Mijn Moment 2014

Iemand zei ooit tegen me dat ik eerst dat ene boek moest schrij­ven voor­dat ik aan het vol­gen­de kon begin­nen. Of iets in die trant. Ik was het er niet mee eens en daar­om weet ik niet meer pre­cies hoe het werd gezegd. Het kan ook zijn dat ik het niet wil­de horen omdat ik eigen­lijk wel wist dat het waar was. Feit is dat ik de exac­te bewoor­din­gen hier niet op kan roepen.

Begin dit jaar begon ik vol enthou­si­as­me met het schrij­ven aan wat mijn eer­ste roman zou gaan wor­den. Ik maak­te er zelfs een spe­ci­a­le pagi­na voor aan waar ik de vor­de­rin­gen kon delen en mis­schien zelfs wel goe­de feed­back zou krij­gen die ik ver­vol­gens weer kon ver­wer­ken. In de maan­den janu­a­ri en febru­a­ri schoot het goed op. Althans de struc­tuur die ik voor ogen had kreeg allengs meer vorm. En wat klei­ne opzet­jes voor ver­schil­len­de sleu­telsce­nes die ik in gedach­ten had werk­te ik in detail uit. Het ech­te schrij­ven moest toen nog steeds beginnen.

Tij­dens een paar dagen vrij­af ergens in april dacht ik er klaar voor te zijn. Toch nog wat besmuikt en zon­der het aan de gro­te klok te han­gen (de spe­ci­a­le pagi­na had ik offli­ne gezet) kreeg ik de eer­ste hoofd­stuk­ken in enke­le dagen tijd zon­der al teveel moei­te ‘op papier’. Daar­na liep ik vast. Hoe ik ook mijn best deed, alle ver­sies die volg­den leden aan het­zelf­de euvel: ik kreeg het ver­haal niet de kant op gestuurd waar­heen ik het wil­de heb­ben. Een ander ver­haal wil­de eerst ver­teld worden.

Uit­ein­de­lijk gaf ik toe.

Ruim een maand later lag mijn eer­ste boek voor me op tafel. Nie­mand die het wist. Hele­maal in mijn een­tje getypt, geprint, gere­di­geerd, gecor­ri­geerd en opnieuw geprint. Enzo­voort. Tot­dat ik er tevre­den over was. Nu was het dan zover.

Ik liet mijn hand over het titel­blad gaan. Het was vreemd om mijn naam daar te zien. Eén kant van het ver­haal. Mijn kant.

Bene­den hoor­de ik iemand de ach­ter­deur ope­nen en mijn naam roe­pen. Ik riep terug dat ik boven was. Het manu­script stop­te ik weg in de lade van mijn bureau en sloot de deur van de werk­ka­mer ach­ter me.

We zijn inmid­dels aan­ge­ko­men in decem­ber. De afge­lo­pen maan­den heb ik het druk­ker dan druk gehad op kan­toor. Van schrij­ven is niet veel terecht­ge­ko­men. Idee­ën heb ik ech­ter in over­vloed. Een nieu­we opzet voor een vol­gen­de roman ligt al te wach­ten in de ver­der geheel lege lade van mijn bureau. Niet lang nadat ik de defi­ni­tie­ve ver­sie van mijn eer­ste boek naar vol­ler tevre­den­heid had afge­rond heb ik het door de papier­ver­snip­pe­raar gehaald. Alle elek­tro­ni­sche ver­sies heb ik zorg­vul­dig gewist.

Niets staat mij nu nog in de weg bij het schrij­ven van mijn eer­ste twee­de boek.

~ ~ ~

Vorig jaar kreeg ik een uit­no­di­ging voor #mijn­mo­ment. Dit jaar niet. Dat vind ik jammer.

~ ~ ~