Bonusloterij

Nog een citaat:

Een sale­shan­de­laar aan­de­len van eind veer­tig mocht sinds een paar jaar bonussen toeken­nen aan junioren. Hoe dat gaat? Hij lachte: ‘Het is gewoon een stel gas­ten in een kamer die door een lijst met namen gaan en zeggen: “Oké, hoeveel kri­jgt deze?”
[p.55, Dit kan niet waar zijn. Onder bankieren, Joris Luyendijk]

Ergens in 1985 kreeg ik een baan aange­bo­den bij Philips. Ik had gesol­lici­teerd op iets met IT maar uit de intake kwam dat ik meer aan­leg had voor logistiek. Het was mij om het even. Ik zette mijn handteken­ing onder het con­tract en zocht thuis op1 wat dat dan pre­cies was, logistiek.

Een paar weken lat­er mocht ik op een mooie maandag begin­nen. Samen met drie andere gelukki­gen. Een­t­je had er zelfs voor ges­tudeerd. Op de school voor logistiek. Na een korte intro­duc­tie wer­den we naar een ruimte ges­tu­urd waar we verdeeld wer­den over de wereld. Net zoals ik eerder tij­dens mijn dien­st­plicht al had meege­maakt zag ik ook hier geen enkele log­i­ca. Aangezien een van ons vieren van Chi­nese afkomst was leek het mij voor de hand liggend dat zij kon gaan werken op de afdel­ing die zich bezighield met de regio Azië. Niet dus. Daar kwam ik terecht.

Elke dag luncht­en we geza­men­lijk en vertelden elka­ar wat we die dag had­den meege­maakt. Het was veel van het­zelfde ongeacht voor welke regio je werk­te. Behalve één belan­grijk ver­schil. Alleen de col­le­ga die voor Europa werk­te mocht af en toe op zak­en­reis. De rest moest het zak­en­doen over­lat­en aan zoge­naamde ‘lan­den­man­nen’ (mocht­en ook vrouwen zijn) die niets anders deden dan de hele wereld afreizen.

Toen de tijd was aange­bro­ken dat de bonussen wer­den uitgedeeld waren we heel benieuwd wat er voor ons geregeld was. Ondanks dat we nog geen jaar in dienst waren had­den we het idee dat er voor ons een leuk bedrag­je was vri­jge­maakt. Groot was onze teleurstelling dat enkel de ‘Europese col­le­ga’ met een bonus de ker­stda­gen ing­ing.

Pas jaren lat­er hoorde ik hoe dat gegaan was. De man­ag­er had van onze respec­tievelijke afdel­ing­shoof­den doorgekre­gen (inclusief schriftelijke onder­bouwing) dat wij als ent­hou­si­aste jonge hon­den alle­maal in aan­merkin­gen kwa­men voor een extra beloning. Daarmee ging hij ver­vol­gens naar zijn baas die met een schuin oog naar de namen keek en aan­gaf dat col­le­ga X wat hem betrof iets kon kri­j­gen. Enkel en alleen omdat de naam van col­le­ga X bij hem een bel­let­je deed rinke­len van­wege de ver­plichte bezoekrap­porten die X moest schri­jven na een zak­en­reis in Europa. Zo ging dat.

En zo gaat het vol­gens mij nog steeds in veel gevallen. Willekeur, toe­val en een flinke dosis vriend­je­spoli­tiek achter een keurige facade van wel­do­or­dacht salaris­beleid.

~ ~ ~


  1. In een woor­den­boek. Dit was in het pre­google tijd­perk 

2 Comments

Geef een reactie