Lot en zijn dochters — Genesis 19

Omdat ik tij­dens de stu­die Alge­me­ne cul­tuur­we­ten­schap­pen regel­ma­tig merk dat eni­ge bij­bel­ken­nis wel han­dig is, ben ik maar weer eens met dit ‘boek der boe­ken’ begonnen.

Gene­sis 19c

Lot blijft met zijn doch­ters niet lang in het stad­je Soar. Ze trek­ken ver­der en ves­ti­gen zich per­ma­ment in een grot in de ber­gen. De doch­ters, die voor de ver­woes­ting van Sodom op het punt ston­den te trou­wen, vat­ten op zeke­re dag het plan op om met hun vader te sla­pen aan­ge­zien ze menen dat er ver­der geen man­nen beschik­baar zijn om kin­de­ren van te krij­gen. Ze voe­ren hem dron­ken en de oud­ste heeft die nacht seks met hem zon­der dat hij het in zijn dron­ken­schap in de gaten heeft. De vol­gen­de nacht wordt het nog eens dun­ne­tjes over­ge­daan en deze keer heeft de jong­ste doch­ter gemeen­schap met haar dron­ken vader. Bei­den wor­den zwan­ger. De oud­ste baart een zoon die ze Moab noemt, en die de stam­va­der van de Moa­bie­ten wordt. Ook de jong­ste krijgt een zoon, Ben-Ammi, die op zijn beurt stam­va­der van de Ammo­nie­ten zal wor­den. Er staat niet ver­meld hoe deze stam­va­ders hun nage­slacht ver­wek­ken. Via hun moe­der, of mis­schien hun zus­sen? Wie weet komt dat ver­der nog aan bod.

Lot en zijn doch­ters (1624), Abra­ham Bloe­maert (1566–1651)

0