So the story goes


22195 — woensdag

Er bevin­den zich hier in Sta­van­ger ont­zet­tend veel meeu­wen op en rond­om het gebouw waar ik deze week ben. Gis­ter tij­dens de lunch zaten we op de bega­ne grond vlak bij het raam en zag ik een kui­ken­meeuw uit de bos­jes tevoor­schijn komen. Later viel me op van­uit mijn kan­toor dat op een van de vele katrol­len met kabel die er gepar­keerd staan een meeuw zat te broe­den.

Je moet goed kij­ken in dit zoek­plaat­je en daar­om hier­on­der een uit­sne­de voor de dui­de­lijk­heid. Het is dat de meeuw af en toe haar nest ver­liet, anders was het mij ook ont­gaan.

De laat­ste avond dat ik in Sta­van­ger was besloot ik een bezoek te bren­gen aan een res­tau­rant in de haven voor een tra­di­ti­o­ne­le vis­soep die me de vori­ge keer dat ik hier was ook zo goed was beval­len. Ik had er geen spijt van. Daar­na nog een rond­je over de bou­le­vard gemaakt waar er iede­re woens­dag live-optre­dens waren van loka­le arties­ten. Het was gezel­lig druk en opnieuw was ik blij dat ik geko­zen had om niet een hotel­ka­mer aan de bou­le­vard zelf te nemen.

Op de terug­weg kwam ik langs een köd­win­kel. Ik moest het opzoe­ken. Het bete­kent vlees, dus waar­schijn­lijk een sla­ge­rij. Toch zag het er niet zo uit toen ik een blik naar bin­nen wierp. Eer­der als een res­tau­rant.