20191025 — vrijdag

Rijden heen, rennen terug

Dit week­end leen ik mijn auto uit. Dat brengt altijd wat gedoe met zich mee. In je een­tje naar de plek van over­dracht toe rij­den, en dan door dege­ne aan wie je de auto uit­leent weer naar huis gebracht wor­den, die dan weer met de auto terug gaat naar de plek waar je ‘m zojuist had afge­le­verd voor de uit­leen. Of ik zou Inge moe­ten vra­gen met haar auto ach­ter mij aan te rij­den, zodat we met z’n twee­tjes terug kun­nen rij­den. De optie om een fiets ach­ter­in te leg­gen is helaas prak­tisch gezien niet erg haal­baar met mijn klei­ne auto.

Omdat ik deze avond geen zin heb in gedoe kies ik voor de optie om terug te ren­nen. Thuis van kan­toor trek ik mijn hard­loop­kle­ren aan, rijd naar de plek van uit­leen, over­han­dig mijn auto­sleu­tels en ren op mijn gemak terug naar huis. Zo pik ik toch weer een spor­tief moment­je mee.

The pale darkness

As much as my eyes beca­me used to it, though, the dark­ness never cea­sed to be dark­ness. Any­thing I tried to focus on would lose its sha­pe and bur­row its way sound­les­sly into the sur­roun­ding obscu­ri­ty. Per­haps this could be cal­l­ed ‘pale dark­ness’, but pale as it might be, it had its own par­ti­cu­lar kind of des­ti­ny, which in some cases con­tai­ned a more mea­ning­ful dark­ness than per­fect pitch dark­ness. In it, you could see some­thing. And at the same time, you could see nothing at all. [p.222]

De inter­net­ver­bin­ding op ons adres is nog steeds van de oude stem­pel. Een opge­waar­de isdn-kabel levert met veel moei­te een zeer klei­ne 6 Mb data, wat ruim vol­doen­de is voor stan­daard inter­net­ge­bruik, maar voor strea­ming­dien­sten zoals Apple Music of Net­flix af en toe niet toe­rei­kend is. We wach­ten al een klein jaar op de glas­ve­zel­aan­slui­ting en heel mis­schien gaat dat luk­ken voor­dat de kerst­va­kan­tie aan­breekt. Dan moet wel alles mee­zit­ten, wat tot nog toe niet het geval is geweest.

Ook deze avond hapert Net­flix weer eens ouder­wets. Voor mij is het een teken dat ik een ver­an­de­ring van plan­nen dien door te voe­ren. De tv gaat uit en in plaats daar­van pak ik het boek The Wind-up Bird Chro­ni­cle van Haruki Mura­kami erbij waar ik de rest van de avond in ver­der lees.

De hoofd­per­soon Toru blijft een­zaam ach­ter nadat zijn vrouw op een dag niet terug­komt van haar werk. Heeft ze hem ver­la­ten voor een gehei­me min­naar of is er iets anders aan de hand? Toru besluit zich terug te trek­ken op de bodem van een droog­ge­val­len water­put. Daar, in de tota­le duis­ter­nis, komen de her­in­ne­rin­gen aan zijn eer­ste ont­moe­ting met Kumi­ko in alle scherp­te terug:

Here in this dark­ness, with its stran­ge sen­se of sig­ni­fi­can­ce, my memo­ries began to take on a power they had never had befo­re. The frag­men­ta­ry ima­ges they cal­l­ed up insi­de me were mys­te­rious­ly vivid in eve­ry detail, to the point whe­re I felt I could grasp them in my hand. [p.222]

Regel­ma­tig pro­beer ik bepaal­de gebeur­te­nis­sen uit mijn per­soon­lij­ke ver­le­den voor de geest te halen. De aan­lei­ding kan vanal­les zijn, een gesprek, een boek, een tv uit­zen­ding. Heel soms lukt het me de her­in­ne­ring rede­lijk com­pleet te repro­du­ce­ren, maar veel vaker blijft het bij onsa­men­han­gen­de frag­men­ten waar­door ik gefrus­treerd raak waar­om ik niet in staat ben mijn eigen leven in detail op te roe­pen.

Mis­schien moet ik over­we­gen een put te laten slaan in onze ach­ter­tuin waar ik zo nu en dan in kan afda­len voor een ‘trip back to memo­ry lane’.

~ ~ ~

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *