Opstaan en weer doorgaan

Deze blog­post is deel 27 van 43 in de serie Een per­fec­te dag voor lite­ra­tuur
deofferstokyo
yk.namiki | pho­to­p­in cc

Voor mijn werk bracht ik in 2008 een bezoek aan onze nieu­we fabriek in Nan­jing. Aan het eind van een week vol ver­ga­de­rin­gen en work­shops kre­gen we de beschik­king over een auto­bus­je met gids en kon­den we enke­le his­to­ri­sche beziens­waar­dig­he­den bezoe­ken. Het was toen dat ik voor het eerst te horen kreeg over de ver­schrik­kin­gen die de stad had moe­ten door­staan tij­dens de Japan­se inval eind 1937. Ik raak­te gefas­ci­neerd door deze geschie­de­nis, ver­diep­te me er bij thuis­komst wat meer in en schreef er enke­le blog­posts over1.

Eer­der al had ik in 2003 over een ver­ge­lijk­baar voor­val gehoord in Shang­hai. Ook daar was ik voor mijn werk en ook toen werd me fijn­tjes uit de doe­ken gedaan hoe onmen­se­lijk de Japan­ners tekeer waren gegaan. Het bloed­bad van Nan­jing is ech­ter onge­kend. Wat zich daar in een rela­tief kor­te tijds­span­ne heeft afge­speeld tart elke beschrij­ving.

Wat me bij het lezen over deze peri­o­de nog steeds erg bij­staat is de nasleep ervan. Je zou ver­wach­ten dat na afloop van de oor­log er alles aan gedaan zou wor­den om de slacht­of­fers en nabe­staan­den van Nan­jing te eren en op elk moge­lij­ke wij­ze te com­pen­se­ren voor al hun door­sta­ne leed. De wer­ke­lijk­heid bleek com­plexer te zijn. Voor­na­me­lijk omdat Chi­na van­we­ge het com­mu­nis­tisch regime aldaar samen met Rus­land als het nieu­we drei­gen­de gevaar werd gezien en Japan in de ogen van de Ame­ri­ka­nen kon fun­ge­ren als pro­baat tegen­wicht in Azië, werd het Chi­na onmo­ge­lijk gemaakt om de Japan­ners aan­spra­ke­lijk te stel­len. Tege­lij­ker­tijd was er bin­nen Chi­na nog steeds een poli­tie­ke machts­strijd gaan­de die de aan­dacht weg­hield van wat er in Nan­jing was gebeurd. Men had ‘belang­rij­ke­re zaken’ aan het hoofd. Tevens viel de ver­ne­de­ring door de Japan­ners niet te rij­men met het beeld van een groot en krach­tig Chi­na wat men voor ogen had. Lie­ver zweeg men erover.

Later, toen de com­mu­nis­ti­sche drei­ging was gaan lig­gen, zoch­ten Chi­na en Japan eco­no­mi­sche toe­na­de­ring tot elkaar waar­door het opnieuw niet wen­se­lijk was om deze pijn­lij­ke geschie­de­nis al te nadruk­ke­lijk op te rake­len om de bro­ze betrek­kin­gen niet teveel te scha­den. Op geo-poli­tiek niveau werd dat als belang­rij­ker gezien.

In de nieu­we roman van Kees van Beij­num, De offers geti­teld, komt deze kwes­tie zij­de­lings aan bod. Het was onder ande­re daar­om dat ik met meer dan gewo­ne belang­stel­ling aan dit boek begon. Eén van de hoofd­per­so­nen is de Neder­land­se rech­ter Rem Brink die zit­ting heeft in het Tokio Tri­bu­naal. Ook de oor­logs­mis­da­den die de Japan­ners begaan heb­ben in Nan­jing staan als aan­klacht op de agen­da. Maar al snel werd ik gegre­pen door de per­soon­lij­ke geschie­de­nis van de drie cen­tra­le figu­ren waar dit boek om draait: de al genoem­de rech­ter Rem Brink, de Japan­se zan­ge­res Michi­ko waar hij ver­liefd op wordt en de Japan­se oor­logs­ve­te­raan Hide­ki (de neef van Michi­ko).

Decor van dit lij­vi­ge boek is het totaal ver­woes­te Tokio. De oor­log is ver­lo­ren, het land is bezet door de Ame­ri­ka­nen en atoom­bom­men heb­ben hun ver­nie­ti­gen­de werk gedaan. Wat over­blijft is een naar­gees­tig beeld van com­pleet gede­mo­ra­li­seer­de Japan­ners die in alle opzich­ten gesloopt zijn. In een stad waar geen steen meer op de ande­re staat moe­ten zij zien te over­le­ven in een tijd waar voor­als­nog wet­te­loos­heid over­heerst. De Ame­ri­ka­nen zijn vol­op bezig om grip op het land te krij­gen maar zo kort na de oor­log geldt het recht van de sterk­ste (of mis­schien beter, het recht van de minst zwak­ke). Voor min­der dan een hand­vol rijst kan men al bruut over­val­len wor­den of in het erg­ste geval wor­den ver­moord.

Het is in dit deso­la­te land­schap waar de wegen van Rem, Michi­ko en Hide­ki elkaar krui­sen. De rech­ter die heen en weer geslin­gerd wordt in zijn lief­de voor Michi­ko ter­wijl hij een gehuwd man is met drie kin­de­ren en daar­naast ook nog eens in con­flict komt met de ande­re rech­ters over de straf­maat2. Hier­door komt hij onder gro­te druk te staan wat gro­te gevol­gen kan heb­ben voor zijn posi­tie en toe­komst. De zan­ge­res die kan­sen lijkt te heb­ben om Japan te kun­nen ‘ont­vluch­ten’ voor een oplei­ding in het bui­ten­land maar van­we­ge haar lief­de voor de Neder­land­se rech­ter in de pro­ble­men komt en zich gedwon­gen ziet af te rei­zen naar haar armoe­di­ge geboor­te­dorp hoog in de ber­gen. En ten­slot­te de inva­li­de oor­logs­ve­te­raan Hide­ki die onmach­tig zijn kapot­te leven vorm te geven zich­zelf con­ti­nu in een slacht­of­fer­rol manoeu­vreert maar zodoen­de zijn omge­ving keer op keer in gevaar brengt met alle gevol­gen van dien.

Wat ik mooi vond aan deze mee­sle­pen­de roman is de sym­bo­liek die ik er in proef. Japan, het land van de rij­zen­de zon. Dit speel­de regel­ma­tig door mijn gedach­ten. Naar­ma­te het ver­haal zich vor­dert (de rech­ter ver­blijft twee­ëneen­half jaar in Tokio!) lees je hoe de Japan­ners als nij­ve­re mie­ren bezig zijn om hun stad (en land) weer van de grond af op te bou­wen. Ja, ze waren totaal over­won­nen en ver­ne­derd tot op het bot. Maar mid­den in deze ver­woes­ting zijn ze in staat op te staan en opnieuw te begin­nen. Niet ieder­een, en zeker niet onge­schon­den, maar toch.

Ontel­ba­re malen heeft hij deze rou­te gere­den en gelo­pen. Gaan­de­weg zag hij steeds min­der have­lo­ze men­sen die hun dagen als kak­ker­lak­ken tus­sen het vuil en de puin­ho­pen door­brach­ten. Steeds min­der vuil en puin­ho­pen ook.
[p.472, De offers]

Een oor­log kent alleen maar ver­lie­zers, geen win­naars. Zo is het gezeg­de. Maar mis­schien is het beter om te stel­len dat een oor­log slechts over­le­ven­den kent. En die moe­ten uit­ein­de­lijk ver­der. Het­zelf­de gaat op voor Rem, Michi­ko en Hide­ki. Alle­drie weten ze te over­eind te blij­ven nadat in meer of min­de­re mate hun levens ten gron­de zijn gericht. Ze moe­ten ver­der, waar­bij ze elkaars hulp para­doxaal bezien nodig heb­ben ter­wijl ze ook gedeel­te­lijk schul­dig zijn aan elkaars onge­luk, en tre­den hun toe­komst tege­moet, onze­ker van wat die hen zal bren­gen.

Over Nan­king heb ik uit­ein­de­lijk wei­nig gele­zen. Maar dat heb ik hele­maal niet als teleur­stel­lend erva­ren. In tegen­stel­ling. De offers is een rijk en geva­ri­eerd boek wat ik adem­loos heb uit­ge­le­zen. Op de ach­ter­flap las ik dat Kees van Beij­num ‘erop uit [is] steeds nieu­we schrijf­pa­den te betre­den’, en ik kan dit alleen maar bea­men en tevens toe­voe­gen dat deze roman naar mijn beschei­den mening bij­zon­der geslaagd is. De per­so­na­ges komen goed tot leven en het vormt geen pro­ble­men om je als lezer in te leven in hun gedach­ten­gang. Ook de ‘set­ting’ van Tokio net na de oor­log is heel invoel­baar vorm­ge­ge­ven. Het gaat onder je huid zit­ten wan­neer je je pro­beert te ver­plaat­sen in hoe de Japan­se bevol­king moet zien te over­le­ven in deze bar­re tij­den. Er zit heel veel in deze roman, veel meer dan wat ik hier in deze bespre­king kan aan­stip­pen en daar­om zou ik ieder­een wil­len aan­ra­den om het zelf te gaan lezen.

deoffers

Tokio, 1946. De Neder­lan­der Rem Brink is een van de rech­ters van het Tokio Tri­bu­naal, waar de groot­ste Japan­se oor­logs­mis­da­di­gers terecht­staan. Ter aflei­ding van de machts­spel­le­tjes en voort­du­rend wis­se­len­de alli­an­ties van zijn collega’s pro­beert Brink het hem vreem­de en totaal ver­woes­te land te ver­ken­nen
Als Brink de Japan­se zan­ge­res Michi­ko ont­moet, die tij­dens de bom­bar­de­men­ten op Japan haar ouders heeft ver­lo­ren, ont­luikt er een lief­de die niet zon­der gevaar blijkt. Gedwon­gen ver­trekt ze naar haar geboor­te­dorp in de ber­gen, waar vlak daar­voor in stil­te gru­we­lij­ke oor­logs­mis­da­den heb­ben plaats­ge­von­den.

De offers
Kees van Beij­num
Uit­ge­ve­rij De bezi­ge bij
ISBN 9789023486282

~ ~ ~

Series Navi­ga­ti­on« Terug naar de kustOnbe­grij­pe­lijk »

  1. Mocht je geïn­te­res­seerd zijn in deze voor ons rela­tief onbe­ken­de geschie­de­nis, dan kan ik de vol­gen­de boe­ken aan­be­ve­len:
    The rape of Nan­king — The for­got­ten Holo­caust of World War II door Iris Chang,
    De goe­de nazi van Nan­king — Hoe één man twee­hon­derd­dui­zend Chi­ne­zen red­de — de dag­boe­ken van John Rabe,
    The making of the ‘Rape of Nan­king’ — His­to­ry and memo­ry in Japan, Chi­na, and the Uni­ted Sta­tes door Takas­hi Yos­hi­da 

  2. Lees hier meer over de Neder­land­se rech­ter Bert Röling die model heeft gestaan voor het fic­tie­ve per­so­na­ge Rem Brink 

4 Comments

  1. Ik ken dit boek niet, maar het klinkt abso­luut als een lezens­waar­dig boek. En Kees schreef eer­der de Orde­ning, ook al zo’n prach­tig boek waar­in fic­tie en fei­ten mooi met elkaar ver­we­ven zijn.

    • De orde­ning is dan weer een boek dat ik niet ken. Heb wel ander werk van hem gele­zen dat min­der is blij­ven han­gen dan wat dit boek waar­schijn­lijk zal doen. Hoe­wel er hier en daar wat op aan te mer­ken valt heb ik het met bij­zon­der veel genoe­gen gele­zen. De moei­te waard wat mij betreft.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *