Postdestinatie

Deze blog­post is deel 16 van 43 in de serie Een per­fecte dag voor lit­er­atu­ur

De neig­ing van mensen om naar­mate het einde nadert hun voor­bi­je lev­en als een afgerond geheel te zien. Ik heb dat nooit zo goed begrepen. Ook schri­jvers van biografieën bezondi­gen zich daar nogal vaak aan. Een kram­pachtige poging om het lev­en te vertellen als een ver­haal. Maar dan wel een­t­je met een duidelijk begin en einde.

Ja, zo zijn ver­halen meestal. Lev­ens slechts zelden. Veel vak­er is het echte lev­en een abrupt afge­bro­ken ver­haal. Een nog maar net op gang gekomen ver­haal. Waar net de vaart een beet­je begon in te komen. Of een ver­haal dat zich hoofd­stuk na hoofd­stuk voort­sleept. Waar niets lijkt te gebeuren maar waar de frus­tratie vanaf druipt omdat de hoofd­per­soon er zo graag meer uit had willen halen. Doch niet meer kan. Niet meer mag.

Waar ik min­stens zo van huiver zijn de ver­halen (of lev­ens) die ogen­schi­jn­lijk vol­gens een vooraf niet meer te beïn­vloe­den stur­ing een kant op gaan die voorbestemd is. De lev­ens­bepal­ende gebeurtenis­sen die in het ver­schi­et liggen zijn duidelijk te herken­nen in aller­lei voorteke­nen. Er valt niet aan te ontkomen, zo wil men doen geloven. Alles wordt (met de ken­nis van achter­af) hinein­in­ter­pretiert.

Nu wil ik best wel geloven dat er lev­ens zijn (te verzin­nen) waar het toe­val zo’n bizar grote rol heeft gespeeld dat het miss­chien makke­lijk­er voor de gemoed­srust is om te zeggen dat een hogere macht daar een rol in heeft gespeeld. Toe­val bestaat niet, roept men dan. Nou, maar de con­se­quen­tie dat men aldus een pion is gewor­den in een spel waar men zow­el de regels als de spel­ers niet van kent, vind ikzelf dan weer geen bevredi­gend alter­natief. Geen pre­des­ti­natie voor mij. Wat gebeurt, gebeurt.

Wel voel ik meer voor het omge­keerde. Post­des­ti­natie. Dat wat gebeurt zo ingri­jpend is dat het verdere lev­en gek­leurd wordt door die alles­bepal­ende gebeurte­nis. Het wordt (bewust of onbe­wust) een meet­lat voor het verder lev­en. Afhanke­lijk van wat men heeft meege­maakt (en dit kan zow­el een zeer posi­tieve als negatieve ervar­ing zijn, hoewel ik het idee heb dat de laat­stge­noemde veel meer impact heeft) zal het zijn sporen langer achter­lat­en.

Niet iedereen overkomt dit in even heftige mate.

Voor de IJs­landse Her­b­jörg (‘Here’) Maria, de hoofd­per­soon uit Een vrouw op 1000 graden, een mon­u­men­tale roman door Hall­grí­mur Hel­ga­son, lijkt het voor de hand liggend dat zij het nodi­ge heeft meege­maakt wan­neer ze op tachtig­jarige leefti­jd verzucht:

Ik heb dus niet meer dan een paar weken te lev­en, met twee slof­fen Pall Mall, een lap­top en een hand­granaat, en ik heb het in mijn lev­en nog nooit zo goed gehad.
[p.10]

Een volle 500 bladz­i­jdes verder kri­j­gen we te lezen wat voor haar vijfen­zes­tig jaar eerder de maat der din­gen is gewor­den:

De oor­log was afgelopen en mijn lev­en ook.
[p.526]

Dat had­den we al kun­nen ver­moe­den (om eens een under­state­ment van jew­el­ste te gebruiken). En zon­der die laat­ste beslis­sende gebeurte­nis op bladz­i­jde 526 had­den we ook wel geloofd dat alles wat haar is overkomen en waar ze zo meeslepend over wist te vertellen, trau­ma­tisch genoeg was om te begri­jpen waarom ze daar in haar verdere lev­en zoveel last van is bli­jven houden. Doch het was slechts een aan­loop. Maar wat voor een! Ik waande me afwis­se­lend in de gruwelijke vertellin­gen uit zow­el Jerzy Kosinki’s ‘Paint­ed Bird’ alsook ‘Napoleons fatale veld­tocht naar Mosk­ou’ door Adam Zamoys­ki.

Iedere keer weer denk je nu wel alles gelezen te hebben over wat oor­log doet met de men­sheid, echter ook Hall­grí­mur Hel­ga­son heeft er met zijn beeldende taal een vol­gende dimen­sie aan toe weten te voe­gen. Wie de lot­gevallen van de jonge Here (ze was 10 jaar toen de oor­log begon en al snel van­wege aller­lei omstandighe­den zow­el door haar moed­er en vad­er ver­lat­en, en stond er moed­erziel alleen voor ter­wi­jl de groot­ste ram­p­jaren uit de geschiede­nis zich voltrokken) aldus gevol­gd heeft kan begrip opbren­gen voor de cynis­che houd­ing die haar slechts rest:

Het zou voor iedereen eens goed zijn de voorgev­el van je huis kwi­jt te rak­en, het bran­dende geknet­ter van een kind te horen of toe te zien hoe je geliefde in de rug wordt geschoten. Ik heb mijn hele lev­en niet goed met mensen op kun­nen schi­eten die nog nooit over een lijk heen hebben hoeven stap­pen.
[p.11]

Een hele lange aan­loop was het. Die als­maar voort­durende oor­logs­jaren waar Here als een soort wees zich in lev­en probeerde te houden op het plat­te­land van Polen en Duit­s­land. Tot­dat ze uitein­delijk Berli­jn weet te bereiken wan­neer de oor­log op zijn einde loopt. Dan wordt de eind­sprint ingezet:

Voor de man­nen was de oor­log afgelopen, maar voor ons vrouwen begon hij nu pas.
[p.523]

Daar, in het Berli­jn waar Here dacht dat ze haar hel­le­gang zowat achter de rug had, en waar ze hoopte bin­nenko­rt met haar vad­er en moed­er herenigd te wor­den, blijkt het erg­ste nog te moeten komen. Ja, ze wordt inder­daad herenigd met haar vad­er. Toe­val­lig. Maar vraag niet hoe:

In één ogen­blik rangschik­te zich mijn lev­en in hoofd­stukken, in onwrik­bare, in beton gegoten hoofd­stukken, heel mijn toekomst, als kamers in een trap­pen­huis. Het enige wat mij restte was die trap­pen hele­maal omlaag lopen tot hier in deze garage.
[p.526]

Een aan­tal maan­den lat­er is ze dan toch terug in IJs­land waar ze weer opgenomen wordt in de veilige boezem van haar fam­i­lie. Terug in IJs­land waar de oor­log niet meer is geweest dan iets in de verte. Een moment in de geschiede­nis welke de IJs­lan­ders oppor­tunis­tisch hebben aange­grepen om zich onafhanke­lijk te lat­en verk­laren van het Deense kon­ing­shuis.

Terug in dat IJs­land is de nog steeds jonge Here gezeten aan een deftig ban­ket tot­dat zich een vrouw tot haar richt met de vol­gende vraag:

En hoe… hoe was de oor­log daar?’
[p.533]

De golf van wal­ging die Here ver­vol­gens over­spoelt en haar de hele tafel inclusief gas­ten doet onder­sproeien met zuur bij­tend braak­sel staat voor mij gelijk aan alles wat haar nog te wacht­en staat. Geen pre­des­ti­natie. Post­des­ti­natie.

~ ~ ~

Niet vaak heb ik zo in trance een boek van deze omvang in één ruk uit­gelezen. Het zijn er slechts weini­gen gegeven die mij in de ban weten te houden door zow­el the­matiek als sti­jl van schri­jven. Hall­grí­mur Hel­ga­son is het gelukt met deze geweldige roman. Het is niet een page-turn­er in de zin dat je gehaast bladz­i­jde na bladz­i­jde er doorheen jaagt om te weten hoe het afloopt. Inte­gen­deel. Het is eerder een boek dat dwingt tot rustig lezen omdat er zoveel te geni­eten valt van het taal­ge­bruik en de typ­is­che humor, ter­wi­jl tegelijk­er­ti­jd de haast onbeschri­jfe­lijke details uit de tweede werel­door­log maar ook uit het lat­ere ongelukkige lev­en van Here je soms naar adem doen hap­pen en geregeld dwin­gen om het boek even terz­i­jde te leggen om het gelezene te lat­en bezinken. Een groot com­pli­ment aan de schri­jver Hel­ga­son.

De tachtig­jarige Here zit met een oude hand­granaat, een slof sigaret­ten en een lap­top in een garage, surft op het web en onder­houdt via Face­book con­tacten met de hele wereld. Ze heeft besloten dat ze nog voor kerst gecre­meerd wil wor­den. Ter­wi­jl ze wacht ‘tot de oven 1000 graden heeft bereikt’, blikt ze terug op een veel­be­wogen lev­en dat haar alle hoeken van de geschiede­nis liet zien. Ze kreeg drie zonen van negen man­nen, is de klein­dochter van de eerste pres­i­dent van IJs­land, belandde tij­dens de oor­log als dochter van een ‘foute’ vad­er in Den­e­marken, Polen en Duit­s­land en ver­huis­de toen noodged­won­gen met hem naar Argen­tinië (niet Ams­ter­dam zoals abus­ievelijk op de achter­flap staat ver­meld) waar ze haar eerste kind ver­loor. De jaren vijftig en zes­tig bracht ze door in Par­i­js, Zuid-Afri­ka, New York en Ham­burg. Ze studeerde fotografie en vierde feest met de jonge Bea­t­les, om uitein­delijk defin­i­tief terug te keren naar haar geboorte­grond.

Een vrouw op 1000 graden
Hall­grí­mur Hel­ga­son
Uit­gev­er­ij De Arbei­der­spers
ISBN 9789029588935

~ ~ ~

Series Nav­i­ga­tion« Zelf­s­ab­o­tageOver de gren­zen »
  • Eigen­lijk zit ik een beet­je met het­zelfde gevoel als jij al had ik er wel geen woord voor maar inder­daad soms heeft een gebeurte­nis zoveel inpakt dat het je verdere lev­en bepaald. Post­des­ti­natie! Ook al zou je het nog zo graag anders willen, of je omgev­ing…
    Lijkt me wel wat om dit boek te lezen 🙂

    • Ik vond het zo mooi passen omdat Here zelf zegt in het boek dat na de drama­tis­che gebeurte­nis (waar­van ik vind dat die de meest trau­ma­tis­che is, meer nog dan het ver­lies van haar dochter) de rest van haar lev­en niet meer was dan het uit­lopen tot het punt waar ze nu op tachtig­jarige leefti­jd was.
      Als je de kans kri­jgt zou ik zek­er het boek gaan lezen.

  • Je weet het bij­zon­der tre­f­fend te ver­wo­or­den. Helaas eindigt een lev­en inder­daad slechts zelden als een afgerond geheel en moeten we zien om te gaan met moois en min­der moois wat ‘gewoon’ gebeurt. Dat lukt niet alti­jd. Of miss­chien zelfs meestal niet. Post­des­ti­natie inder­daad.
    Bij­zon­der trouwens dat je Kosin­s­ki voelde in Hel­ga­son, daar heb ik ook meer­maals aan teruggedacht!

    • Dank je. Lev­ens zijn geen ver­halen. We proberen er alleen te vaak kram­pachtig een afgerond ver­haal van te mak­en.
      Kosin­s­ki lees ik nog regel­matig. Toch wel onovertrof­fen wat mij betre­ft.

      • Inder­daad, maar zo heb ik het nog nooit gezien. Kosin­s­ki heb ik zo’n 30 jaar gele­den gelezen en is alti­jd bli­jven hangen. Nooit meer her­lezen, ter­wi­jl ik er nu vast andere din­gen uit zou halen. Jij bent een echter her-lez­er, toch?

        • Toen de accep­tatie kwam dat ik echt nooit van mijn lev­en alles zou kun­nen lezen, ben ik meer gaan her­lezen. Omdat som­mige boeken zoveel bevat­ten dat je het nooit in één keer meekri­jgt. Het gaat mij tenslotte om het lezen. En dat hoeft dus hele­maal niet elke keer een nieuw boek te zijn.

  • Jij weet het tre­f­fend te beschri­jven Peter, tre­f­fend­er dan ik. Het raak­te me te erg, daarom wilde ik de woor­den om dit te beschri­jven niet naar boven halen. Jij doet het wel en dan blijkt het eigen­lijk best goed te lezen te zijn. Of is de impact van het gebeurde bij mij inmid­dels al weer wat geza­kt? Kan ik daarom de woor­den nu beter aan en voel ik niet die ellende die ik voelde toen ik het boek las? Wie zal het zeggen. Ik vond het in ieder geval schokkend, niet alleen deze ene gebeurte­nis, maar ook vele andere din­gen die Here meemaak­te.
    (En nee, ik heb zelf nooit zulke din­gen meege­maakt, dus het boek trok geen oude won­den open. Maar ik heb nu een­maal een groot inlev­ingsver­mo­gen en dat is soms eh.… lastig.)

    • Dank je. En je hebt gelijk, er waren veel schokkende gebeurtenis­sen die Here zijn overkomen. Dat ik voor de herenig­ing met haar vad­er heb gekozen is denk voor­namelijk hoe het in het ver­haal ver­stopt zit. Daar­door had ik het idee dat het belan­grijk­er voor Here moest zijn dan de rest, omdat ze daar juist wel zo vri­juit over spreekt.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets