Je wordt ouder Peter, geef het maar toe…

’s Ocht­ends op ’t eind van de sur­vival­train­ing besloot ik in plaats van het gebruike­lijke uit­lopen nog een extra rond­je om de kleine plas te doen. Inclusief de paar hin­dernissen die er al een tijd­je staan1 en een stuk­je zwem­men. Ik had lekker getraind, het weer was heer­lijk en nie­mand die me tegen­hield.
Zo gezegd, zo gedaan.
Aan het eind van mijn rond­je kwam ik bij toe­val het uit­loop­groep­je tegen en kon zo nog wat afs­lui­tende rek- en strekoe­fenin­gen doen voor­dat we op weg gin­gen naar de koffie. Pas toen schoot me weer te bin­nen dat ik meteen naar huis moest. Er werd van me verwacht dat ik een bestel­bus ging ophalen om ver­vol­gens in Groen­lo een berg spullen in te laden en deze  in Arn­hem weer in de tijdelijke opslag zou zetten.
Zo gezegd, zo gegaan.
Nadat we ons (ik had gelukkig hulp van Tris­tan) door de file huiswaarts kerende Duit­sers met car­a­van had­den gewur­md waren we al snel op de plaats van bestem­ming. Soe­pelt­jes dacht ik uit de hoge bus te sprin­gen maar een scherpe pijn­scheut in mijn onder­rug ver­hin­derde dit. Ik kon mezelf nog net aan de deur­post vasthouden anders was ik onderuit gegaan. Hier­na luk­te het me slechts met de groot­ste moeite uit de bus te ger­ak­en.
Zo gezegd, iets langer over gedaan.
Het ver­volg was een dra­ma. Zolang ik maar zon­der te buigen iets kon oppakken was er niets aan de hand. Alles onder kniehoogte moest ik echter lat­en staan. Of ik moest me eerst ergens aan vast pakken zodat ik met onder­s­te­un­ing wat verder naar bene­den kon reiken. Echt iets zwaars tillen was dan natu­urlijk geen optie. Gefrus­treerd liep ik rond want dit schoot hele­maal niet op. Uitein­delijk hebben we toch alles met veel pijn en moeite (voor­namelijk van mijn kant) weten in te laden.
Zo gezegd, veel te lang over gedaan.
Op de terug­weg kon ik maar geen geschik­te zithoud­ing vin­den die volkomen pijn­loos was. Ter­wi­jl ik er juist zo naar uit­gekeken had om even te kun­nen uitrusten. Niets van dat al. Hele­maal sti­jf van het onge­makke­lijk zit­ten was ik blij dat ik er in Arn­hem weer uit kon. Ook al ging dat weer zeer moeiza­am. Maar het erg­ste moest nog komen. Tot mijn schaamte moest ik toegeven dat ik niet meer in staat was om te helpen de was­ma­chine bij Tris­tan naar boven te tillen. Een vriend van hem werd gebeld om te assis­teren. Hulpeloos kon ik slechts toezien.
Zo gezegd, niets gedaan.
Nu hang ik onderuit geza­kt op de bank met mijn lap­top op schoot en een warmtepleis­ter op  de pijn­lijke onder­rug mezelf af te vra­gen waar het pre­cies is mis­ge­gaan van­daag. Was het toch de sur­vival­train­ing waar ik iets te ent­hou­si­ast bezig ben geweest? Of heb ik ‘gewoon’ een spiert­je ver­rekt bij een onhandi­ge beweg­ing tij­dens het ophalen van de bus? Waar ik nog niet aan wil denken is dat ik miss­chien wel te oud ben voor dat hele sur­vivallen of sjouwen met zware spullen. Want ondanks dat ik het niet zo voel (met uit­zon­der­ing van deze namid­dag) kan dat wel het geval zijn. Dat ik de rest van mijn lev­en gedoemd ben in een luie stoel door te bren­gen.
Zo gezegd, afgedaan.
Maar voor­dat het zover is, eerst eens zien hoe ik mor­gen­vroeg ops­ta.


  1. Het vreemde is dat er sinds­di­en niet meer aan de retro-fit­baan is gew­erkt en er ook geen nieuwe hin­dernissen zijn bijgekomen. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Tags

(all tags)

Tweets