Dinsdag, 28 december 2021

Het lukt me niet om op 6 uur op te staan deze vakan­tie. Er zit meer moe­heid in mijn lijf dan ik mis­schien wil toe­ge­ven want ook over­dag komt er niet echt veel uit mijn han­den. De wil­de opruim­plan­nen bui­ten heb­ben we nood­ge­dwon­gen een beet­je moe­ten bij­stel­len. Er staat een klei­ne con­tai­ner bui­ten voor puin maar die wordt voor­lo­pig nog niet opgehaald.

De och­tend daar­om gebruikt voor de nor­ma­le vakan­tie­rou­ti­ne. Eerst de rap­por­ta­ge voor het werk en ver­vol­gens ver­der met de stu­die. Het hoofd­stuk ‘Kerk en reli­gie’ in het con­fes­si­o­ne­le tijd­perk geschre­ven door Peter van Rooden heb ik ein­de­lijk hele­maal door­ge­no­men en samen­ge­vat. De kern van het betoog is dat na de Refor­ma­tie er ver­gaan­de over­een­kom­sten waren in ker­ke­lij­ke en poli­tie­ke stra­te­gie­ën tus­sen katho­lie­ken en pro­tes­tan­ten in hun onder­lin­ge strijd.

Omdat we later op de mid­dag rich­ting Papen­dal moesten voor Inge’s boos­ter­prik besloot ik voor­af een rond­je te gaan hard­lo­pen. De sport­school is helaas dicht en daar­om schiet het zwem­men en bin­nen trai­nen er nu bij in. Geluk­kig kon ik tus­sen de bui­en door 6 kilo­me­ter in rede­lijk tem­po afwerken. 

Bij Papen­dal was het druk en ik was even bang dat ik een hele poos op de par­keer­plaats zou moe­ten wach­ten voor­dat Inge klaar zou zijn. Dat viel alles­zins mee. Voor ik het door­had stond ze al weer bui­ten en kon­den we weer naar huis waar we ver­der niet veel meer deden dan op ons gemak de voor­be­rei­din­gen tref­fen voor het avondeten.

Later op de avond begon Inge wat last te krij­gen van haar boos­ter­prik. Voor­na­me­lijk een stij­ve arm en schou­der, en een lich­te hoofd­pijn. Ze besloot op tijd naar bed te gaan. Ik stond in dubio. Een paar uur­tjes stu­de­ren, of gewoon wat lezen. Ik koos voor het laat­ste en ben ver­der gegaan in De zwij­ger, de bio­gra­fie van Wil­lem van Oran­je door René van Stipriaan. 

Karel V is over­le­den, en zijn zoon Filips II die hem heeft opge­volgd is terug­ge­keerd naar Span­je. De nieu­we land­voog­des Mar­ga­re­tha van Par­ma zit in Brus­sel. Bin­nen deze nieu­we ver­hou­din­gen gaat Wil­lem aan de slag om toe­stem­ming te ver­krij­gen voor een twee­de huwe­lijk nadat zijn eer­ste vrouw Anna van Buren was komen te over­lij­den. Dit­maal heeft Wil­lem zijn oog laten val­len op de jon­ge Anna van Sak­sen. Voor­naams­te reden: zich introu­wen in hoge­re adel­lij­ke krin­gen, of zoals Van Stipri­aan het beschrijft:

Het hoge­re doel was over­dui­de­lijk niet een aan­trek­ke­lij­ke vrouw, maar een con­nec­tie met twee van de mach­tig­ste hui­zen van Duits­land: Sak­sen en Hes­sen, diep in het Hei­li­ge Room­se Rijk, en ver bui­ten het bereik van Filips II.

blz.169
Anna van Sak­sen (1544–1577)