Zinvol geweldloos

Onder de car­port zit een ekster. Althans, wat er van over is. Ik kan er niet dicht genoeg bij komen om het beest­je in alle details te bekij­ken maar van een afstand kan ik al zien dat het mank is, een kapot­te (gebro­ken?) vleu­gel heeft en waar­schijn­lijk een oog mist. Het lijkt me een slacht­of­fer van agres­sie­ve inti­mi­da­tie zoals dat onder die­ren met ter­ri­to­ri­um­drift gebrui­ke­lijk is.
Inge raadt me aan de ekster te van­gen zodat ik hem snel uit zijn lij­den kan ver­los­sen door ‘m de nek om te draai­en. Als­of me dat zou luk­ken. Dat van die nek omdraai­en dus.
Kon ik ‘vroe­ger’ nog wel een vis vil­len of een kip slach­ten, nu moet ik daar niet aan den­ken1. Door de jaren heen ben ik een sof­tie gewor­den wat betreft geweld tegen­over die­ren.
En ik zeg bewust geweld want in mijn aller­jong­ste jaren heb ik me ooit laten opfok­ken door een stel klas­ge­no­ten om  bij wij­ze van expe­ri­ment de ach­ter­po­ten van een kik­ker te knip­pen met als doel te zien hoe hij zich dan zou voort­be­we­gen. Tot op de dag van van­daag schaam ik me daar nog steeds voor en net als Richard Papen uit The Secret His­to­ry word ik regel­ma­tig over­val­len door schuld­ge­voe­lens over wat ik alle­maal aan slechts heb uit­ge­haald: […]  Lees ver­der


  1. Het was daar­om dat ik met een men­ge­ling van bewon­de­ring en afgrij­zen keek naar de docu­men­tai­re Vlees­ver­lan­gen waar Marijn Frank (bekend van De Keu­rings­dienst van Waar­de) een koe neer­schiet in het slacht­huis.