Nieuwe traditie?

In plaats van rechtstreeks naar huis reed ik deze avond naar het centrum van Arnhem en parkeerde mijn auto in de immense garage onder het station. Zonder waardevolle spullen achter te laten liep ik vervolgens richting binnenstad en zocht op de routeplanner naar de locatie van Mantra, het Indiaase restaurant waar ik afgesproken had met drie collega’s uit Ede.

Hoewel, uit Ede…

Het etentje was in eerste instantie om een externe consultant uit India gezelschap te houden. Al jaren werkt hij voor ons vanuit Engeland, maar het komende jaar zit hij in Ede en heeft nu woonruimte gevonden in Wageningen. Een goed restaurant had hij echter daar nog niet weten te ontdekken dus leek het ons wel leuk om een van de drie Indiaase restaurants die Arnhem rijk is uit te proberen.

De keuze viel op Mantra.

Ik was een kwartiertje te vroeg en terwijl ik alvast iets te drinken en te knabbelen kreeg voorgeschoteld bedacht ik me dat niet veel later aan dit zelfde tafeltje drie mensen zouden aanschuiven met een zeer diverse achtergrond. Zoals gezegd was daar dus de consultant uit India, maar daarnaast bestond het nog niet aanwezige gezelschap uit een Poolse vrouw en een man uit de Achterhoek die echter een geboren Iraniër is.

Over diversiteit gesproken.

Niet veel later diende de eerste gast aan tafel zich aan en volgde de rest daar kort achteraan. Onmiddellijk ontspon zich een uiterst geanimeerde conversatie die alle kanten op ging en zeer frequent afgewisseld werd door een overvloedig aanbod van spijzen en drank. Na afloop was het dan ook niet meer dan logisch dat wij er het allen volledig mee eens waren dat dit voor meerdere herhaling vatbaar was.

Wordt dus vervolgd.

~ ~ ~

Donderdag, 6 december 2018

Van 1996 tot en met 2016 heb ik in Arnhem gewoond. Tenminste, dat dacht ik. Nu ik Arnhem heb verruild voor de gemeente Bemmel kreeg ik van de sint een boekje waarin al meteen op de eerste bladzijdes duidelijk werd gemaakt dat ik al die tijd juist níet in Arnhem heb gewoon, maar Arnhem-Zuid. En dat is toch echt iets anders:

Arnhem is Arnhem-Noord, waar het hart en de ziel van de hoofdstad van Gelderland liggen. Niet alleen in het centrum, ook in omringende wijken zoals Klarendal, de Geitenkamp en het Spijkerkwartier. Arnhem-Zuid zou ook een buitenwijk van iedere willekeurige andere stad kunnen zijn.
[p.12, De Rijn, de Fles, Arnhemse Meisjes en Vites, Remco Kock]

Ik wist dat natuurlijk wel. Toen we de beslissing namen om samen te gaan wonen en ons oog viel op Arnhem, werd ons al snel duidelijk dat het centrum in Arnhem-Noord veel minder geschikt was. Niet alleen was het veel duurder om passende woonruimte te vinden, ook bracht het veel ongemak met zich mee wat typisch is voor een drukke binnenstad zoals weinig parkeerruimte, geluidsoverlast tot laat in de nacht en meer van dat. De keus was al snel gemaakt, wij gingen iets zoeken in Arnhem-Zuid. En daar hebben we nooit spijt van gehad. Tenslotte was Noord op fietsafstand en lagen de vele voordelen die een ‘grote stad’ had nog steeds binnen handbereik. Voor ons was het ‘the best of both worlds’ en namen we de neerbuigende grapjes die gemaakt werden over Zuid op de koop toe.

Zuid is de tegenpool van Noord: kindvriendelijk, vlak en veilig. In Noord is het heuvel op, heuvel af. […] Noord is de stad, Zuid is, tja, wat? Het centrum van Zuid is Kronenburg. Overdekt winkelen. Kronenburg symboliseert Arnhem-Zuid. Niet romantisch, wel praktisch.
[p.11]

Voor ik het vergeet te zeggen, het boek van Remco Kock waar ik deze twee citaten vandaan halen is verre van een neerbuigend boek over Arnhem-Zuid. Integendeel, het is een verzameling korte verhalen over Arnhem waar de schrijver op zeer komische wijze de draak steekt met Arnhem en de Arnhemmers in het algemeen en zichzelf in het bijzonder. Ik ben er deze avond in begonnen en moest al verscheidene keren hardop lachen. Iets wat me niet vaak overkomt tijdens het lezen. Kopen dat boek als je Arnhem wat beter wilt leren kennen.

De Rijn, de Fles, Arnhemse Meisjes en Vites
Menno Kock
Uitgeverij Kontrast
ISBN 9789492411334

~ ~ ~

Ik hou het voor gezien

Jaren geleden ging ik samen met een collega naar de dropping van parachutisten boven de Ginkelse hei. Het was voor mij de eerste keer. Ik had er veel over gehoord sinds we in Arnhem woonden, maar het was er al die tijd nog nooit van gekomen.

Al vroeg in de ochtend waren we vertrokken om zeker te zijn van een goed plekje ergens vooraan om niets te hoeven missen. In Arnhem hing er al flink wat mist en dat werd alleen maar erger. Bij de provisorisch aangelegde parkeerplaats aangekomen zagen we geen hand meer voor ogen.

Op goed geluk gingen we ergens in de berm zitten en hoopten er ‘t beste van. Helaas trok de mist niet op waardoor het veel te gevaarlijk was om te springen. Tegen het middaguur besloten we naar huis te gaan. Niet veel later hoorden we op de radio dat de ergste mist was verdwenen en het luchtlandingsprogramma alsnog werd uitgevoerd.

Het jaar daarop spraken we af een nieuwe poging te wagen. Bij het ontwaken zag ik echter dat er opnieuw een dikke laag mist hing. Ik belde mijn collega en al gauw waren we het eens dat we beter konden thuisblijven. Het evenement vond zonder noemenswaardige vertraging gewoon plaats.

Weer een jaar later sloeg ik over en bezocht mijn collega samen met zijn vriendin de Ginkelse hei. Wegens dichte mist werd het ochtendprogramma afgelast. Gefrusteerd liepen ze nog wat rond voordat ze naar huis afdropen. Het vervolg laat zich raden. ‘s Middags werd er gewoon gesprongen.

Sindsdien denken we er zelfs niet meer over om te gaan. Mist of geen mist. Het schijnt niet aan ons besteed te zijn. Er rest ons niets meer dan de vliegtuigen te spotten en elkaar wat foto’s of berichtjes te sturen dat we er iets van meegekregen hebben. Zo ook deze namiddag toen een stuk of zeven toestellen laag boven ons huis in vertraagd tempo kwamen overgevlogen. Een half uurtje laten zag ik ze iets verder in formatie van Huissen richting Arnhem vliegen. Het blijft een indrukwekkend gezicht. Nog mooier moet het zijn om er dan parachutisten uit te zien springen.

~ ~ ~

Naar huis

Vanochtend stond de taxi netjes op tijd te wachten. We hadden om 10 uur afgesproken maar mijn collega had ik nog niet gezien bij het ontbijt. Ik legde mijn koffer achter in de auto en ging terug naar de receptie om te zien of hij misschien nog aan het uitchecken was. Bij mij duurde dat ook langer dan normaal omdat ze een nacht te veel in rekening wilden brengen. Het bleek achteraf een telfoutje te zijn.

In de receptie was hij echter in geen velden of wegen te bekennen. Nee, hij zat buiten aan de andere kant van de uitgang een sigaretje te roken in afwachting van mijn. Daar had ik hem niet verwacht en hij had al die tijd geconcentreerd op z’n mobieltje emails zitten doornemen zonder acht te slaan op de omgeving.

Voor onze terugvlucht maakte het niet uit. Bij aankomst op het vliegveld zagen we al dat er een vertraging was voor de vlucht naar Istanbul. Meestal heeft dat dan een kettingreactie voor de andere vertrektijden tot gevolg. En inderdaad vertrokken wij ook later met een vertraging van een half uurtje.

Waar ik ditmaal wel aan gedacht had was om een foto te maken van een helikopter die in mijn beleving al sinds de eerste keer dat ik in Cluj arriveerde verloren en verlaten in het hoge gras is achtergelaten. Steevast verwonder ik me waarom dat verhikel er nog steeds staat wanneer ik weer in de transportbus naar de terminal rij. Het voelt alsof ik als journalist een oorlogsgebied bezoek. Slaat natuurlijk nergens op. Te veel films gekeken, vrees ik.

Toen we de grens overstaken naar Nederland nadat we zonder verdere vertraging in Dortmund waren geland en met de auto op weg naar huis gingen, zagen we hoe de dreigende onweerswolken zich boven Arnhem samenpakten. Er stond een concert van Helene Fischer gepland deze avond in het Gelredome, maar of dat er iets mee te maken had is me niet duidelijk geworden.

~ ~ ~

Bridge to Bridge – editie 2018

Ik was weer eens in een kerk. Meestal is dat ofwel wegens een communiefeest, bruiloft of begrafenis. Deze keer geen van al. De Eusebius kerk was omgetoverd tot de ontvangstruimte voor de Bridge to Bridge run in Arnhem. Hier kon het startbewijs opgehaald worden en waren er kleedruimtes vrijgemaakt. Dat alles onder de klanken van een in traditionele klederdracht gehulde doedelzakspeler.

Tijdens het omkleden raakte ik in gesprek met een jongeman uit India die tijdelijk in Nederland verbleef. Hij had vorig jaar voor de eerste keer meegelopen toen hij een klus had in de omgeving van Arnhem. Inmiddels woonde hij in Hoofddorp en werkte voor Knab maar was speciaal voor deze gelegenheid weer in de stad. Al snel bleek dat hij werkzaam was geweest voor een IT consultancy bedrijf waar wij ook zaken mee doen. Helemaal toevallig was het dat hij zelfs een aantal oud-collega’s kende die nu voor ons werkten. De wereld is klein.

Het vertrek van de 10 Engelse Mijl (16 km) vond plaats op de John Frost brug. De laatste keer dat ik had meegedaan was dat nog niet het geval. Toen klonk het startschot vanaf het marktplein voor de Eusebius kerk. Inmiddels staan daar enkele gebouwen, wat voor mij ook nieuw was. Kun je nagaan hoe vaak ik de laatste tijd in Arnhem ben geweest.

Ik liep samen met Luella die kort voor de start probeerde een mooie overzichtsfoto te maken. Een goed moment voor mij om dat te verpesten.

Op weg naar de start passeerden we de vorig jaar rond deze tijd aangestelde burgemeester van Arnhem, Ahmed Marcouch. Hij had vooraf aan het startsein een korte toespraak gehouden en stond nu met zijn mobieltje de voorbijgangers te filmen. De doedelzakspeler was er ook.

Iets meer dan anderhalf uur later kwam ik zo’n vijf minuten achter Luella over de eindstreep. We hadden tot de 11 km gezamenlijk opgelopen voordat zij ging versnellen en ik mijn eigen tempo bleef lopen. Ondanks dat ik de voorbije weken aardig wat kilometers had getraind lukte het me niet sneller te lopen dan de vorige keer. Ik denk dat het vooral kwam door de onverwacht hoge temperatuur. Het was op sommige stukken van de route uit de wind aardig benauwd en daar heb ik altijd weer last van.

Maar al bij al vond ik het opnieuw een fijn parcours om te lopen en ga proberen volgend jaar weer opnieuw mee te doen. Misschien kies ik er dan wel voor om op de zaterdag de Freedom Trail vanuit Papendal naar Arnhem te lopen.

~ ~ ~

Hand in hand over de Mandelabrug

In de beginjaren van het uitgaansleven van onze jongste zoon werden wij ‘s nachts een keer wakker gebeld met het alarmerende bericht dat hij op de Mandelabrug van zijn fiets was getrokken en in elkaar geslagen door enkele opgeschoten jongens. Achteraf gezien is hij er met wat kleerscheuren en verwondingen aan gezicht en handen redelijk goed van afgekomen. Maar de schrik zat er natuurlijk goed in.

Het was niet de eerste en ook niet de laatste keer dat we hoorden over geweld op de Mandelabrug.

Ook dit weekend was het weer raak. Ditmaal werd zelfs het landelijke nieuws gehaald vanwege een ernstige mishandeling van twee jongemannen die hand in hand liepen. En zo stond Arnhem opnieuw in korte tijd negatief in de belangstelling.

Wat mij opviel aan de beschrijving van de gebeurtenis was het volgende:

  • dat anno 2017 twee jongemannen het normaal gesproken niet aandurven hand in hand over straat te gaan uit angst andersdenkenden te provoceren;
  • dat een groep tieners opgefokt raakt bij het zien van een stel met dezelfde seksuele geaardheid dat hand in hand over straat loop;
  • dat een van de tieners een betonschaar bij zich heeft;
  • dat deze betonschaar gebruikt wordt om bij een van het stel de tanden uit de mond te slaan.

Ik kan hier met mijn verstand niet bij.

Hoe mooi zou de wereld wel niet zijn wanneer iedereen, ongeacht geslacht, ras of nationaliteit onbevreesd genegenheid voor elkaar zou kunnen tonen, al was het maar door elkaars hand vast te houden? Zal het ooit zover komen?

~ ~ ~