Zegt de ene socialbot tegen de andere…

Afgelopen week­end las ik een artikel over nep-accounts op Twit­ter. Onder­zoek­ers van de Fed­er­al Uni­ver­si­ty of Minas Gerais in Brazil­ië hebben onder­zocht en bewezen hoe makke­lijk het is om zoge­naamde ‘social­bots’ in Twit­ter los te lat­en, die ver­vol­gens ‘een eigen lev­en’ gaan lij­den. Deze social­bots stellen op basis van voorge­pro­gram­meerde karak­ter­istieken zelf hun tweets op, rea­geren op andere tweets, gaan tweeps vol­gen en ver­garen zelf ook een schare vol­gers. Het afweer­mech­a­nisme van Twit­ter dat ontwikkelt is om deze social­bots op te speuren, wist er slechts enkele te ont­dekken. Het gros bleef echter ‘onder de radar’. 

Wat mijn fan­tasie vooral prikkelde, buiten het feit dat veel mensen van vlees en bloed niet in de gat­en had­den dat ze met een social­bot aan het ‘prat­en’ waren en het poten­tiële gevaar dat deze social­bots ingezet kun­nen wor­den om de pub­lieke opinie te manip­uleren (lees dat artikel!), is dat ze ook met elka­ar zouden kun­nen com­mu­niceren. Dat zou het lev­en een stuk overzichtelijk­er mak­en. Ter­wi­jl de social­bots op twit­ter, face­book en google+ elka­ar met rake one­lin­ers besto­ken, bli­jft er voor ons ein­delijk vol­doende tijd over om eens op ons gemak die artike­len en boeken te lezen waar we nu niet aan toe schi­j­nen te komen wegens tijdge­brek maar waar we wèl driftig over meep­rat­en.

Dit is ten­min­ste de strekking van een ver­taald artikel op nrc.nl, geschreven door Karl Taro Green­feld en eerder ver­sch­enen in de New York Times. Door­dat we onszelf geen tijd meer gun­nen om iets gericht te lezen, maar denken dat we alles moeten lezen en daar­door dus niets lezen, zijn we afhanke­lijk gewor­den van ander­man­s/-vrouws mening die we snel scan­nen en tot ons nemen op de social media. Maar indachtig het hier­boven aange­haalde artikel (al gelezen onder­tussen?) kan het zomaar zijn dat we niets anders doen dan de uitin­gen van social­bots overne­men en doorgeven:

Wie bepaalt wat we weten, welke opvat­tin­gen we meekri­j­gen en welke ideeën we herge­bruiken als onze eigen ondervin­din­gen?
Dat moeten dan algo­rit­men zijn, aangezien Google, Face­book, Twit­ter en de overige sociale media bin­nen het postin­dus­triële stelsel deze ingewikkelde wiskundi­ge mod­ellen gebruiken om pre­cies bij te houden wat we lezen, bek­ijken en kopen.
We hebben onze mening uitbesteed aan een stroom gegevens die ons tij­dens een eten­t­je uit de wind houdt, maar als jij en ik inter­es­sant zit­ten te doen over de film The Grand Budapest Hotel en we die geen van bei­den gezien hebben, zijn we eigen­lijk sociale media-feeds aan het vergelijken.

In feite inter­pre­teer ik bei­de artike­len als een plei­dooi voor onthaast­ing. Roep wat min­der ‘druk, druk, druk’, en accepteer dat je niet over van alles en iedereen een mening hoeft te hebben. Investeer daar­ente­gen in de zak­en die echt je inter­esse hebben en ont­dek dat je er daar­door ook veel meer van kunt geni­eten.

Ik geef hier­bij het goede voor­beeld en ga weer verder met lezen in Het liefdesleven van Nathaniel P., zodat ik op 15 juni a.s. mijn eigen mening over dit boek kan geven.

~ ~ ~