Ik kan het niet laten

Nu mijn weer­stand door een flinke verk­oud­heid een stuk min­der is, vroeg ik natu­urlijk om moeil­ijkhe­den toen ik het blog van Hen­drik-Jan opzocht. Dit jaar is hij begonnen aan een gigan­tisch project: iedere woens­dag bloggen over De God­delijk Kome­die / Div­ina Come­dia, geschreven door Dante Alighieri.

Afgelopen woens­dag schreef hij over de eerste can­to en ik kon het niet lat­en mijn eigen exem­plaar1 van De God­delijke Kome­die erbij te pakken omdat ik de tekst op de foto bij de blog­post niet meteen herk­ende. Tja, en stop dan maar eens met lezen. Het is zoals Hen­drik-Jan aangeeft:

[…] de open­ing is mag­is­traal. Een betere open­ing kan ik niet bedenken.

Bij de tweede can­to aangekomen legde ik het boek opz­ij en nam me voor om iedere woens­dag met Hen­drik-Jan mee te bli­jven lezen. Het is een mooie gele­gen­heid om dit veel­geroemde boek dat al zo lang op mijn nog-te-lezen lijst staat ein­delijk eens tot een goed einde te bren­gen nadat ik er al ver­schei­dene keren in ben begonnen.

En er is nog een andere klassiek­er die ik ver­moedelijk in kleine por­ties per week zal gaan lezen. Want als alles meez­it gaat Paul iets soort­gelijks doen als Hen­drik-Jan. Bij hem is de keuze gevallen op Meta­mor­pho­sen door Ovid­ius. Zelf is hij er nog niet hele­maal klaar voor, dus dat geeft mij de gele­gen­heid snel een exem­plaar aan te schaf­fen want tot mijn schaamte moet ik beken­nen dit meester­w­erk niet in mijn boekenkast te hebben staan.

Twee klassiek­ers dus die ik het komende jaar ga lezen. Naast mijn eigen Kosin­s­ki leespro­ject. En wat ik verder nog alle­maal van plan ben om te lezen. Neem ik te veel hooi op mijn vork? Wie zal het zeggen? Vooral­snog was de weer­stand zoals gezegd laag en het ent­hou­si­asme van Hen­drik-Jan en Paul besmet­telijk zodat ik nog meer hooi op mijn vork ga nemen en zelf ook een klassiek­er op mijn blog onder de aan­dacht ga bren­gen.

Ik moest namelijk denken aan de blogserie die ik afgelopen jaar schreef naar aan­lei­d­ing van het boek Zen Habits door Leo Babau­ta. Omdat het boek was opgedeeld in korte hoofd­stuk­jes was ik in staat om er elke dag over te bloggen.

Waarom zou het dan niet mogelijk zijn om een klassiek­er te kiezen die ook opgedeeld is in niet al te lange hoofd­stukken en daar dan weke­lijks over te bloggen? Ik kan het in ieder geval proberen.

De dag waarop ik erover ga bloggen zal de zater­dag zijn. Dat lijkt me het beste te passen in mijn agen­da. Door de weeks bli­jft het vaak moeil­ijk te voor­spellen hoeveel (vri­je) tijd ik heb. De zondag wil ik dit jaar vri­jhouden voor de #50books vraag. Alleen kan ik nog niet kiezen tussen twee klassiek­ers die ik voor ogen heb: Don Qui­chot door Cer­vantes of wordt het Moby Dick door Her­man Melville?

Vol­gende week zater­dag ga je het lezen.

~ ~ ~


  1. Ver­taald door Christi­nus Kops O.F.M. Opnieuw uit­gegeven door Ger­ard Wijde­veld. Zevende druk 1985. Wereld­bib­lio­theek B.V. Ams­ter­dam. ISBN 902840032X 

Ken mijn klassiekers

Wat ik me vooral van mijn mid­del­bare schoolti­jd herin­ner is dat ik werke­lijk alles las wat ik te pakken kon kri­j­gen. De weke­lijkse stroop­tocht door de stads­bib­lio­theek in Hel­mond op de vri­jdag­namid­dag was iets waar ik hon­gerig naar uit­keek. Ook de school­bib­lio­theek werd fre­quent door mij bezocht. Het prob­leem was alleen dat ik eigen­lijk alleen dìe boeken wilde lezen die ik zelf had uit­ge­zocht. Zodra het een ver­plichte keuze werd, dan haak­te ik al snel af. Dat beperk­te zich niet tot de studieboeken, maar ook de leesli­jsten die we voor Ned­er­lands, Engels, Frans en Duits moesten lezen.

Wat nou, moeten? Ik had daar geen tijd voor!

En vooral geen zin in. Want mijn leeshon­ger werd toch voor­namelijk gestild door boeken die niet als ‘echte’ lit­er­atu­ur wer­den beschouwd. Hoe ik mijn best ook deed om het tegen­deel te bewi­jzen, gen­res zoals sci­ence fic­tion, hor­ror en thrillers kon­den mijn docen­ten op het VWO niet imponeren. Ik ontk­wam er daarom niet aan om in de aan­loop naar mijn exa­m­ens titels te selecteren uit de voorkeursli­jsten die ons wer­den voorge­houden. Veel daar­van waren de zoge­naamde klassiek­ers. Wat ik mij ervan herin­ner is dat ik plichts­getrouw het min­i­male gelezen heb en won­der­baar­lijk door de exa­m­en­pe­ri­ode gerold ben. Wat ik mij er niet van herin­ner is wat ik op de lijst had gezet.

Ook nadat ik ges­laagd was voor het VWO ging ik door met veellezen. Maar gelei­delijk werd het wel min­der. Eerst door­dat ik mijn mil­i­taire dien­st­plicht moest vervullen (waar de bergen vri­je tijd gevuld wer­den door verveling, drank en video, niet door het lezen van boeken). Daar­na nam het samen­wo­nen en mijn eerste baan bij Philips een hoop tijd in beslag. Wat er wel gebeurde (een verk­lar­ing heb ik nog niet) is dat er een ver­schuiv­ing plaatsvond in wat ik las. Gelei­delijk ging ik meer Ned­er­landse mod­erne lit­er­atu­ur lezen. En his­torische romans. Als tegen­wicht ver­moed ik.

Pas toen ik de brui aan mijn baan bij Philips gaf en me inschreef voor een uni­ver­si­taire studie Geschiede­nis begon het veellezen weer terug te komen. Vreemd was dat ik ver­vol­gens geen enkele moeite had om te lezen wat er voorgeschreven werd. Inte­gen­deel, ik las vaak ook nog wat er als option­eel op de lijst stond aange­merkt. Het leek alsof ik uit­ge­hongerd was ger­aakt maar het nieuwe was dat ik alleen dat wilde eten wat goed stond aangeschreven. En dat waren natu­urlijk onder andere de klassiek­ers zoals ze in de col­leges Lit­er­atu­ur­weten­schap (die ik mooi wist te inte­gr­eren in de richt­ing Cul­tu­urgeschiede­nis die ik voor mezelf had uit­gestip­peld) voor­bijk­wa­men. Ein­delijk stond ik open voor de lit­eraire canon die ik al die tijd links had lat­en liggen. In com­bi­natie met de achter­grond die ik vanu­it de studie Geschiede­nis kreeg, viel het me ineens veel makke­lijk­er om boeken te lezen die in de voor­bi­je eeuwen geschreven waren. Ingebed in de his­torische con­text kwa­men ze veel lev­endi­ger over en werd mij duidelijk hoe con­tro­ver­sieel of exper­i­menteel ze in hun jaren van ver­schi­j­nen waren geweest.

Een grote inhaal­slag was begonnen. Een­t­je die boven­di­en nog steeds aan de gang is, want de lijst van de klassiek­ers is er een­t­je die lang is en ges­taag groeiende. Niet dat ik me tegen­wo­ordig alleen maar tot de klassiek­ers beperk. Nadat ik in het laat­ste jaar mijn studie voor­ti­jdig moest stak­en is er vanzelf­sprek­end opnieuw veel veran­derd in mijn leesge­drag. Maar ik probeer toch zek­er elk jaar wel één of meerdere klassiek­ers te lezen. Want er zit­ten juweelt­jes tussen.

En nu is daar dan vraag 29 van #50books waar­bij ik weer eens ben aange­haakt:

Wat is je favori­ete klassiek­er?

Tja. Ik ben niet zo van de favori­eten. Ten­min­ste, niet een­t­je. Bij mij werkt het eerder dat ik een soort eigen lit­eraire canon opbouw op basis van de boeken die ik lees en die ìkzelf goed genoeg acht om ze op te nemen. Maar laat ik om de vraag te beant­wo­or­den niet al te moeil­ijk doen en hier een aan­tal klassiek­ers (selec­tie cri­teri­um: min­i­maal 100 jaar oud) ver­melden die mij op dit moment dier­baar zijn. Waar­bij ik wil aan­teke­nen dat dit mor­gen weer anders kan zijn.

Hier komen ze:

  • Ned­er­land: Woutert­je Pieterse door Mul­tat­uli
  • Duit­s­land: Der Tod in Venedig door Thomas Mann
  • Frankrijk: Can­dide door Voltaire
  • Ital­ië: De god­delijke kome­die door Dante
  • Span­je: Don Qui­chotte door Cer­vantes
  • Rus­land: Oblo­mov door Gonts­jarow
  • Enge­land: The Can­ter­bury Tales door Geof­frey Chaucer
  • Ameri­ka: Moby-Dick door Her­man Melville

Ze hebben de tand des tijds wat mij betre­ft terecht doorstaan.

~ ~ ~

Het #50books ini­ti­atief is spon­taan ontstaan ergens begin 2013, en nadat ik een jaar lang iedere week op de zondagocht­end een vraag ron­dom boeken en lezen had gepost, was DrsPee zo vrien­delijk om het stok­je in 2014 over te nemen.

~ ~ ~