Woensdag, 7 november 2018

Ik mocht weer naar huis. Maar niet nadat iemand me had toevertrouwd er binnenkort niet meer te zijn. In ons team dus. Ze had een andere baan gevonden. Dat is in Roemenië nog dezelfde dag je ontslagbrief inleveren en dan aftellen van twintig tot nul voordat je kan gaan. Ik zei ‘Doei!’ en zat de hele vlucht terug plannen te smeden hoe we deze nieuwe situatie het beste naar onze hand konden zetten.

~ ~ ~

Op de weg naar huis vanuit Dortmund dacht ik plots de afslag naar Arnhem te hebben gemist. Dat bleek gelukkig niet zo te zijn. Hoewel. Op het moment dat ik in de verte de borden zag met Arnheim erop werd ik via een omleiding het binnenland van Duitsland ingestuurd. Al filerijdend door verschillende kleine dorpjes kwam ik een half uur later voor mijn gevoel net achter de borden weer op de snelweg terecht en mocht verder naar huis. Waarom me deze toeristische route gegund was bleef me een raadsel.

~ ~ ~

Naar huis

Vanochtend stond de taxi netjes op tijd te wachten. We hadden om 10 uur afgesproken maar mijn collega had ik nog niet gezien bij het ontbijt. Ik legde mijn koffer achter in de auto en ging terug naar de receptie om te zien of hij misschien nog aan het uitchecken was. Bij mij duurde dat ook langer dan normaal omdat ze een nacht te veel in rekening wilden brengen. Het bleek achteraf een telfoutje te zijn.

In de receptie was hij echter in geen velden of wegen te bekennen. Nee, hij zat buiten aan de andere kant van de uitgang een sigaretje te roken in afwachting van mijn. Daar had ik hem niet verwacht en hij had al die tijd geconcentreerd op z’n mobieltje emails zitten doornemen zonder acht te slaan op de omgeving.

Voor onze terugvlucht maakte het niet uit. Bij aankomst op het vliegveld zagen we al dat er een vertraging was voor de vlucht naar Istanbul. Meestal heeft dat dan een kettingreactie voor de andere vertrektijden tot gevolg. En inderdaad vertrokken wij ook later met een vertraging van een half uurtje.

Waar ik ditmaal wel aan gedacht had was om een foto te maken van een helikopter die in mijn beleving al sinds de eerste keer dat ik in Cluj arriveerde verloren en verlaten in het hoge gras is achtergelaten. Steevast verwonder ik me waarom dat verhikel er nog steeds staat wanneer ik weer in de transportbus naar de terminal rij. Het voelt alsof ik als journalist een oorlogsgebied bezoek. Slaat natuurlijk nergens op. Te veel films gekeken, vrees ik.

Toen we de grens overstaken naar Nederland nadat we zonder verdere vertraging in Dortmund waren geland en met de auto op weg naar huis gingen, zagen we hoe de dreigende onweerswolken zich boven Arnhem samenpakten. Er stond een concert van Helene Fischer gepland deze avond in het Gelredome, maar of dat er iets mee te maken had is me niet duidelijk geworden.

~ ~ ~

Zonder whiskey naar Cluj

Het was rond het middaguur. Ons vliegtuig naar Cluj-Napoca zou over een uurtje vertrekken. Om de tijd te doden bestelden we een broodje knakworst en wat frisdrank. Een tafeltje verder zaten drie mannen onderuitgezakt met Achterhoekse tongval sterke verhalen te vertellen. Ze hadden al enkele flesjes bier weggetikt. Een vierde kameraad schoof niet veel later aan met een 5 literfles whiskey. Die was voor op de plaats van bestemming. Daarmee zouden ze de week wel doorkomen was de gedachte.

Mijn collega en ik vroegen ons af wat ze in hemelsnaam in Roemenië gingen doen. Het moest wel iets verschrikkelijks zijn als je er een liter whiskey per dag voor nodig had om het ‘s avonds te verwerken. Of iets feestelijks. Dat kon natuurlijk ook. Tegen de tijd dat de onboarding begon waren de mannen al redelijk dronken. Gelukkig hadden ze een vlucht naar Boekarest en zouden we van hen geen last hebben. Lallend wrongen ze zich naar voren met hun priority tickets terwijl wij de andere gate opzochten.

Bij het vertrek zag ik iets wat me nooit eerder was opgevallen. Twee medewerkers van het grondpersoneel liepen een heel stuk mee met het vliegtuig. Een van hen had een lijn vast die aan het vliegtuig bevestigd was. Alsof ze een hond uitliet. Pas toen we richting de startbaan gingen haakte ze de lijn los en lieten ze ons gaan. De wijde wereld in. Automatisch zwaaide ik nog even naar hen.

Boven Dortmund was het voor de verandering eens niet al te bewolkt. Een mooie gelegenheid om wat foto’s te maken.

Op de plaats van bestemming werden we opgehaald door wat inmiddels een vertrouwde taxi chauffeur voor ons is. Het was degene die me tijdens een vorig verblijf had toevertrouwd een zwak te hebben voor kleine hondjes die je in Cluj her en der verlaten rond ziet zwerven. Zelf had hij er eentje in huis gehaald waar zijn ouders voor zorgden op de uren dat hij aan het werk was. Hij woonde nog thuis, dus dat was makkelijk.

Hij was verbaasd dat we eerst nog naar kantoor gingen. Nu nog? Het was toch bijna einde werktijd? Gelaten vertelden we hem dat er een testsessie op het programma stond van acht uur. Waarschijnlijk zouden we moeten doorwerken tot een uurtje of drie in de vroege ochtend. Waar we zin in hadden, merkte hij op. Dat vroegen we onszelf ook af.

~ ~ ~

100% Hamburg

Ergens in 2001 moest ik voor het werk een paar dagen naar Hamburg. Op vrijdag stond een huurauto klaar op het parkeerterrein waarmee ik naar huis kon rijden. Zondagmiddag vertrok ik naar Hamburg. Zonder noemenswaardig oponthoud arriveerde ik zo’n vier uurtjes later bij mijn hotel.

Nadat ik mijn spullen op de hotelkamer had achtergelaten maakte ik een uitgebreide wandeling rondom het Binnenalster waaraan mijn hotel gelegen was. Daarna zocht ik een restaurant voor het avondeten. Toen ik later weer in het hotel was nam ik op het terras nog een kop koffie en besloot toen mijn kamer op te zoeken.

In de lift stonden enkele badgasten druipend van het water mij vreemd aan te kijken. Wat bleek, er was een speciale lift rechtstreeks naar de bovenste verdieping waar je vervolgens in een waterglijbaan kon stappen die rondom het hotel naar beneden was geconstrueerd en die je op de begane grond in een binnenzwembad deed belanden. In mijn beste Duits mompelde ik enkele verontschuldigingen en zocht de juiste lift op die mij naar de vijfde verdieping bracht.

De volgende ochtend ging ik al vroeg met mijn spullen naar de ontbijtzaal. Zelfs op dit vroege uur kwam ik wederom enkele badgasten tegen die op weg waren naar de glijbaan.

Mijn auto had ik geparkeerd in een groot gebouw naast het hotel. Waarschijnlijk had ik niet goed opgelet want plotseling liep ik door een stinkend steegje waarvan ik me niet kon herinneren dat ik er de vorige dag doorheen was gelopen. Aan het eind zag ik wel een uithangbord van de parkeergarage, dus ik zat goed.

Bijna bij de ingang zag ik dat er iemand op de grond zat. Tijdens mijn wandeling op zondagavond had ik al verscheidene prostituees opgemerkt die zich achter het hotel ophielden. Hier in deze nauwe doorgang ging het om een exemplaar van de meest uitgemergelde en verslaafde soort. Het leek of ze sliep. Of compleet van de wereld was door drugs en drank. Ik had me vergist. Net op het moment dat ik haar passeerde sloeg ze de vuile regenjas die ze over zich heen had getrokken open en toonde haar naakte lichaam en gaf me vol zicht tussen haar gespreide benen.

Verschrikt deinsde ik achteruit. In mijn zakken voelde ik het muntgeld dat ik nodig zou hebben voor bij de parkeerautomaat. Voordat ze overeind kon komen gooide ik het geld in de richting waar ik vandaan kwam. Begerig dook ze er bovenop terwijl ik richting de parkeergarage holde.

In de uren die volgden kwam ik vast te staan in de Hamburgse ochtendspits, raakte verdwaald in een buitenwijk waar zich de fabriek zou moeten bevinden waar ik de komende dagen training moest verzorgen, kwam ik vanzelfsprekend te laat voor mijn afspraak, ging de eerste trainingssessie compleet de mist in omdat ik het beeld van die verwaarloosde heroïne junk maar niet van mijn netvlies kreeg en had ik na de lunch de grootste moeite om mijn eten binnen te houden wanneer zich af en toe een lang onderdrukte boer toch gesmoord naar buiten wist te werken.

Nog enkele keren ben ik voor het werk teruggegaan naar Hamburg. Maar dan altijd ‘s ochtends met het vliegtuig vanaf Eindhoven Airport en dan ‘s avonds weer terug.

Begin dit jaar nam ik me voor om enkele steden in Europa te gaan bezoeken. Ik kan me zo niet voor de geest halen of ik naast Berlijn en München ook Hamburg heb genoemd. Hoe dan ook. Dit weekend kreeg ik voor mijn verjaardag onder andere het boekje 100% Hamburg. Zal ik alsnog 100% verslaafd aan deze stad raken?

~ ~ ~

UITGELICHT want SHARING is CARING

What the 17th Century Can Teach Us About Vaginas – door Lili Loofbourow via The Cut

Think back to the last time you heard a hymen or a scrotum lovingly described. Have you ever? There’s a lamentably utilitarian slant to the way we talk about genitals these days. Our language might be clinical or obscene, but it’s rarely interesting or companionable; one rarely hears the hymen described as “the great Clove Gilly-flower when it is moderately blown” (as Helkiah Crooke did in 1615) or imagines the cervix the way 17th-century midwife Jane Sharp did, as “the head of a tench, or of a young kitten.” Our language for sex is impoverished, but so is our language for the relevant parts.

~ ~ ~

Uitdagen

Voor wie het wil weten, de hotelkamer is een stuk minder warm dus ik hou de balkondeuren dicht. Wat goed uitkomt want het stormt rondom Hotel Ammersee. De container is inmiddels verdwenen van de binnenplaats. Met medeneming van de dozen. Vanuit mijn kamer kijk ik ook uit op de zijvleugel van het hotel. Daar zijn een aantal van onze consultants onder gebracht. Overal brandt licht, behalve op één kamer.

Vanochtend ging ik na het ontbijt een stukje wandelen. Via de hoofdingang liep ik vanuit de hotellobby de straat op waar ik bijna door de stormwind omver geblazen werd. Ternauwernood kon ik me vasthouden aan de trapleuning bij de ingang. Met de grootste moeite lukte het me uit de grip van de storm te komen door een zijstraat naast het hotel in te schieten. Daar was de wind een stuk minder.

Ik keek om me heen. Het bleek dat ik op de binnenplaats van het hotel was beland. De container stond er nog maar de dozen waren hoogstwaarschijnlijk weggewaaid. Aan de andere kant van de binnenplaats zag ik een smalle doorgang naar de Ammersee. Mijn horloge gaf aan dat we over een klein kwartier zouden vertrekken naar de fabriek in Wessling alwaar we ondergronds zouden gaan voor een dagje vergaderen.

Bij het meer aangekomen trof ik mijn projectmanager. We bespraken de dag van gister. Of eigenlijk, hij hield een monoloog over zijn ervaringen. “En weet je wat mij nog het meest dwars zit?”, zo sloot hij af. “Dat die eikel van een consultant mij iets voorgelogen heeft.” Ik knikte bevestigend, hoewel iemand anders het zou kunnen interpreteren als een beweging met mijn hoofd vanwege een onverwachtse rukwind. Daarom besloot ik volledigheidshalve een bevestiging uit te spreken.

Dat stimuleerde zijn enthousiasme om verder op de zaak in te gaan. “Vandaag moet je goed opletten. Wanneer je op een gegeven moment de consultant niet meer ziet, dan heb ik de ‘art of silent killing’ ingezet om hem te laten verdwijnen.” Opnieuw instemmend geknik van mijn kant. Ook ik heb een verschrikkelijke hekel aan die consultant. Het zou mij wat waard zijn indien hij inderdaad van het projecttoneel zou verdwijnen.

Het bleef stil.
“Weet je zeker dat je dit kunt?” wilde ik weten. “Of is het gewoon bluf?”

~ ~ ~

Mijn bijdrage voor #wot dd 19/1/2012

Wat is wot? => Write on Thursday

Deze week is het woord UITDAGEN:
Uitdagen [regelmatig werkwoord] • iets doen of zeggen om een reactie uit te lokken Synoniem: provoceren, tarten, prikkelen, uitlokken

~ ~ ~ 

Hotel Ammersee

Hotel Ammersee is gelegen in het plaatsje Herrsching. Wanneer je geluk hebt krijg je een kamer toegewezen met uitzicht op een groot meer. Ammersee genaamd. Een aantal jaren geleden had ik dat geluk. Deze keer niet. Nu heb ik uitzicht op een kleine binnenplaats naast het hotel. Ik heb wel een balkon. Wanneer je de moeite neemt om op dat balkon te gaan staan heb je zelfs een nog beter uitzicht op die binnenplaats. Ik vraag me af waarom.

Er is werkelijk niets te zien. Of je moet kunnen genieten van de manier waarop enkele dozen speels half-in, half-uit een verroeste bruine container hangen. Ik stel me voor dat er zulke mensen bestaan en hoop dat ze niet ook deze dagen in dit hotel verblijven.

Ik sta op het balkon omdat het werkelijk bloedheet is op de hotelkamer. De thermostaat heb ik tot dusverre nog niet kunnen vinden, hoezeer ik ook mijn best doe. En of ik die gedaan heb! Mijn best! Meteen al bij binnenkomst heb ik de moeite genomen onder bed en bureau te zoeken. Iets zei me dat ik het daar niet zou vinden maar ik lag er nu eenmaal toch nadat ik met mijn beschonken lijf over de drempel was gestruikeld.

Niet dat ik meteen al door had dat het zo warm was en dat ik naar de thermostaat moest zoeken. Dat besef kwam pas toen ik daar een klein half uur had gelegen. Toen ik wakker werd had ik koppijn, een droge mond en het zweet stond me op de rug. Dat moest wel van de warmte op de kamer komen, zo concludeerde ik, en ging op zoek naar de thermostaat.

Nu sta ik hier op het balkon van kamer 120 in hotel Ammersee met uitzicht op een kleine binnenplaats en niet op de Ammersee. Het vriest enkele graden maar het is aangenamen verpozen. En ik denk, laat niet de container de schillen en de dozen.

~ ~ ~

Wel vaker schrijf ik iets wanneer ik een beetje gedronken heb, maar nog nooit kwam ik in de verleiding om het vervolgens te posten. Ook aan deze traditie is zojuist een einde gekomen. Hips!

~ ~ ~