Groene specht

Bij het ont­wa­ken hoor­de ik van­och­tend zoals gebrui­ke­lijk de vogels al flink tekeer gaan bui­ten. Ik open­de de gor­dij­nen en wierp een blik in de tuin. Er was niet veel te zien. Het geluid van de vogels kwam voor­na­me­lijk uit het bos naast ons huis. Net toen ik me wil­de omdraai­en voor een bezoek­je aan de bad­ka­mer zag ik iets rond­schar­re­len bij de vij­ver. Eerst dacht ik aan een vlaam­se gaai. Maar wat was dan de rode vlek? Bloed? Het was moei­lijk te zien zon­der bril. Hope­lijk was het geen rat.

Met bril op bleek het een groe­ne specht te zijn. We had­den die al eens eer­der bij ons ach­ter gezien. Mijn poging om er toen een foto van te maken was jam­mer­lijk gelukt (geen geheu­gen­kaart­je in de came­ra). Ik besloot snel een nieu­we poging te wagen. Van­we­ge de och­tend­sche­me­ring is het resul­taat niet hele­maal naar tevre­den­heid. Hope­lijk blijft het niet bij dit bezoek­je zodat ik het bij vol dag­licht nog eens kan pro­be­ren.

Later las ik in de vogelat­las dat deze specht een zoge­naam­de grond­foe­ra­geer­der is. Wat ik eerst vreemd had gevon­den, name­lijk dat gepik op de grond blijkt dus voor deze vogel heel nor­maal te zijn want hij heeft het voor­al gemunt op aller­lei soor­ten mie­ren. Weten we dat ook weer.

~ ~ ~

Het puttertje, de vogel niet de roman

Tus­sen de gele kwik­staart­jes die onze voor­tui­nen deze avond opnieuw met kun komst ver­blij­den zag ik tot mijn ver­ras­sing plots een put­ter rond­hup­sen. Die had ik, in tegen­stel­ling tot Inge nog niet eer­der gezien. Of mis­schien wel, maar dan zon­der het te weten. Zo’n gewel­di­ge vogel­spot­ter ben ik nu ook weer niet. Met al die ver­schil­len­de soor­ten vogels die we hier de laat­ste tijd over het gazon krij­gen zal dat mis­schien wel gaan ver­be­te­ren. Zeker nu we tevens die gewel­di­ge vogelat­las bij de hand heb­ben om alles op te zoe­ken en te con­tro­le­ren. Het is inder­daad een put­ter die ik met veel moei­te op de foto heb gekre­gen.

Tege­lijk bracht het mij het boek van Don­na Tartt in her­in­ne­ring dat ik nog steeds moet lezen. Ik heb de engel­se ver­sie die als titel The Gold­finch heeft. Daar­door moet ik juist weer den­ken aan een goud­vink. Die schijnt hier ook al eens ons per­ceel te heb­ben aan­ge­daan vol­gens Inge. Wie weet krijg ik die bin­nen­kort op de gevoe­li­ge plaat.

~  ~  ~

Huisarts

Voor mijn ver­moe­de­lij­ke lies­breuk moest ik langs bij de huis­arts. Alleen had­den we ons hier in Bem­mel nog niet laten over­schrij­ven naar de plaat­se­lij­ke dok­ter van dienst. In plaats daar­van bracht ik een bezoek­je aan onze voor­ma­li­ge woon­wijk. De deur van de huis­art­sen­post stond wagen­wijd open en er liep een hoop volk in en uit. Alle­maal bouw­vak­kers, zo bleek al snel. Bezig aan een zo te zien extre­me make­over. Ik werd door­we­zen naar de wijk Elder­veld gelijk zoals ik niet veel later door­ver­we­zen werd naar het zie­ken­huis in Arn­hem om een echo te laten maken. Aan de hand daar­van kan een inschat­ting gemaakt wor­den hoe en wan­neer de ingreep uit­ge­voerd moet wor­den. Tot die tijd: rus­tig aan doen.

~ ~ ~

Gele kwikstaartjes

Het lijkt wel of de vogels onze tuin dit jaar echt heb­ben gevon­den. Niet alleen zien we steeds meer vogels ver­schij­nen maar er dui­ken ook aller­lei nieu­we soor­ten op die we hier nog niet eer­der heb­ben gezien. Deze avond waren daar opeens enke­le gele kwik­staar­ten die voor in de tuin op zoek waren naar iets eet­baars. Hoe­wel ze niet ver­schrikt weg­vlo­gen toen wij ze van­uit het raam in de gaten hiel­den ble­ven ze wel op gepas­te afstand. Omdat ze ook nog eens super­be­weeg­lijk zijn viel het me moei­lijk om ze goed te kun­nen foto­gra­fe­ren. Ik heb dan wel een zoom­lens op mijn came­ra maar zon­der sta­tief is het dan haast ondoen­lijk om een scher­pe foto te maken. Dus heb ik voor de zeker­heid een hele hoop foto’s gemaakt in de hoop dat er wat bruik­baars tus­sen zit.

~ ~ ~

Als een boer met liespijn

Van­och­tend waren we al vroeg aan het werk in de tuin. De klein­kin­de­ren zou­den later op de dag komen en we wil­den dan in ieder geval wat klus­jes bui­ten afge­rond heb­ben zodat we even­tu­eel met hen ’s mid­dags ergens een konings­dag­uit­stap­je kon­den gaan maken. Een krui­wa­gen vol ste­nen die ik klaar moest zet­ten voor de stra­ten­ma­ker die er ook al was gooi­de ech­ter roet in het eten. Bij het neer­zet­ten ervan schoot er plots een pijn­scheut in mijn lies die niet wil­de weg­gaan. Ver­krampt van de pijn zocht ik eerst een stoel op en toen een tijd­je rus­tig zit­ten niet leek te hel­pen besloot ik dan maar op bed te gaan lig­gen. Dat gaf eni­ge ver­lich­ting.

Een half uur­tje later stond ik weer op. Niet fris en frui­tig, eer­der erg moei­zaam en voor­al beducht of de pijn niet terug zou komen. Tot nu toe blijft het beperkt tot af en toe een steek onder de gor­del die met­een weer snel weg­trekt. De klein­kin­de­ren heb­ben we afge­beld want ik ben er niet gerust op dat een paar uur­tjes rond­schui­fe­len op een vrij­markt me goed af zal gaan. Voor­als­nog trek ik me terug in een com­for­ta­be­le stoel met een goed boek. En dan komen­de week een bezoek­je aan de huis­arts bren­gen.

~ ~ ~

Honderdeneen

Je loopt er hon­derd keer op een dag aan voor­bij, een stuk­je mos uit de dak­goot geval­len tij­dens de schoon­maak en daar­na ont­snapt aan blik en veger. Dan de hon­der­den­een­ste keer besluit je er toch een foto van te maken. Waar­om? Waar­schijn­lijk omdat iede­re keer wan­neer je een stuk­je natuur van dicht­bij bekijkt en de tijd neemt om er wat aan­dach­ti­ger naar te kij­ken je gefas­ci­neerd raakt door de schoon­heid in elk detail. Te mooi om aan voor­bij te gaan, te veel in over­vloed aan­we­zig om er tel­kens weer bij stil te blij­ven staan.

~ ~ ~