Wanhoop — Nabokov

Het invul­len van een decla­ra­tie­for­mu­lier na een kort zaken­reis­je naar het bui­ten­land is tegen­woor­dig een bezig­heid op zich. Op mijn bureau heb ik een sta­pel bon­ne­tjes en ander bewijs­ma­te­ri­aal voor me lig­gen. Moe­de­loos bla­der ik door de ver­kreu­kel­de papier­tjes, op zoek naar de dag­koers voor de Brit­se pond. In de kant­lijn van mijn heen­tic­ket naar Bir­ming­ham zie ik het woord­je ‘Wan­hoop’ staan. En daar­on­der, ‘Nabok­ov’. Ik had het er zelf op geschre­ven ter­wijl de ste­ward uit­leg gaf over hoe de nood­uit­gang te ope­nen. Schuin voor me, aan de ande­re kant van het gang­pad, zat mijn ver­meen­de dub­bel­gan­ger. Wat ik zo van ach­ter kon zien, was dat hij lich­te­lijk kalend was.
Later, op mijn hotel­ka­mer heb ik gepro­beerd te ont­dek­ken of dat ook bij mij het geval was. […]  Lees ver­der