Zoektocht

De taxi stopte voor hotel Capi­toli­na. Er stond een kleine cement­molen bij de ingang en een con­tain­er vol puin. In de recep­tie waren alle licht­en uit. Het was bij­na twaalf uur. Mid­der­nacht.

Ik pak­te mijn rugzak van de achter­bank en maak­te aanstal­ten om uit te stap­pen. De chauf­feur keek me aan. Hij sprak slechts enkele woor­den Engels. Ik nog min­der Roe­meens. Met wat gebaren gaf ik aan dat het goed was. Lol et Lola, voegde ik eraan toe en wees naar een bord wat iet­sjes verderop aan een gev­el hing.

Wat de chauf­feur niet wist was dat ik een dag voor vertrek een mail had gekre­gen van het reis­bu­reau. De ver­bouwing van hotel Capi­toli­na liep uit. Maar de eige­naar had nog een hotel. Lol et Lola. Daar kon ik tijdelijk terecht. Het stond ook op de lijst van hotels waar ons kan­toor zak­en mee doet. Maar blijk­baar had men dit niet doorgegeven aan het tax­ibedri­jf.

Niet veel lat­er stond ik met mijn reiskof­fer aan de hand op de stoep en was de taxi vertrokken. Op het bord van Lol et Lola stond met een pijl aangegeven dat ik om de hoek moest zijn. In een nauw donker steeg­je. Of was de pijl onderdeel van het logo? En ver­school er zich in de gev­el ergens een deur waar­door ik naar bin­nen kon? Daar leek het niet op. Dus liep ik op goed geluk het steeg­je in.

Na een tien­tal meters kon ik niet meer verder. Een hek gaf aan dat ik de achterkant had bereikt van een blok huizen dat achter het blok was gele­gen waar hotel Capi­toli­na onderdeel van uit­maak­te. Ik kon wel naar links, maar dat leek me een doo­d­lopend pad zoals ik het bij het spaarzame licht kon zien. Dan maar naar links.

Van een eerder verbli­jf in hotel Capi­toli­na wist ik dat het blok huizen niet uit een vierkant bestond, maar een driehoek. Het was dus niet echt ver­rassend toen ik al snel weer op de hoofd­weg uitk­wam waaraan het hotel gele­gen was. Door nu weer naar rechts te gaan kwam ik weer bij het begin van het hotel in ver­bouwing terecht. Er waren vijf minuten ver­streken. Het was nu offi­cieel nacht.

Wat kon ik doen? Ik wist dat op een kwarti­er lopen een ander hotel was waar ik zek­er terecht kon. Of dat me miss­chien verder kon helpen. Maar om nu al meteen op te geven. Dat hotel­bord aan de gev­el hing er niet voor niets. Ook het adres klopte. Opnieuw liep ik naar het steeg­je. Wat had ik over het hoofd gezien?

Plots ging er deur open een stuk­je terug. Er kwa­men wat jon­geren naar buiten. Stu­den­ten waarschi­jn­lijk, gezien de buurt waar ik me bevond. En ik had gezien dat het gebouw een avond­school huisvestte. Alleen had ik niet verwacht dat ze zo laat nog open waren. In ieder geval gaf het mij de kans aan hen te vra­gen of ze bek­end waren met hotel Lol et Lola. Want Engels zouden de meesten wel spreken.

Wel, Engels sprak­en ze alle­maal. Maar van Lol et Lola had­den ze nog nooit geho­ord. Het leek of ze het bord waar ik hen op wees voor de eerste keer zagen. Ze schakelden over op Roe­meens om met elka­ar te over­leggen zon­der het gewen­ste resul­taat. Ik gaf aan dat het geen prob­leem was.

De ingang moest zich hier ergens onder onze neus bevin­den. Kwest­ie van goed kijken.

Voor een tweede keer liep ik het steeg­je in. Bij het hek aangekomen keerde ik dit­maal naar links. Ik had het goed gezien. Doo­d­lopend in een klein par­keer­plaat­sje voor de bewon­ers. Ok, ik gaf het op. Terug bij het hek haalde ik de order­beves­tig­ing uit mijn rugzak om het tele­foon­num­mer op te zoeken. Net op dat moment kwam er een auto het steeg­je ingere­den. Met een hoop gepiep en gekraag kwam het hek in beweg­ing.

Ik rook mijn kans en klopte op het raam­p­je van de auto die nu stil­stond tot­dat het hek volledig open was. De bestu­ur­der liet aarze­lend het raam­p­je zakken. ‘Do you know where I can find hotel Lol et Lola?’ Ik gok­te erop dat hij Engels ver­stond. Dat deed hij. Vrien­delijk lachend wees hij voor zich uit. In de verte, aan het eind van de oprit zag ik een gebouw met het­zelfde logo als aan de straat.

Nu viel me pas op dat er een minis­cu­ul bor­d­je aan het hek beves­tigd was. Ook weer met het­zelfde logo van het hotel. Ernaast zat een deurbel. Ik bedank­te de man en liep richt­ing het hotel. Het was kwart over twaalf. Om half een sliep ik. Ik had er weer een mooi ver­haal bij.

~ ~ ~

Geef een reactie