Het bouwen van de ark — Genesis 7

Omdat ik tij­dens de stu­die Alge­me­ne cul­tuur­we­ten­schap­pen regel­ma­tig merk dat eni­ge bij­bel­ken­nis wel han­dig is, ben ik maar weer eens met dit ‘boek der boe­ken’ begonnen.

Gene­sis 7

God gaf Noach en zijn fami­lie zeven dagen de tijd een ark te bou­wen en die­ren te ver­za­me­len voor­dat alle slui­zen open­gin­gen en het veer­tig dagen en veer­tig nach­ten lang zou gaan rege­nen. Dit was in het zes­hon­der­ste levens­jaar van Noach. Ze waren op tijd klaar en een­maal bin­nen met alle leven­de have sloot God de deur ach­ter hen. In de dagen die volg­den steeg het water tot boven de hoog­ste berg­top­pen. Alles en ieder­een werd van de aar­de weg­ge­vaagd. Hon­derd­vijf­tig dagen lang was de aar­de hele­maal met water bedekt.

Het begin van de zond­vloed (1612), Cris­pijn van de Pas­se de Oude (ca.1564–1637)

0