Drie loopdips voor de beginnende halve marathon loper

Niet echt een nieuw ver­schijn­sel voor mij aan­ge­zien ik er na de Zeven­heu­ve­len­nacht ook al last van had maar des­al­niet­te­min dus­da­nig ver­ve­lend en onver­wachts dat ik er nu wat aan­dacht aan ga beste­den.

Mijn drie loopdips van dit najaar:

  1. Aller­eerst is daar de peri­o­de na het lopen van een bij­zon­de­re wed­strijd. Voor mij was het dit­maal zoals gezegd de hal­ve mara­thon van Doe­tin­chem. Nog nooit had ik deze afstand gelo­pen. Zelfs niet in de voor­be­rei­ding. Nadat ik ‘m pre­cies bin­nen de voor­ge­no­men tijd had uit­ge­lo­pen was ik de eer­ste vijf minu­ten kapot, daar­na begon de eufo­rie dat ik het gehaald had en een­maal thuis nam de hoog­moed het over. Wie weet zit er (bin­nen­kort) wel een hele mara­thon in, hield ik mezelf en mijn omge­ving voor. Enke­le dagen later had ik geen zin meer om te lopen. Alle puf, alle mooie plan­nen, al het goe­de gevoel wat ik had over­ge­hou­den aan die voor mij grens­ver­leg­gen­de race was ver­dwe­nen. Ik had er even hele­maal geen zin meer in om drie­maal per week m’n ver­plich­te rond­jes te ren­nen.
  2. Het duur­de twee weken voor­dat ik mijn ren­schoe­nen weer voor de dag haal­de. Hoe­wel ik bang was dat mijn con­di­tie zien­der­ogen ach­ter­uit was gegaan bleek daar geen spra­ke van. Ik hol­de de geplan­de kilo­me­ters in dezelf­de tijd als toen ik nog vol­gens het sche­ma voor Doe­tin­chem liep. Toch had ik geen fijn gevoel ach­ter­af. Het­zelf­de toen ik enke­le dagen erna mezelf er slechts met moei­te toe kon zet­ten om gaan te ren­nen. Tem­po: goed. Gevoel: bleh. Mis­schien moest ik tij­de­lijk de schema’s over­boord gooi­en en weer gewoon voor de fun gaan ren­nen. Zo gezegd zo pas een week later gedaan. Het was wen­nen zon­der mijn gps-hor­lo­ge maar het hielp. Niet het tem­po was bepa­lend maar het ple­zier van het bui­ten ren­nen. Het luk­te me weer om mini­maal 1x per week te gaan.
  3. Tot­dat het op een zon­dag­och­tend zo ver­schrik­ke­lijk nat koud en storm­ach­tig was dat ik al na 500 meter vol­ko­men door­weekt en ver­kleumd was. Het was nog geen acht uur en over­al waar ik keek waren de gor­dij­nen geslo­ten en stel­de ik me voor dat de bewo­ners ofwel nog in hun war­me bed lagen ofwel gezel­lig aan een ont­bijt­ta­fel zaten vol­ge­la­den met aller­lei lek­kers. Ik liep nog een kilo­me­ter ver­der maar draai­de toen abrupt om en ging naar huis. Daar stond ik voor mijn idee uren onder de hete dou­che. De hele ver­de­re week bleef het weer koud en nat zodat ik elke avond na werk­tijd een excuus had om niet te gaan. Zelfs het mooie weer van het week­end erop kon me niet over­ha­len om te gaan ren­nen. Ik was het weer kwijt. En opnieuw gaf ik mezelf de tijd om er ‘over­heen’ te komen. Even geen ver­plich­ting maar de tijd gebrui­ken voor ande­re zaken die anders ble­ven lig­gen. Hopen dat het van­zelf zou gaan wrin­gen en schu­ren wan­neer ik de die-hard hard­lo­pers wel voor­bij zag snel­len.

Zo geschied­de en was ik drie loop­dips rij­ker ter­wijl de eer­ste sneeuw van de win­ter nog moet val­len. Dat belooft wat.

loopdip

~ ~ ~

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *