos­ten: een schrijfuit­da­ging door @JuL1ta. De opdracht was als volgt:

Van­daar Peter, dat ik jou uit­daag een ver­haal, maakt niet uit hoe lang of kort, te schrij­ven van­uit het per­spec­tief van een stal­ker. Geef jouw lezers eens een kijk­je in wat een stal­ker drijft. Wat voor per­soon last heeft van een stal­ker, een gelief­de of poli­ti­cus, maakt niet uit. Wel moet de stal­ker zelf een vrouw zijn.

~ ~ ~

4 Comments

  1. Wauw Peter! Ik dacht bij het schrij­ven van de uit­da­ging; dit kan Peter wel, maar dat het ZO goed zou luk­ken had ik niet dur­ven hopen eigen­lijk. Wat een ver­haal. Ik las het en dacht tij­dens de eer­ste drie­kwart: het moet niet gaan over een stom­me ver­liefd­heid. Daar gaat het uit­ein­de­lijk ook hele­maal niet om! Dat het om een hard­loop­wed­strijd zou gaan zag ik totáál niet aan­ko­men. Jul­lie zijn vreem­de wezens; fana­tie­ke spor­ters.
    Heel leuk geschre­ven met een mooie span­nings­boog. Wat zal die man balen!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *