Broederliefde

Deze blog­post is deel 42 van 43 in de serie Een per­fec­te dag voor lite­ra­tuur
roccoandhisbrothers

uit: Roc­co e i suoi fra­tel­li (1960) — Luchi­no Vis­con­ti

Soms lees ik een boek waar­in vanal­les voor­bij komt maar waar één sce­ne blijft naprut­te­len in mijn hoofd en dat al het ande­re gelei­de­lijk naar de ach­ter­grond brengt. Vaak hoeft dat niet eens een onder­werp te zijn dat de schrij­ver nadruk­ke­lijk in zijn roman heeft ver­werkt. Het kan een schijn­baar1 wil­le­keu­ri­ge pas­sa­ge zijn waar de mees­te lezers over­heen lezen maar die bij mij iets in wer­king zet zon­der dat ik het zelf met­een in de gaten heb. Ter­wijl ik niets­ver­moe­dend door­lees en pro­beer te ach­ter­ha­len hoe het ver­haal in elkaar steekt is er tege­lij­ker­tijd een pro­ces in gang gezet dat ach­ter­af bezien voor mijn beeld­vor­ming het belang­rijk­ste blijkt te zijn. Zo las ik ooit een toe­komst­ver­haal over 3D prin­ting maar raak­te ik voor­al gefas­ci­neerd hoe een van de per­so­na­ges hier­over ver­slag deed op haar web­si­te waar­door mijn enthou­si­as­me voor het blog­gen ver­der werd aan­ge­wak­kerd. Wel­licht zal iede­re lezer iets der­ge­lijks her­ken­nen.

Bij Net veer­tien is me iets soort­ge­lijks over­ko­men. Nadat ik het boek gele­zen had kwam ik bij het terug­bla­de­ren op zoek naar stuk­ken tekst die ik even­tu­eel zou kun­nen gebrui­ken voor deze boek­be­spre­king elke keer opnieuw uit bij de vol­gen­de zin­nen:

Na mams dood kroop jij je boe­ken in. Ik ren­de af en toe naar bui­ten. Jij wil­de ver­dwij­nen in ver­ha­len. Ik wil­de op mijn ska­te­board vlie­gen. […] Ik wil­de ooit wor­den zoals jij. Jij wil­de niets meer wor­den. Jij at zon­der iets te zeg­gen. Ik praat­te hon­derd­uit. Ik wil­de dat jij mijn gro­te ster­ke broer zou zijn. Jij wil­de van nie­mand meer iets zijn.
[p.148, Net veer­tien]

Jona­than en Ste­fan, de twee broers in het ver­haal geschre­ven door André Plat­teel, sche­len acht jaar2  in leef­tijd. In deel 1 is Jona­than aan het woord die op dat moment (we spre­ken over 1983) veer­tien jaar jong is. In het twee­de deel, we zijn inmid­dels in 1991 aan­be­land, is het Ste­fan die nu veer­tien jaar is. In de tus­sen­lig­gen­de tijd is hun moe­der komen te over­lij­den en is Ste­fan onge­nees­lijk ziek. Hef­tig. En ook nog eens veel rau­wer en down to earth beschre­ven dan het mys­te­ri­eu­ze Alles hier­voor, de vori­ge roman van Plat­teel.

Toch bleef ik zoals gezegd terug­ko­men bij die paar zin­nen op blad­zij­de 148. Waar­om? Het ant­woord vond ik dicht bij huis. Omdat het zo ver­domd her­ken­baar was.

Ik heb ook een broer. We sche­len zes jaar. Geen acht. Onze moe­der leeft nog. Bij mijn weten is mijn jon­ge­re broer niet onge­nees­lijk ziek. Niet echt veel over­een­kom­sten met de situ­a­tie waar­in Jona­than en Ste­fan zich bevin­den. Toch zijn er die wel dege­lijk. Mijn moe­der heeft name­lijk jaren­lang depres­sie­ve bui­en gehad ter­wijl wij nog thuis woon­den. Dat heeft veel impact op ons gezins­le­ven gehad. Alleen wat ik toen niet in de gaten had en me pas veel later rea­li­seer­de was hoe ik me in mezelf terug­ge­trok­ken had en wat dit voor mijn jon­ge­re broer heeft bete­kend. In plaats van steun bij elkaar te zoe­ken (wat we inci­den­teel heus wel deden, maar veel te wei­nig om te beklij­ven) gin­gen we ieder onze eigen weg. Het leef­tijds­ver­schil heeft daar zeker een rol bij gespeeld. Maar juist daar­door had ik er meer moe­ten zijn voor hem. Ik kroop ech­ter in mijn boe­ken. Hij ging naar bui­ten met zijn ska­te­board.

Net veer­tien werd aldus voor mij veel meer een ver­haal over de onmacht tus­sen twee broers om nader tot elkaar te komen dan mis­schien de bedoe­ling was. Hoe­wel. Nu ik een zoveel­ste keer her en der stuk­ken terug­lees begin ik patro­nen te ont­dek­ken. In het deel van Jona­than zien we dat Ste­fan slechts een bij­rol ver­vuld. Omge­keerd krijgt Jona­than een belang­rij­ke rol toe­ge­me­ten wan­neer Ste­fan aan het woord is. Het jon­ge­re broer­tje kijkt op naar zijn oude­re broer. De oude­re broer kijkt weg van hem en is alleen met zich­zelf bezig. Een klas­siek the­ma. Pijn­lijk her­ken­baar ook. En voor wie de voet­noot gele­zen heeft een zoveel­ste bewijs dat goe­de schrij­vers zel­den of nooit schijn­baar wil­le­keu­ri­ge pas­sa­ges opne­men.

net14platteel

Net veer­tien, Plat­teels twee­de roman, is het con­fron­te­ren­de por­tret van twee broers die opgroei­en in een volks­wijk. Jona­than gaat op zijn veer­tien­de op sek­su­e­le ont­dek­kings­tocht. Acht jaar later strijdt Ste­fan op zijn veer­tien­de tegen de dood. Wat bei­de broers bindt, is het ver­lan­gen om te leven, voor­bij de ein­dig­heid.
Net veer­tien is een even rau­we als tede­re coming of age-roman, geschre­ven in een levens­drif­ti­ge stijl waar­in wordt afge­re­kend met de gedach­te dat er ook maar iets defi­ni­tief kan ster­ven.

Net veer­tien?
André Plat­teel
Uit­ge­ver Mago­nia
ISBN 9789492241122

~ ~ ~

Series Navi­ga­ti­on« Hoe leest zij?Groe­nen­dijk Girls »

  1. Maar pas op! Je kunt ze nooit ver­trou­wen, die schrij­vers. 

  2. Zie hoe de acht ook terug­komt in de omslag van het boek waar­op de twee gedeel­te­lijk over­lap­pen­de cir­kels de ver­ha­len van Jona­than en Ste­fan weer­ge­ven.