Zaterdag, 17 november 2018

Mooie over­den­king aan het begin van hoofd­stuk 10 over het opnieuw bezoe­ken van plaat­sen waar je ooit bent geweest is en waar je goe­de her­in­ne­rin­gen bij hebt. Mot­to: begin er niet aan. Het valt alleen maar tegen.

As an adult, I have often known that pecu­liar leg­a­cy time brings to the tra­ve­ler: the lon­ging to seek out a pla­ce a second time, to find deli­be­ra­te­ly what we stum­b­led on once befo­re, to recap­tu­re the fee­ling of dis­co­ve­ry. Some­ti­mes we search out again even a pla­ce that was not remar­ka­ble in itself — we look for it sim­ply becau­se we remem­ber it. If we do find it, of cour­se, eve­ry­thing is dif­fe­rent. The rough-hewn door is still the­re, but it’s much smal­ler; the day is clou­dy instead of bril­li­ant; it’s spring instead of autumn; we’­re alo­ne instead of with three friends. Or, wor­se, with three friends instead of alo­ne.
[p.80, The His­to­ri­an, Eli­za­beth Kost­ova]

~ ~ ~

Van veel boe­ken weet ik pre­cies waar en wan­neer ik ze heb gekocht. Dat is niet het geval bij The His­to­ri­an. Ik denk dat ik het ooit op een vlieg­veld heb gekocht omdat ik niets te lezen bij me had of wat ik bij me had al had uit­ge­le­zen of niet inte­res­sant genoeg was. Hoe dan ook. Ik weet het niet meer. Wat ik wel weet is waar­om ik er (opnieuw) in begon­nen ben. Tij­dens mijn laat­ste bezoek aan Cluj heb ik veel tijd door­ge­bracht in een ver­ga­der­ruim­te met de naam Vlad Tepes. Van­daar.

Late one night, explo­ring her father’s libra­ry, a young woman finds an ancient book and a cache of yel­lo­wing let­ters addres­sed omi­nous­ly to ‘My dear and unfor­tu­na­te suc­ces­sor’. Her dis­co­ve­ry plun­ges her into a world she never drea­med of — a laby­rinth whe­re the secrets of her father’s past and her mother’s mys­te­rious fate con­nect to an evil hid­den in the depths of his­to­ry.

The His­to­ri­an
Eli­za­beth Kost­ova
Sphe­re
ISBN 9780751537284

~ ~ ~

In The His­to­ri­an gaat de doch­ter van een voor­ma­lig stu­dent geschie­de­nis op zoek naar meer infor­ma­tie over Vlad Tepes, ofte­wel ‘Vlad the Impa­ler’. Ze stuit op een boek van Robert Dig­by geti­teld Tales from the Car­pa­thians met twee ver­tel­lin­gen waar graaf  Dra­cu­la een rol heeft1.

The first recoun­ted how Dra­cu­la liked to feast out of doors among the corp­ses of his impa­led sub­jects. One day, I lear­ned, a ser­vant com­plai­ned open­ly in front of Dra­cu­la about the ter­ri­ble smell, whe­reupon the prin­ce orde­red his men to impa­le the ser­vant abo­ve the others, so the smell would not offend the dying servant’s nose.
[p.86–87]

Een hoofd­stuk ver­der ver­schuift het ver­tel­per­spec­tief naar een men­tor van haar vader toen die nog geschie­de­nis stu­deer­de. Ook hij had zich ver­diept in de geschie­de­nis van Dra­cu­la maar door omstan­dig­he­den die nog niet dui­de­lijk zijn is hij hier­mee gestopt. In een reeks van brie­ven die hij heeft ach­ter­ge­la­ten als waar­schu­wing voor wie zijn voor­beeld wil vol­gen doet hij uit de doe­ken wat er is voor­ge­val­len. In een brief geda­teerd 16 decem­ber 1930 valt het vol­gen­de te lezen wan­neer hij een boek opent dat van cru­ci­aal belang is voor zijn onder­zoek:

Imme­di­a­te­ly I beca­me awa­re of some­thing very stran­ge. A smell rose from its pages that was not mere­ly the deli­ca­te scent of ageing paper and crack­ed vel­lum. It was a reek of decay, a ter­ri­ble, sic­ke­ning odour, a smell of old meat or cor­rup­ted fle­sh.
[p.91–92]

Nor­maal gespro­ken zou ik bij deze pas­sa­ges niet zolang heb­ben stil­ge­staan, maar met de beel­den van De doden­val­lei van Texas nog vers in mijn geheu­gen leek het als­of een mis­se­lijk­ma­ken­de geur van rot­ten­de lij­ken van de pagina’s omhoog steeg. Ik wist niet hoe snel ik ver­der moest lezen om dit van me af te schud­den. Heel bij­zon­der dat je daar­aan ooit kunt wen­nen.

~ ~ ~

Ik had weer een bood­schap­pen­lijst­je voor mijn aan­staan­de zoveel­ste trip naar Cluj op maan­dag. Daar­voor moest ik onder ande­re ook bij de boek­han­del in Bem­mel zijn. Lang stond ik sterk in mijn schoe­nen tegen de ver­lei­din­gen van al die boe­ken die om mijn aan­dacht smeek­ten. Helaas moest ik net iets lan­ger in de win­kel zijn dan dat ik stand­vas­tig kon blij­ven en ging naar huis met de Wereld­ge­schie­de­nis van Neder­land.

~ ~ ~

Oh ja, ik zou het haast ver­ge­ten. De Sint is weer in het land…

Wan­neer laat deze oude man zien dat hij ook daad­wer­ke­lijk een wij­ze man is door defi­ni­tief afscheid te nemen van de zwar­te Pie­ten?

Je weet toch #zwar­te­pie­tis­ra­cis­me

~ ~ ~


  1. Voor de vol­le­dig­heid: het boek geschre­ven door Robert Dig­by bestaat niet echt. Zie <a href=“https://vampiretravels.wordpress.com/2011/07/20/robert-digby-and-tales-from-the-carpathians/” target=“_blank” rel=“noopener”>hier</a> voor de fact­check. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *