Het overlijden van Sara — Genesis 23

Omdat ik tij­dens de stu­die Alge­me­ne cul­tuur­we­ten­schap­pen regel­ma­tig merk dat eni­ge bij­bel­ken­nis wel han­dig is, ben ik maar weer eens met dit ‘boek der boe­ken’ begonnen.

Gene­sis 23

Het is ver­stan­dig geweest van God om tij­dig in te grij­pen voor­dat Abra­ham daad­wer­ke­lijk de hand aan zijn eigen zoon zou slaan. Hon­derd­ze­ven­en­twin­tig jaar oud komt Sara te over­lij­den. Reeds op hoge leef­tijd baar­de zij Isaak, en daar bleef het bij. De vele nako­me­lin­gen die Abra­ham beloofd zijn uit zijn huwe­lijk met Sara zul­len dus uit de ver­bin­te­nis van Isaak met een nog nader te bepa­len vrouw die­nen te komen. Zover is het nog niet. Eerst speelt het pro­bleem waar Sara te begra­ven, aan­ge­zien Abra­ham ten tij­de van het over­lij­den van Sara ver­blijft in Kir­jat-Arba, het hui­di­ge Hebron, in Kanaän. Daar woon­de hij als vreem­de­ling. Hij vroeg de Hethie­ten of zij hem mis­schien een graf kon­den geven voor zijn vrouw. 

De Hethie­ten ant­woord­den hem: ‘Maar luis­ter, heer, wij beschou­wen u als een vorst die door God zelf begun­stigd wordt! Begraaf uw vrouw in het bes­te graf dat we heb­ben. Nie­mand van ons zal u zijn graf wei­ge­ren en u belet­ten haar daar­in te begraven.’

Abra­ham had dit niet ver­wacht en boog diep voor de land­ei­ge­na­ren. Hij had er wel over nage­dacht want als reac­tie vroeg hij om er Efron, de zoon van Sochar, te ver­zoe­ken een graf af te staan bij de grot van Mach­pe­la dat op zijn akker lag. Efron, die aan­we­zig was, voel­de zich ver­eerd en wil­de in eer­ste instan­tie niets van een koop­prijs weten. Maar Abra­ham weet hem te over­tui­gen en Efron komt met een prijs van vier­hon­derd sje­kel zil­ver, wat markt­con­form blijkt te zijn in die tijd.

Begra­fe­nis van Sara, koper­gra­vu­re uit 1748, maker is mij onbekend

Daar­na begroef Abra­ham zijn vrouw Sara in de grot op de akker in Mach­pe­la, dicht bij Mam­re, het hui­di­ge Hebron, in Kanaän. Zo gin­gen het stuk grond en de daar­op gele­gen grot van de Hethie­ten over op Abra­ham en kwam hij in het bezit van een eigen graf.